(101) 2016: – 95 jaar De Klassieker: Feijenoord-Ajax

De Nederlandse versie van ‘El Classico’

De Klassieker is de naam waaronder de wedstrijden tussen de voetbalclubs Ajax en Feyenoord in Nederland bekend staan. Door de grote rivaliteit tussen beide clubs horen deze wedstrijden, ongeacht de stand op de ranglijst, tot belangrijkste van het jaar. World Soccer plaatste de wedstrijd in juni 2008 op de vijfde plaats in hun 50 Greatest Derbies-lijst. Maar die vijfde plaats zegt genoeg. Die dekt gelijk die strijd en die passie die deze negentig minuten zo angstaanjagend mooi maken. De naam De Klassieker kwam overigens pas later (1974) en werd bedacht door Nieuwsblad van het Noorden.

De term Klassieker werd voor het eerst gebruikt op 14 oktober 1957 toen het communis- tische dagblad De Waarheid kopte: ‘Ajax verliest klassieker onder protest.’ En op 14 maart 1957 gebruikte, wederom, De Waarheid als aanhef: ‘Klassieker der techniek: Ajax- Feyenoord.’

Het begrip werd alleen nog niet exclusief gebruikt voor de ontmoetingen van Ajax en Feyenoord, want in dat jaar werd NAC – BVV ook als een klassieker omschreven, net als MVV – BVV (nota bene in een artikel over Ajax – Feyenoord!) en Ajax –Sparta. Het wemelde van de klassiekers en één daarvan was tussen Ajax en Feyenoord.

Op 23 september 1963 schreef Het Nieuwsblad van het Noorden: ‘Tenslotte dan de "topper" Feijenoord— Ajax, een wedstrijd vol sfeer, hartstocht en lange perioden van voortreffelijk spel. Een echte klassieker dus.’. Het stelselmatige gebruik in de Nederlandse dagbladen van De Klassieker is pas in de jaren 80 begonnen.

Dat dit artikel over de enige echte Klassieker in het Nederlands voetbal gaat behoeft waarschijnlijk enige uitleg. Want we kunnen ons voorstellen dat fans van FC Groningen, SC Heerenveen en Cambuur; FC Zwolle en Go Ahead Eagles; NEC en Vitesse, Fortuna Sittard, MVV en Roda JC; PSV en FC Den Bosch; Willem II en NAC, Sparta en Excelsior; FC Twente en Heracles; Quick Boys en Katwijk; IJsselmeervogels en Spakenburg er hun twijfels bij zullen hebben.

Maar ze zullen allemaal toegeven dat hun bloed niet alleen sneller gaat stromen als er gespeeld gaat worden tegen hun streek- of stadsgenoot. Nee er is één wedstrijd die de gemoederen altijd steevast bezighoudt Feijenoord-Ajax.

De twee grootmachten uit Amsterdam en Rotterdam

Volle stadia met felle fans, zenuwen die met lichtsnelheid door ieders keel gieren en zonder stoppen liederen en spreekkoren. Niet zelden hebben groepen supporters elkaar de hersens ingeslagen onder de noemer van tegenstellingen, niet zelden zijn seizoenen gemaakt of gebroken door uitslagen op het veld. Het is het duel tussen twee grootmachten van het Nederlands voetbal, het duel tussen de twee grootste en machtigste steden. De komst van Ajax brengt nergens zoveel teweeg als in Rotterdam-Zuid, de wedstrijden tussen de voormalig voetbalgrootmachten is door de jaren heen altijd van een andere dimensie geweest dan iedere andere voetbalwedstrijd. Ajax tegen Feyenoord. Of zoals volwassen supporters zeggen: 020 tegen 010.

Wedstrijden tussen Feyenoord en Ajax zijn altijd beladen, maar waarom eigenlijk? Waar komt de strijd tussen Rotterdam en Amsterdam vandaan?

Amsterdam en Rotterdam. Twee grote steden met veel overeenkomsten, maar vooral veel verschillen. Zo stond Rotterdam in het verleden vooral bekend als stad van de arbeiders, met een eenzijdige economie waarin alles werd ingezet op de industrie. Het meer bureaucratische Amsterdam werd na de Tweede Wereldoorlog economisch voorbij- gestreefd door de Zuid-Hollandse stad, waardoor de rivaliserende toon was gezet. Amsterdam werd namelijk gezien als culturele hoofdstad, maar Rotterdam had ook op dat gebied ambities.

De Margarine Eerste klasse’

De eerste vorm van rivaliteit tussen Feyenoord en Ajax ontstond in het jaar 1917. De Amsterdammers stonden destijds bekend als eliteclub, terwijl het een niveau lager acterende Feyenoord een typisch voorbeeld van een arbeidsvereniging was. In dat jaar speelde Ajax in de Eerste klasse, wat op dat moment het hoogste voetbalniveau in Nederland was.

De eerste vorm van rivaliteit ontstond in de seizoenen 1917/18 en 1918/19. Onder druk van clubs uit de lagere klasse werd er een Eerste klasse B opgericht, waarvan de kampioen mocht meestrijden om het landskampioenschap. De toenmalige Eerste klasse kende veel oudere, elitaire voetbalclubs waaronder Ajax, Sparta, HFC, HVV en HBS. Zij wilden zich liever niet mengen met deze lagere clubs waar onder meer Feyenoord, SVV, DFC en RFC deel van uitmaakten.

In deze periode kwam het nog niet tot een ontmoeting tussen Ajax en Feyenoord, maar werd de toon wel gezet tussen de oudere eliteclubs en de clubs uit de arbeidersklasse. Onder druk van de lagere teams werd er een Eerste klasse B opgericht, waarvan de kampioen mocht meestrijden om het landskampioenschap. De eliteclubs namen de Eerste klasse B niet al te serieus en onderstreepten dat met de bijnaam ‘Margarine Eerste klasse’. Hoewel Feyenoord en Ajax in dat jaar nog niet tegen elkaar speelden, was de tegen- strijdigheid een feit.

In 1921 promoveerde Feyenoord wel naar de Eerste klasse West. De Amsterdammers speelden sinds 1911 al in deze klasse en waren in 1918 en 1919 al landskampioen. Vanaf het seizoen 1921/22 speelden de twee clubs tegen elkaar en ontstond De Klassieker.

De eerste Klassieker: 9 oktober 1921

De toon werd meteen gezet in de eerste Klassieker. Ajax was al tweevoudig kampioen en op zoek naar eerherstel na in 1920 onttroond te zijn door Be Quick uit Groningen. Feyenoord stond diep in de schaduw van Sparta, dat haar glorietijd beleefde en inmiddels al vijf kampioenschappen achter haar naam had staan.

Beide ploegen beginnen het seizoen goed en in oktober treffen ze op elkaar in Rotterdam aan de Kromme Zandweg Er waren 10.000 toeschouwers, waarschijnlijk allemaal met hoed of pet op en de scheidsrechter was de heer W.S. Boas uit ‘s Gravenhage. De wedstrijd is traag en beide ploegen maken veel fouten er zijn wat kansen over en weer, maar het lijkt er op dat er na de rust nog steeds met de brilstand begonnen gaat worden. Maar plotseling is daar middenvelder Theo Brokmann die van ruime afstand op doel schiet en de lat raakt. De bal stuit naar beneden, op het veld, weer omhoog, en belandt in de handen van Feyenoord keeper Arend Moerman.

Direct ontstaat een felle discussie of de bal nou voor of achter de doellijn geweest is, tot de scheidsrechter besluit om het doelpunt toe te kennen. Na rust loopt Ajax uit tot 0-2 en 1-3. Maar kort voor het einde weet Feyenoord de achterstand wat dragelijker en eindigt de wedstrijd in 2-3.

Ajax gaat met de punten naar huis…. denken ze. De Rotterdammers besluiten protest in te dienen en onder druk wordt de 0-1 na de wedstrijd afgekeurd. Niemand weet of de bal echt de doellijn heeft gepasseerd of niet, want beelden bestaan niet en een objectieve toe- schouwer was ver te zoeken. Ajacieden hadden hem, net als de scheidsrechter, zien passeren. Feyenoorders zagen de bal op de lijn landen. Uiteindelijk werd de uitslag op 2-2 bepaald.

Als promovendus eindigden de Rotterdammers dat seizoen op de tweede plaats achter kampioen Blauw-Wit, met één punt voorsprong op eliteclub Ajax.

De wedstrijden tussen Ajax en Feyenoord blijven een leuke toevoeging aan het Nederlands voetbal. Op 21 januari 1923 treffen de ploegen elkaar voor de vierde keer en wint Feyenoord voor het eerst. In 1924 en 1928 worden de Rotterdammers bovendien kampioen, waarmee ze Ajax evenaren.

De eerste keer keer dat de club uit Rotterdam een overwinning op de aartsrivaal kon vieren was in het seizoen 1922/23. Ajax werd in eigen huis met 2-0 verslagen. De eerste keer dat er in onderlinge duels een grote uitslag werd neergezet door een van de ploegen was in 1931, toen Feyenoord met liefst 5-2 aan het langste eind trok. Ajax revancheerde zich twee jaar later in eigen huis, toen de Rotterdammers met 7-1 aan de kant werden gezet.

In zes jaargangen van de kampioenscompetitie treffen de twee ploegen elkaar. De eerste keer, in 1927, gaat Heracles met het kampioenschap aan de haal. In 1928 en 1936 trekt Feyenoord echter aan het langste eind, terwijl in 1931, 1932 en 1937 het landskampioen- schap naar Amsterdam gaat.

Het ontstaan van De Klassieker

In de vroege dagen van het voetbal waren wedstrijden tussen Ajax en Feyenoord helemaal niet zo bijzonder. Goed, ze kwamen weinig voor omdat beide ploegen in verschillende regio’s speelden, maar wanneer de ploegen wel op elkaar troffen was het gewoon één van de vele wedstrijden tussen een Amsterdamse en een Rotterdamse ploeg. In Amsterdam speelden ploegen als Blauw-wit, DWS en de Volewijckers ook dikwijls in hogere af- delingen. Vanuit Rotterdam werden Sparta, Xerxes en Excelsior vaak genoeg afgevaardigd.

De twee ploegen blijven het door de jaren heen goed doen, maar zijn zelden de beste van Nederland. In 1960 pakt Ajax de titel en een jaar later pakt Feyenoord het eerste lands- kampioenschap sinds 21 jaar, dat het seizoen erop geprolongeerd wordt. Het is een voorbode van een Amsterdams-Rotterdamse dominantie in het Nederlands voetbal. In 1963 wint PSV nog, maar in 1964 haalt DWS de landstitel terug naar Amsterdam. Tussen 1965 en 1974 wisselt de titel tussen Feyenoord en Ajax. De nummer twee is, met uitzon- dering van het begin- en eindjaar, altijd ‘de ander’. Het is het moment dat de tweestrijd van een interessant duel een echte klassieker wordt.

10 maart 1968. Ajax-Feyenoord 1-0. Verwarring voor het Feyenoord doel met vlnr: Guus Haak, Piet Romeyn, Ruud Suurendonk, Thijs Libregts, Hans Kraay, Johan Cruijff, " Eddy PG" en Henk Groot.
foto: ANP/Ruud Hoff

Het hoogste bezoekersaantal ooit bij De klassieker was op 9 januari 1966, toen 65.562 toeschouwers Feyenoord en Ajax met 1-1 gelijk zagen spelen in de Kuip. Omdat de staanplaatsen in de Kuip zijn weggehaald, kan dit aantal in de huidige stadions niet geëvenaard worden. Verder staat de klassieker altijd garant voor doelpunten, want slecht één keer werd met 0-0 gelijkgespeeld. Dat was op 28 oktober 1978 in Amsterdam.

Ajax – Feijenoord de enige echte Klassieker

‘De enige voetbalklassieker van Nederland’ wordt her en der geroepen. En dat klopt wanneer je kijkt naar de omvang van de supporterslegioenen, de stadions en de media-aandacht. We schrijven de Klassieker niet voor niets met een hoofdletter; er is er maar eentje, en dat is die tussen Ajax en Feijenoord.

De reden dat de wedstrijden tussen Ajax en Feijenoord Klassiekers zijn, en dat ook zullen blijven, is dat die wedstrijden in het verleden (vandaar de term ‘Klassieker’) meer waren dan enkel een wedstrijd. Alhoewel de wedstrijd al enkele jaargangen niet meer het statuur heeft van een topwedstrijd, maar dat doet er niet toe. Ajax tegen Feijenoord is en blijft dé Klassieker, omdat de wedstrijd zo’n beladen verleden heeft.

Mensen die PSV tegen Ajax ook een Klassieker noemen halen de betekenis en connotatie van het woord door elkaar. De wedstrijden tussen Ajax en Feijenoord zijn middels con- notatie aan het woord Klassieker verbonden. Dat wil zeggen dat we op arbitraire wijze eigenschappen aan het woord toekennen, in dit geval ‘wedstrijd tussen Ajax en Feijenoord’. In principe had die definitie aan welk ander woord dan ook verbonden kunnen worden. Men gaat echter in de fout door kenmerken van de woordenboekdefinitie mee te nemen in de arbitraire betekenis van ‘Klassieker’.

Bekende koppels uit de jaren zestig Klassieker: Rinus Israël (koppend) tegen Johan Cruijff en toekijkend Piet Romeijn met Piet Keizer.
foto: Daily Mail

Is het ook een klassieker op sportief historische gronden zoals bijvoorbeeld Barcelona – Real Madrid, twee clubs die ieder jaar om de landstitel strijden? Alleen wanneer je ver terug gaat in de geschiedenis van het betaalde voetbal. Tot halverwege de jaren 70 was PSV één keer kampioen geworden, kwamen alle andere kampioenen uit de randstad en ging de strijd bijna ieder jaar tussen Ajax en Feyenoord.

Dat veranderde toen PSV in 1975 voor de tweede keer in de geschiedenis van het betaalde voetbal kampioen werd. Sindsdien wordt de strijd om het kampioenschap vooral tussen Ajax en PSV gevoerd en gaat de kampioensschaal steeds vaker naar een club buiten de randstad: sinds de eeuwwisseling gebeurde dat zelfs 7 van de 11 keer.

De tijd dat Ajax- Feyenoord als klassieker in sportief opzicht vergelijkbaar was met Barcelona-Madrid is lang geleden. Om je dat te kunnen herinneren moet je imiddels boven de 50 zijn.

Maar, wat maakt het uit: ook al is het dit jaar een subtopper tussen de nummer 6 en de nummer 4, het is bijna altijd een spectaculaire wedstrijd in een geweldige entourage.

Transfers van Ajax naar Feijenoord en vice versa

Ook tussen de spelers van beide clubs heerste er een bepaalde rivaliteit, maar dat weerhield Henk Groot er in 1965 niet van om als eerste speler de pikante overstap van Ajax naar Feyenoord te maken. De toenmalige spits werd door de Rotterdammers voor 250.000 gulden overgenomen. Niet veel later werd Groot voor een destijds fors bedrag van 400.000 gulden weer teruggekocht, waarmee hij ook gelijk de eerste Feyenoorder was die de overstap maakte naar Ajax. De eerste doelman die werd getransfereerd was Eddy Pieters Graafland. De doelman verruilde Rotterdam in 1958 voor een avontuur in de hoofdstad. Vervolgens waagden er nog talloze spelers de overstap naar de aartsrivaal.

Wim Jansen, Jan Everse en Arnold Scholten verruilden Feyenoord voor Ajax, terwijl onder meer Theo van Duijvenbode, René Notten, John van Loen, Angelos Charisteas en Ronald Graafland de omgekeerde weg bewandelde. De meest opzienbarende transfer was natuurlijk die van Johan Cruijff. De legendarische nummer veertien raakte in 1983 in conflict met Ajax-voorzitter Ton Harmsen, die vond dat Cruijff te oud was geworden en daarom weigerde diens salaris van anderhalf miljoen gulden uit te betalen. Gedreven door wraakgevoelens verbijsterde de wereldvoetballer alle Amsterdamse fans door over te stappen naar Feyenoord.

Theo van Duijvenbode vertrok in 1969 naar Feyenoord. In de eerstvolgende klassieker nam hij sportieve revanche door in Rotterdam het enige doelpunt (foto) van de wedstrijd te maken.
foto: ANP

Hoewel de Rotterdamse supporters in eerste instantie niet blij waren met de komst van het Ajax-icoon, veroverde de aanvaller al snel de harten door zijn meerwaarde te bewijzen op het voetbalveld. Onder aanvoering van Cruijff grijpt Feyenoord zowel de landstitel als KNVB Beker. Wat die prestatie extra bijzonder maakt, is het feit dat de voetballer uit Betondorp op dat moment 37 jaar is, wat oud is voor een profvoetballer. Aan het einde van het seizoen kondigt Cruijff zijn definitieve afscheid aan.

Ook nu zijn er nog voetballers die van aartsrivaal verwisselen. Het recentste voorbeeld is Kenneth Vermeer. De doelman is afkomstig uit de jeugdopleiding van Ajax, maar verloor in het seizoen 2013/14 zijn basisplaats aan Jasper Cillessen. Omdat de Amsterdamse club de sluitpost een mooie transfer gunt, is de clubleiding bereid om mee te werken aan een vertrek. Wanneer Winnie Haatrecht, de zaakwaarnemer van Vermeer, aan directeur Marc Overmars vraagt hoeveel Nederlandse clubs precies moeten betalen voor de doelman, noemt deze een bedrag.

Daarbij zou Overmars echter niet geweten hebben dat aartsrivaal Feyenoord Vermeer wil hebben. De Rotterdammers voldoen vervolgens aan de vraagprijs van Overmars en haalt de sluitpost definitief binnen. Ajax-trainer Frank de Boer zou niet veel later melden dat hij zich ‘genaaid’ voelt door Vermeer.

Ajax – Feyenoord: 10 gedenkwaardige edities van de Klassieker.

1. Feyenoord Ajax 2-2 (9 oktober 1921)

Op 9 oktober 1921 speelde de ‘eliteclub’ Ajax voor het eerst tegen ‘arbeidersclub’ Feyenoord. Feyenoord is het seizoen ervoor gepromoveerd naar de Eerste Klasse. De Amsterdammers reizen hiervoor naar Rotterdam af. Om problemen door de verwachte massale belangstelling te voorkomen organiseert Feyenoord een –in deze tijd nog ongebruikelijke- voorverkoop.

Ajax neemt nog voor rust de leiding (0-2), Feyenoord komt na rust terug (1-2). In de 75e minuut wordt Ajacied Fons Pelser van het veld gestuurd. Niet met een rode kaart, want die werd pas een halve eeuw later ingevoerd. Feyenoord mist de strafschop en krijgt nog een doelpunt tegen. Uiteindelijk zet de Feyenoorder Formenoy kort voor tijd de eindstand (2-3) op de borden. Maar… direct na de wedstrijd tekenen de Rotterdammers protest aan tegen de eerste goal van Ajax. Enkele weken later buigt de protestcommissie zich hierover en wordt besloten het eerste doelpunt van Ajax te annuleren. En zo eindigt de eerste Klassieker in een gelijkspel: 2-2.

Het Feijenoord elftal in 1914
foto: onbekend

2. Feijenoord – Ajax 7 -3 (11 november 1956)

De doelpuntenregen barstte meteen tijdens de allereerste editie in de Eredivisie los. In november 1956 toog het Ajax van onder meer Rinus Michels volle goede moed naar de Kuip. Een paar uur later dropen de dolgedraaide Amsterdammers met een 7-3 zeperd op zak af naar huis. Aan de hand van de uitstekende Coen Moulijn, Cor van der Gijp en Daan den Bleijker liep Feyenoord in de eerste helft al uit naar een ongekende 5-0 voorsprong.

Een tegentreffer van Wim Bleyenberg kon de thuisploeg niet afstoppen en Den Bleijker zette na ruim een uur met zijn vierde goal de 7-1 op het bord. De twee late doelpunten van Ajax, (Rinus Michels 7–2, Piet Ouderland 7–3), konden de eer niet meer redden.

Het elftal van Feyenoord in 1956, met staand vlnr Piet Steenbergen, Gerard Kerkum, Henk v.d. Bijl, Hans van der Hoek, Tinus Osterholt, Rinie van Woerden. Gehurkt vlnr: Daan den Bleijker, Aad Bak, Cor v.d. Gijp, Henk Schouten en Coen Moulijn.
foto: ANP

3. Feyenoord – Ajax 9-5 (28 augustus 1960)

Het doelsaldo van de nummers 1 en 2 van het seizoen 1960/1961 geeft een merkwaardige aanblik. Vice-kampioen Ajax scoort 102 keer en incasseert 51 tegentreffers. Kampioen Feyenoord doet nauwelijks onder voor zijn grote rivaal: 100 doelpunten voor, 40 goals tegen. Dat de wedstrijd in Rotterdam op een schuttersfestijn uitdraait, wekt dan ook geen verbazing. Er vallen veertien doelpunten, waarvan zeven in beide helften. Feyenoord doet het na een 5-2 ruststand allerminst rustig aan en blaast Ajax met 9-5 omver. Veertien goals in een Eredivisie-wedstrijd is een nog altijd ongeëvenaard record.

Henk Schouten was ditmaal de grote man met vier goals voor Feyenoord, terwijl Van der Gijp twee keer doel trof. Mister Feyenoord Moulijn en Mister Ajax Sjaak Swart stonden eveneens op het scoreformulier tijdens de recordwedstrijd. Vier jaar later kwam Feyenoord in de buurt van de monsterscore. De teller stokte in 1964 pas bij 9-4.

28 augustus 1960: Feyenoord – Ajax 9-5. de meest doelpuntrijke wedstrijd ooit in de Eredivisie.
foto: onbekend

4. Intertoto finale: Ajax – Feijenoord 4-2 (26 april 1962)

Het Olympisch Stadion was ruim een halve eeuw geleden de plek waar Ajax zijn eerste grote internationale prijs won: de Intertoto. Dat gebeurde op 26 april 1962 in een finale tegen – nota bene – Feyenoord. Een vergeten finale. De International Football Cup van 1961-62 was de eerste editie van het Europese voetbaltoernooi, dat later de Intertoto Cup zou gaan heten. De Intertoto werd in 2009 samen met de UEFA Cup samengevoegd tot de bekende Europa League.

Op 26 april zaten daar ruim 40.000 toeschouwers voor een bijzonder spannende wedstrijd, In de eerste helft, waarin met name Sjaak Swart op dreef was, gaat het spel op en neer en komt Feyenoord twee keer van een achterstand terug, in een finale die tot de ruststand 2-2 gelijkop ging. Ajax in de tweede helft 3-2 voor komt te staan zoekt Feyenoord de aanval. Helaas komt Feyenoord niet verder dan een bal op de lat van Pummy Bergholtz en een buitenspeldoelpunt van Henk Schouten.

Ajax-trainer Keith Spurgeon zag tot zijn tevredenheid Henk Groot driemaal toeslaan, Broer Cees Groot had al vroeg in de wedstrijd Ajax op voorsprong gebracht. Henk Groot besliste in de laatste minuut van de wedstrijd met een goal definitief de wedstrijd. Het leverde Ajax de eerste internationaal aansprekende trofee op in de Amsterdamse prijzenkast.

Ajax won zo voor de eerste keer een Europese hoofdprijs, maar desondanks is er geen enkele bewegend beeld terug te vinden. Waarschijnlijk waren alle beschikbare camera’s toen in gebruik om elke beweging vast te leggen van Benfica en Real Madrid, die op 2 mei 1962 in het Olympisch Stadion de Europa Cup 1-finale speelden.

In het seizoen 2001-2002 speelden Feyenoord en PSV trouwens in de de kwartfinale van de UEFA Cup tegen elkaar. Veel sportjournalisten omschreven dit treffen toen als de eerste Europese wedstrijd ooit tussen twee Nederlandse teams. Dat was dus niet zo, want dat gebeurde al op 26 april 1962.

1962: Feijenoord – Ajaz 1-1, met onder meer Tonny Pronk (Ajax) in het midden en rechts Piet Kruiver (Feijenoord.
foto: onbekend

5. Feyenoord – Ajax 9-4 (29 november 1964)

In meerdere opzichten hoort deze editie in deze bijzondere ontmoetingen thuis. Niet alleen was het de eerste keer dat Johan Cruyff voor Ajax naar de middenstip mocht lopen. Vooral Feyenoord-legende Coen Moulijn en Hans Venneker vallen op in dit duel. Venneker was eerst doelman, maar bleek als spits een stuk beter uit de voeten te kunnen. Jeugdspeler Hans Venneker had nog maar net zijn Feyenoord-debuut gemaakt en mocht starten in de basis. En hoe! Hij scoorde vijf keer en verzekerde zichzelf daarmee van een basisplaats.

Het werd de vijfentwintigste overwinning op Ajax in 53 officiële wedstrijden met een einduitslag van 9-4. De Ajacieden hadden vele jaren later nog altijd het excuus dat doelman Bertus Hoogerman die dag de contactlenzen van zijn vrouw in had… Het publiek schreeuwde om de tien, maar dat had – technisch gezien – niet eens gekund: de oude scoreborden liepen maar tot negen…Voor Feyenoord is het de grootste overwinning op Ajax ooit.

Op 29 november 1964 eindigt Feyenoord – Ajax in 9-4. Bij rust staat het al 5-2. Hier maakt Hans Venneker de 2-2.
foto: VI

6. De mistwedstrijd (21 januari 1968)

Niemand ziet een hand voor ogen bij de klassieker Ajax – Feyenoord op 21 januari 1968 in Amsterdam. Een dikke mist hangt in het Olympisch Stadion.

Na een half uur spelen bij de stand 1-1 wordt het duel terecht gestaakt. Met doelpunten die niemand heeft gezien: Paja Samardzic (0-1) en Sjaak Swart (1-1). Net als rivaal Ajax, die in 1966 de beroemde mistwedstrijd speelde in de Europacup tegen Liverpool, heeft nu ook de Klassieker zijn eigen ‘mistwedstrijd’.

Het bepalen van een nieuwe datum was een probleem, omdat Feyenoord geen zin had om nog in dezelfde week voor de tweede keer naar Amsterdam te komen. De VARA vond het nodig om hierover een bliksemenquête te houden, waarop 12.420 mensen reageerden. In Achter het Nieuws werd de uitslag bekendgemaakt: 54% was het niet eens met Feyenoord en 46% wel. Heel verrassend – duh – was dat van de Rotterdamse bellers bijna negentig procent wél vond dat Feyenoord in zijn recht stond door niet meteen de replay te willen spelen. Het was zelfs zo’n hot item in deze stad dat de lijnen naar de VARA vanaf Rotterdam tijdelijk onbereikbaar waren!

Op 10 maart werd uiteindelijk de gestaakte wedstrijd gespeeld, die door Ajax met 1-0 werd gewonnen. Het tv-verslag hiervan wordt voor de eerste keer in Nederland in kleur uitgezonden.

januari 1968: De gelijkmaker gemaakt door Sjaak Swart. V..n.r. Kraay, Jansen, Veldhoen, Swart, Israël en doelman Eddy Pieters Graafland
foto: onbekend

7. Feyenoord – Ajax: 1-5 (15 april 1972)

In het seizoen 1971-1972 stond het Nederlandse clubvoetbal op zijn absolute top. De Feyenoord- Ajax van 1972 is een strijd tussen twee Europese grootmachten: Feyenoord had in 1970 de Europa Cup 1 gewonnen en Ajax een jaar later. De wedstrijd zou, onder andere door een wervelend optreden van Johan Cruijff en Piet Keizer, eindigen in 1-5 voor de Amsterdammers.

1972 was toch al een bijzonder Feyenoord – Ajax jaar. Op 12 januari 1972 stond Nederland op de rand van een burgeroorlog. De toekomst van ons land lag in handen van de Zwitserse atlete Meta Antenen, die de loting verrichte voor de kwartfinales van de Europa Cup 1. De kans dat Ajax aan Feyenoord werd gekoppeld was één op vijf. Beide clubs bereikten de laatste acht en toen werd het spannend. De nationale rivaliteit tussen Amsterdam en Rotterdam, tussen Ajax en Feyenoord, zou wel eens op internationaal niveau uitgevochten kunnen worden.

De belangen werden dus aanzienlijk groter: Feyenoord wilde de Europa Cup terug, die het aan Ajax was kwijt geraakt, en zou dat dan kunnen doen door die aartsrivaal zelf uit te schakelen. Ajas daarentegen wilde de Europa Cup behouden, die het van Feyenoord had overgenomen, en zou dat dan kunnen doen door die aartsrivaal zelf uit te schakelen. Kortom: die kwartfinale (die nooit gespeeld zou worden) zou dan ergens over gaan en het Nederlandse voetbal kunnen scheiden in elkaar betwistende kampen.

De Rotterdamse Kuip had een speciale betekenis voor Ajax dit seizoen. Op 15 April stelde Ajax met de 1-5 winst op Feyenoord de titelprolongatie zo goed als veilig, maar dat was niet de enige band met de Kuip dit seizoen. De finale van de KNVB Beker werd er gespeeld, en gewonnen door, ……Ajax. Maar ook de finale van de Europcup I stond dit jaar gepland in de Rotterdamse Kuip en u raadt het al, ook die werd door Ajax gewonnen.

april 1972: Feyenoord tegen Ajax 1-5, eerste doelpunt van Ajax, rechts een juichende Johan Cruyff
foto: Wikipedia

8. Ajax- Feyenoord 6-0 (1 november 1975)

Ruud Geels speelde in deze Ajax-Feyenoord waarschijnlijk de beste wedstrijd van zijn carrière. In een wervelende voetbalshow scoorde de spits maar liefst vijf keer! Geels zelf zat er vooral mee dat zijn zesde doelpunt werd afgekeurd. Verder herinnert niemand zich dat meer. Wel blijven de beelden van de vijf doelpunten op het netvlies hangen: stuk voor stuk beauties. Een van zijn treffers, een snoeiharde kopbal, werd aan het einde van het seizoen bekroond tot doelpunt van het jaar.

Geels kopte de loepzuivere voorzet van Gerrie Mühren als een komeet achter Feyenoord-doelman Eddie Treijtel. Ruud Geels sprong niet gewoon, hij zweefde, net zolang tot zijn voorhoofd op exact de juiste hoogte tegen de bal kletste. Die avond zweefde de blonde aanvaller langer en verder dan ooit. Hij sprong over Willem van Hanegem heen alsof die er niet stond. Geels hing al in de lucht toen Van Hanegem hem nog een doodschop wilde geven, maar hij kon er niet bij. Achteraf zou Van Hanegem zeggen dat het leek of Geels uit de lichtmasten kwam gevallen.

Ajax vernederde Feyenoord met 6-0. Voor de Rotterdammers was het dubbel pijnlijk: met grote cijfers verliezen van de eeuwige rivaal én de spits die men zelf had laten gaan, vijf keer zien scoren. Dat viel niet mee.

Vooral de tweede goal van Ruud Geels, de 3-0, is spectaculair. Het mooiste kopdoelpunt aller tijden
foto: onbekend

9. Ajax – Feyenoord in 8-2 (18 september 1983)

In zijn laatste jaar als voetballer, het seizoen 1983/1984, wil Johan Cruijff met de grote rivaal Feyenoord revanche nemen op Ajax, de club waar hij vanwege ruzie met het bestuur vertrokken is. Johan Cruijff slaagt in zijn missie. Hij wint de titel én de beker met de Rotterdammers, terwijl Ajax niet verder komt dan de derde plaats in de eredivisie. Toch gaat het ook in dat seizoen een keer flink mis voor Cruijff. Nota bene op bezoek bij Ajax wordt Feyenoord, met ook Ruud Gullit in de gelederen, weggevaagd. Het Deense talent Jesper Olsen is die regenachtige middag in september niet te houden voor de Feyenoord-defensie. Marco van Basten evenmin. De Amsterdammers winnen in het Olympisch Stadion met 8-2.

Nog steeds de grootste overwinning van Ajax op Feyenoord ooit. De wedstrijd tussen Ajax en Feyenoord van zondag 18 september 1983 had iets extra’s. Johan Cruijff speelde mee bij Feyenoord en het duel eindigde in een waar doelpuntenfestijn met in de hoofdrollen Jesper Olsen en Marco van Basten.

Ajax kwam op een 3-0 voorsprong door doelpunten van Jesper Olsen, Marco van Basten en een (mooi) doelpunt van Peter Boeve.Toch is Feyenoord niet slechter. Gullit stoomt zoals altijd op rechts vooruit en geeft voor op clubtopscorer Peter Houtman en die knalt, zoals het een goede spits betaamt in de 27e minuut de 3-1 binnen. In de 33e minuut scoort Henk Duut de aansluitingstreffer.

Na een corner van Jesper Olsen scoort Keje Molenaar 4-2. Feyenoord kiest dan voor de aanval en Ajax voor de vlijmscherpe counters. In één van die counters begaat Michel van der Korp een overtreding op Jesper Olsen. De penalty werd benut door Ronald Koeman 5-2. Marco Van Basten en Jesper Olsen brachten de score bijna achteloos naar 7-2. Vlak voor tijd scoorde Van Basten met een prachtige stiftbal de uiteindelijke 8-2.

18-9-1983: Marco van Basten scoort het zesde doelpunt tegen Feyenoord tijdens Ajax-Feyenoord 8-2. Doelman Hiele is kansloos.
foto: ANP

10. Feyenoord – Ajax in 1984: 4-1 (26 februari 1984)

Een jaar na de monsterzege van Ajax is het Feyenoord dat de Amsterdammers pijn doet. Het veld staat vol iconen: onder andere Frank Rijkaard, Johan Cruijff en Ruud Gullit. Die laatste twee vinden het doel voor de Rotterdamse ploeg.

Cruijff speelde bij Feyenoord niet met het nummer 14 dat hij bij Ajax droeg. In Rotterdam had hij het nummer 10 overgenomen van Willem van Hanegem, die het seizoen daarvoor was gestopt. Cruijff was bij Feyenoord ook geen aanvoerder. Dat was Wijnstekers.

Cruijff maakte hij van dichtbij de 2-1 tegen Ajax. De bal vloog tegen het dak van het doel. Cruijff draaide zich om en juichte zoals hij bij Ajax altijd gejuicht had. Een aanloop en op het hoogste punt van een sprong een zwaai naar voren met zijn rechterarm. Voor even was het Rotterdamse publiek Cruijffs herkomst vergeten.

Één keer in zijn leven scoorde Cruijff in een officiële wedstrijd tegen Ajax. Van dichtbij, met links, uit een afgeslagen corner
foto: George Verberne

De stand (bijgewerkt t/m 23 oktober 2016)

Competitie (Eredivise): 157 wedstrijden

Ajax won 68 wedstrijden.
Doelpunten: 328
Feijenoord won 45 wedstrijden.
Doelpunten: 246
Gelijkspel 44 wedstrijden.

Vijandige sfeer tussen supporters Ajax en Feyenoord

De wedstrijd staat ook bekend om de rellen tussen beide clubs. En de spreekkoren tussen beide clubs, waar Ajax supporters joden worden genoemd en Feyenoorders kakkerlakken. Helaas blijft het niet bij spreekkoren want sinds de jaren zeventig zijn er vele rellen geweest tussen supporters van beide clubs. De bekendste is de slag bij Beverwijk op 23 maart 1997, waarbij Carlo Picornie om het leven kwam. Meestal richt het geweld zich op supporters van de tegenpartij, maar in 2004 werden op Sportpark De Toekomst, bij een wedstrijd van de beloftenelftallen, spelers van Feyenoord (onder anderen Robin van Persie) aangevallen door Ajax-hooligans. Sindsdien worden wedstrijden van lagere elftallen gespeeld in Stadion Woudestein en in de Amsterdam ArenA. Sinds 2009 zijn er ook geen uitsupporters meer welkom tijdens deze wedstrijden.

De Klassieker in de KNVB beker

In 2010 werd de KNVB Beker-finale ver twee wedstrijden gespeeld. Een uitzondering, helaas met donker randje. Dat kan ook alleen maar voor de Klassieker gelden, een duel zo speciaal, dat regels ervoor worden veranderd.

De bekerfinale van 2010 was in vele opzichten een bijzondere. Ajax en Feyenoord stoomden af op een frontale botsing en meteen grepen de bondsbazen uit Zeist in de haren. Want gold er niet een meereisverbod voor supporters van beide clubs bij de Klassieker? Geboren uit de wetenschap dat het in het verleden zo vaak misging tussen de rivaliserende fans? De grote vraag: hoe was het in hemelsnaam eerlijk en sportief op te lossen, zonder dat alleen Feyenoord het thuisvoordeel van de eigen Kuip genoot?

De KNVB kwam met een oer-Hollands poldermodelletje als oplossing: het duel moest dan maar over twee ontmoetingen worden afgewerkt, in beide speelsteden. Met eerst een clash in Amsterdam, op 25 april.

Door twee snelle goals van Siem de Jong (2-0) leek de return op 6 mei een lastig karwei te worden voor de Rotterdammers. De doemdenkers aan hun zijde kregen gelijk: in de Kuip werd het 1-4, door opnieuw voltreffers van De Jong (twee) en een duo-productie van Luis Suárez.

Ajax en Feijenoord troffen elkaar vijftien keer in de KNVB-beker (sinds de invoering van het betaald voetbal). De balans is in evenwicht: zeven overwinningen voor zowel Feyenoord als Ajax en één keer gelijk.

1. 2 april 1967. Eerste ronde: Ajax – Feyenoord 3–1
Klaas Nuninga (1–0), Piet Keizer (2–0), Johan Cruijff (3–0), Thijs Libregts (3–1)
2. 9 maart 1969. Achtste finale: Ajax – Feyenoord 1–2
Ove Kindvall (0–1), Ton Pronk (1–1), Ove Kindvall (1–2)
3. 7 april 1971. Kwartfinale: Feyenoord – Ajax 1–2
Wim Jansen (1–0), Sjaak Swart (1–1), Dick van Dijk (1–2)
4. 17 mei 1980. Finale: Feyenoord – Ajax 3–1
Frank Arnesen (0–1), Petur Petursson (1–1), Carlo de Leeuw (2–1), Petur Petursson (3–1)

Feijenoord tegen Ajax 3-1, KNVB beker finale 1980
foto: onbekend

5. 1 februari 1984. Achtste finale: Ajax – Feyenoord 2–2
Peter Houtman (0–1), Frank Rijkaard (1–1), Ruud Gullit (1–2), Marco van Basten (2–2)
6. 15 februari 1984. Achtste finale: Feyenoord – Ajax 2–1
Peter Houtman (1–0), Marco van Basten (1–1), Peter Houtman (2–1)

Bij deze editie van het toernooi werd gespeeld volgens het replay-systeem: bij een gelijke eindstand, werd er een extra wedstrijd gespeeld en daarna pas een eventuele verlenging.

7. 8 maart 1992. Kwartfinale: Feyenoord – Ajax 1–0
Rob Witschge (1–0)
8. 31 maart 1993. Halve finale: Feyenoord – Ajax 0–5
Edgar Davids (0–1), Dennis Bergkamp (0–2), Edgar Davids (0–3), Dennis Bergkamp (0–4), Edgar Davids (0–5)
9. 8 maart 1995. Kwartfinale: Ajax – Feyenoord 1–2
Ronald de Boer (1–0), Ruud Heus (1–1), Mike Obiku (1–2)
10. 14 april 1999. Halve finale: Ajax – Feyenoord 2–1
Wamberto (1–0), Jean-Paul van Gastel (1–1), Mario Melchiot (2–1)
11. 30 november 2003. Halve finale: Feyenoord – Ajax 1–0
Paul Bosvelt (1–0)
12. 25 april 2010 Finale: Ajax – Feyenoord 2–0
Siem de Jong (1–0), Siem de Jong (2–0)
13. 6 mei 2010. Finale: Feyenoord – Ajax 1–4
Luis Suárez (0–1), Siem de Jong (0–2), Jon Dahl Tomasson (1–2), Siem de Jong (1–3), Luis Suárez (1–4)

De finale werd in april en mei 2010, eenmalig, over twee duels gespeeld in de Amsterdam ArenA en Stadion Feijenoord te Rotterdam. Recordbekerwinnaar Ajax won voor de 18e keer de beker. De finale zou oorspronkelijk worden gespeeld op 25 april in De Kuip. Op 15 april maakte de KNVB echter bekend dat de finale over twee duels gespeeld zou worden in verband met dreigende supportersrellen. De eerste finale werd in Amsterdam gespeeld op de oorspronkelijke datum. De return volgde op 6 mei in Rotterdam.

14. 22 januari 2014. Kwartfinale: Ajax – Feyenoord 2–0
Siem de Jong (1–0), Siem de Jong (2–0)
15. 28 oktober 2015. 3e ronde: Feyenoord – Ajax 1–0
Joël Veltman (E.D.) (1–0)

Verliest de Klassieker Ajax – Feyenoord glans ?

Volgens de voetbaliconen Sjaak Swart (Ajax) en Rinus Israël (Feijenoord) heeft de Klassieker veel van zijn glans verloren.

"Vroeger was Ajax – Feyenoord, en misschien is de vergelijking niet helemaal correct, een wedstrijd als AC Milan tegen Inter of Barcelona tegen Real Madrid. Toen telden we in Europa nog mee als clubs", vertelt Israël aan Voetbal Inside. "Ajax en Feyenoord be- hoorden tot de betere clubs in Europa. Dat waren dan ook grote wedstrijden, maar tegenwoordig tellen ze niet meer mee."

Swart gaat nog een stapje verder. "Het is niet echt een Klassieker meer", stelt Mister Ajax. "Vroeger werd er drie weken van te voren al over gesproken, was het al uitverkocht, met alles erop en eraan." De belangen zijn nu simpelweg minder groot, constateren de helden van weleer. "Soms was de voorsprong van Ajax iets te groot, maar vroeger ging het altijd om het kampioenschap", aldus IJzeren Rinus.

"Ik kan me jaren herinneren dat we in totaal maar vijf of zes punten kwijt waren. Als het er acht waren geweest was Feyenoord kampioen geweest. Moet je nu kijken wat de bovenste al aan punten heeft verspeeld", besluit Swart.

El Clásico: Real Madrid – Barcelona

El Clásico (Catalaans: El clàssic, Nederlands: De Klassieker) is de benaming voor de wedstrijd tussen de voetbalclubs FC Barcelona en Real Madrid. Andere veel gebruikte namen zijn Derby van het Heelal, Superclásico of simpelweg El Derbi. Deze wedstrijd geldt als de grootste voetbalklassieker van Spanje en misschien wel van de wereld.

Enkele maanden na de oprichting van de club, speelde Madrid CF ter gelegenheid van de kroning van Alfons XIII tegen FC Barcelona. De Catalaanse club won met 3-1 en het was de eerste van de vele wedstrijden die beide clubs tegen elkaar zouden spelen. In de loop der jaren zou de relatie tussen de twee clubs uitgroeien tot &eacuteé van enorme rivaliteit en onderlinge duels zouden aangeduid worden als de Derby van het Heelal.

In tegenstelling tot de meeste derby’s, is het geen wedstrijd tussen twee clubs uit dezelfde plaats of streek, maar een wedstrijd met een langdurige politieke achtergrond. Barcelona is de hoofdstad van Catalonië, waarvan veel inwoners geen band met Spanje voelen. Madrid is de hoofdstad van Spanje en de Madrilenen zien Catalonië als deel van Spanje. Jarenlang werd de Catalaanse cultuur en identiteit door het Madrileens gezag onderdrukt, eerst door Miguel Primo de Rivera in de jaren twintig en daarna door Francisco Franco tot 1975. Scheidsrechters leken, al dan niet op bevel van hogerhand, Real Madrid stelselmatig te bevoordelen. Dat werd dan door de Barça-aanhang beantwoord met een spreekkoor: "Así, así, así gana el Madrid" (zo, zo, zo wint Madrid).

Overigens was het Franco-regime in eerste instantie niet op de hand van Real Madrid. Tijdens de Spaanse Burgeroorlog werd clubpresident Rafael Sánchez Guerra, een vooraanstaande Republikein, gevangengenomen en gemarteld. Bovendien werd een vicepresident van Real Madrid vermoord. Toen Real Madrid het toernooi om de Europa Cup I begon te domineren greep Franco de kans zich op te trekken aan de internationale populariteit van de club. De vereenzelviging van Franco met Real Madrid deed de ver- houding tussen Real en FC Barcelona geen goed, hoewel de leden van Real Madrid lang niet altijd blij waren met de bemoeienissen van Franco.

Het was echter Real-voorzitter Santiago Bernabéu Yeste die in 1968 het vuurtje tussen beide clubs nog eens verder opstookte. In juli 1968 stonden de aartsrivalen in Madrid tegenover elkaar voor de finale van de Copa del Generalísimo. Deze finale zou de bijnaam De Finale van de Flessen krijgen : FC Barcelona won met 0-1, waarop de ultras van Real Madrid reageerden door glazen flessen naar de spelers van FC Barcelona te gaan gooien. Toen FC Barcelona-president Narcís de Carreras zijn ambtsgenoot Bernabéu vroeg naar zijn mening over het gedrag van zijn supporters, deed deze enkele controversiële uit- spraken als "Catalonië is prachtig, alleen jammer dat de Catalanen daar wonen" en "Xavier Bosch is een aardige kerel" (Xavier Bosch was lid van Franco’s geheime dienst en hij had vele moorden op zijn geweten, waaronder de dood van FC Barcelona-preses
Josep Sunyol).

Alfredo di Stefano en Luis Figo

Di Stefano was onderwerp van een van de grootste ruzies tussen de twee clubs. Begin jaren vijftig vochten beide clubs om de gunst van de Argentijn. Uiteindelijk zorgde dictator Francisco Franco ervoor dat Real Madrid De Blonde Pijl inlijfde. In zijn eerste wedstrijd in de El Clasico wist Di Stefano tweemaal te scoren tegen FC Barcelona. Het succes met de speler waarvan FC Barcelona beweert hem eerst vastgelegd te hebben werd jarenlang een teer punt voor de supporters. Met hun nieuwe spits won Real Madrid namelijk vijf keer de Champions Leauge (Europacup I). In 1961 maakte FC Barcelona hier een einde aan door zelf de Champions League (Europacup I) te winnen.

Di Stefano (9) in de 1960 versie van El Clássico
foto: onbekend

Maar er waren ook spelers die het aandurfden om voor beide clubs te spelen. 33 spelers maar liefst. Zeventien daarvan maakten direct de overstap van Barcelona naar Real Madrid.

Een van de meest controversiële daarvan was Luis Figo in 2000 voor het toenmalige recordbedrag van 62 miljoen euro. Twee jaar later maakten de fans van FC Barcelona duidelijk wat ze daarvan vonden, met spandoeken waarop het woord Judas stond en door een varkenskop naar hem toe te smijten in een Clásico in Barcelona. Sluiting van Camp Nou voor meerdere wedstrijden dreigde wegens dit ongepaste gedrag van de supporters, maar uiteindelijk zou FC Barcelona deze straf ontlopen. Figo’s bezoek aan Camp Nou in het seizoen 2003/2004 verliep vervolgens zonder grote incidenten.

Supporters tijdens de El Clasico

Tijdens de El Clasico kijkt heel Spanje naar de televisie. Uiteraard hebben sommige Spanjaarden een voorkeur voor een bepaalt team ondanks dat ze supporter zijn van een ander team. Uit een onderzoek blijkt dat het grootste gedeelte van de supporters tijdens de El Clascio voor Real Madrid is.

FC Barcelona wordt nog altijd gezien als de rebel uit de competitie vanwege de stand- punten in Catalonië. Real Madrid is meer de club van het land en heeft deze uitstraling niet. Dit is absoluut bepalend voor de favorietenrol tijdens de El Clasico in eigenland.

Ondanks dat er in Spanje meer supporters zijn voor Real Madrid ligt dit wereldwijd weer anders. FC Barcelona is de populairste voetbalclub en heeft wereldwijd de meeste fans. Dit is ook terug te zien in het aantal volgers op Social Media. Ze zijn hierin de grootste sport- club ter wereld op Social Media.

Extra El Clascio wedstrijden.

Het komt regelmatig voor dat er meer El Clasico wedstrijden in één jaar gespeeld worden. In 2011 is er helemaal een mooi voorbeeld waarbij de rivaliteit tot een hoogtepunt kwam. Binnen 18 dagen tijd werd er vier keer een El Clasico wedstrijd gespeeld. De clubs speelde de finale in de Copa del Rey, twee keer Champions Leauge en de standaard competitie- wedstrijd.

Het resultaat was onsportief gedrag tijdens de wedstrijden vanwege de hoog opgelopen spanningen tussen beide teams. Er werden in 18 dagen tijd 4 rode kaarten uitgedeeld. De Spaanse bondscoach was enorm geschrokken van de rivaliteit en haat tussen beide clubs. Hij was bang dat het Spaanse elftal hierdoor beïnvloed zou worden.

Historische wedstrijden in de El Clasico

In het verleden zijn er verschillende historische wedstrijden geweest. Eén van de grootste knallers is de Copa del Rey wedstrijd op 13 juni 1943. Real Madrid wist met 11-1 tegen FC Barcelona te winnen. Een verschil van 10 doelpunten komt niet vaak voor in een beladen wedstrijd als de El Clasico.

Grote overwinningen waren er ook in 1975, 1994 en 2010 voor Barça. Alle drie de keren werd Real met 5-0 verslagen, in 1974 zelfs in het eigen Estadio Santiago Bernabéu door een uitblinkende Johan Cruijff. Real Madrid revancheerde zich al snel voor de afgang in 1994. Een jaar later won de club in eigen huis de Superclásico eveneens met 5-0.

Seizoen 1974-1975: een uitblinkende Cruijff tijdens de 5-0 overwinning op en in Madrid
foto: onbekend

Een van de meest recentere historische wedstrijden werd gespeeld op 29 november 2010. Deze wedstrijd werd gewoon in competitie verband gespeeld. FC Barcelona wist te winnen met 5-0 van Real Madrid. Dit gebeurde ook nog eens op de 111de verjaardag van Real Madrid.

In het begin werden er ook vriendschappelijke El Clasico wedstrijden georganiseerd. Deze waren meestal succesvol voor FC Barcelona. In 1913 won Barça met 7-0 van Real Madrid. In 1920 was werd Real opnieuw flink ingemaakt doordat FC Barcelona met 7-1 gewonnen heeft. Uiteraard zijn er ook grote overwinningen voor Real geweest. In 1995 won Real met 5-0 van Barcelona.

El Clasico op Europees niveau

Viermaal werd El Clásico op Europees niveau gespeeld:

in het seizoen 1959/60 schakelde Real Madrid in de halve finale FC Barcelona uit in de Europacup I. Zowel in Madrid als in Barcelona won Real met 3-1. Real won dat seizoen de beker door in de finale met 7-3 van Eintracht Frankfurt te winnen.

in het seizoen 1960/61 schakelde FC Barcelona als eerste team Real Madrid uit in de Europa Cup I. In Madrid werd het 2-2, in Barcelona 2-1. Barça verloor uiteindelijk de finale van Benfica met 3-2.

in het seizoen 2001/02 schakelde Real Madrid in de halve finales van de UEFA Champions League FC Barcelona uit. In Barcelona werd het 0-2, in Madrid 1-1. Real won uiteindelijk in de finale met 2-1 van Bayer Leverkusen.

In het seizoen 2010/2011 troffen de beide teams elkaar in de UEFA Champions League. In Madrid werd het 0-2, in Barcelona werd het 1-1. FC Barcelona won uiteindelijk in de finale met 3-1 van Manchester United.

FC Barcelona laatste jaren structureel beter

FC Barcelona is echter op weg om de weegschaal in eigen voordeel te tippen want sinds het seizoen 2008/09 is de ploeg structureel beter. Barça won acht van de twaalf competitie- duels en verloor er slechts twee. En in 2010/11 haalde FC Barcelona de finale van de Champions League via Real Madrid. Die overheersing is ook vooral te danken aan Lionel Messi.

De laatste jaren is de rivaliteit niet alleen gaande tijdens de El Clasico zelf. Er is ook een rivaliteit gaande tussen spelers van beide clubs. De grootste rivaliteit is natuurlijk tussen Messi en Ronaldo. Beide spelers proberen elkaar te overtreffen in resultaten die ze met hun club boeken. Zo proberen ze beide de meeste doelpunten in de competitie te maken en op Europees niveau.

El Clasico: ook een (wed)strijd tussen Ronaldo (l) en Messi (r).
foto: onbekend

Vijf van de meest beladen klassiekers en derby’s ter wereld.

1. Boca Juniors – River Plate: Boca Juniors en River Plate zijn zonder twijfel de twee grootste clubs van Argentinië. Zo’n zeventig procent van alle voetbalsupporters in het Zuid-Amerikaanse land is supporter van &eacuteén van de twee clubs. De Superclásico – naar het Spaanse woord voor derby – bezoeken, werd door de Engelse krant The Observer in 2004 uitgeroepen tot één van de vijftig dingen die je absoluut moet hebben gedaan in je leven. Daar sluiten wij ons graag bij aan.

2. Real Madrid – Barcelona: In sommige jaren staat El Clasico maar liefst zes maal op het programma. Misschien doet deze overdaad een beetje afbreuk aan de derby. Hoe speciaal is het dan nog? Nou speciaal, al was het alleen al omdat de beste voetballers ter wereld tegenover elkaar staan. De rivaliteit heeft te maken met de politieke situatie in het Zuid-Europese land. Catalonië, met als hoofdstad Barcelona, streed jarenlang om afscheiding van Spanje, dat Madrid als hoofdstad heeft.

3. Glasgow Rangers – Celtic: Een van de meest beladen derby’s ter wereld is die tussen Celtic en Glasgow Rangers. De twee stadsgenoten hadden vroeger een goede band, vandaar de bijnaam The Old Firm, maar in de loop der tijd raakte de relatie bekoeld. Celtic was de club van de katholieken, Rangers die van de protestanten en tussen die twee groepen was het nogal eens knokken geblazen.

4. Galatasaray – Fenerbahçe: De meest belangrijke derby in Turkije is die tussen Galatasaray en Fenerbahçe, beide afkomstig uit Istanbul en twee van de grootste clubs van het land. Met trommels, enorme spandoeken en rook wordt de tegenstander geïntimideerd wanneer hij op bezoek komt bij de rivaal. Helaas ging deze derby ook nogal eens gepaard met hevige supportersrellen, hoewel het geweld de laatste jaren wat af lijkt te nemen

5. AC Milan – Internazionale: Een stadion delen, daar moet je bij Ajax en Feyenoord niet mee aankomen. Toch is het wel degelijk het geval bij AC Milan en Internazionale. De rivaliteit dateert van lang geleden. Ooit, aan het begin van de twintigste eeuw, was het &eacuteén club, maar na een geschil over buitenlandse spelers scheidde een groep zich af om de voetbalclub Inter op te richten. Inter genoot vooral populariteit onder de rijken, AC onder het volk. Inmiddels is dat verschil verdwenen, maar nog altijd bestaat er een flinke rivaliteit tussen de beide clubs.

Bronnen en referenties
programmaeredivisie.nl, worldfootbalderbies.wordpress.com, stidjen.wordpress.com, goalsandglamour.nl, fm.manutd.nl, indehekken.net, popolsku.nl, foxsports.nl, feijenoordprimeur.nl, edwardbutter.wordpress.com, beeldengeluid.nl, weblog.bol.com, siekman.nl, bet.nl, nieuwslog.nl, voetbal.nl, sportgeschiedenis.nl.