101 Nederlandse Voetbaliconen (1) Berry van Aerle

Geboren: 8 december 1962, Helmond
Overleden:
Positie: Verdediger
Clubs: PSV, Antwerp FC, Helmond Sport
Actief: 1981-1995
Doelpunten: PSV (12), Antwerp FC (1), Helmond Sport (1)
Nederlands elftal: 35 interlands
Trainer: Scout PSV

Natuurlijk kennen we Berry van Aerle van het Nederlands elftal dat in 1988 de enige prijs uit de Oranje-historie verovert. Maar nog beroemder wordt de bescheiden verdediger als cabaretier Theo Maassen hem in 1994 in zijn eerst solovoorstelling opvoert als de enige speler van PSV die nog contributie betaalt. “Éen keer in de maand kreeg hij van manager Ploegsma een tientje in zijn handen gedrukt, zo van: Berry, koop er maar iets moois voor. Mondje dicht tegen die anderen hè. En Berry, die hield zijn mond. Maar toen-ie-tien jaar lid was van PSV heeft-ie een quartz horloge gekregen met inscriptie, hadden ze er Seiko in gegraveerd. Hadden ze gezegd dat dat Berry in het Japans was, zielig hè ?”


Berry van Aerle dertien seizoenen lang PSV’er
foto: Onbekend
Hubertus Elizabeth Hendricus (Berry) van Aerle, was van 1981 tot en met 1995 veertien seizoenen actief in het betaald voetbal, waarvan ruim twaalf voor PSV. Daarmee werd hij vijf keer Nederlands landskampioen en won hij in 1987/88 de Europacup I. Kenmerkend voor Van Aerle was zijn snelheid, die hem de bijnaam Turbo Berry opleverde.

Van Aerle werd geboren in Helmond een groeide op in de volksbuurt Het Haagje. Zijn vader werkte op de fabriek van Philips in Eindhoven. Op de pleintjes voetbalde hij met jeugdvrienden Hans Meeuwsen en Hans Vincent en samen speelden ze ook in de jeugd van HVV Helmond. Het drietal werd uiteindelijk uitgenodigd voor een proefwedstrijd bij PSV. Hoewel Van Aerle in de wedstrijd onder leiding van toenmalig jeugdtrainer Jan Reker op eigen verzoek linksbuiten speelde, werd hij toch gescout door PSV.

Na vijf seizoenen in het eerste elftal te hebben gespeeld, verloor hij zijn basisplaats aan de van MVV overgekomen Erik Gerets en verhuurde de club hem in het seizoen 1986-1987 aan Antwerp FC, waar hij een sterke periode kende. In 1987 keerde hij terug bij PSV en won dat seizoen, voornamelijk als rechtermiddenvelder naast Gerald Vanenburg de treble: het landskampioenschap, nationale beker en de Europacup I. “De Europacup-finale was niet echt een goede wedstrijd, maar dat maakt niet uit. Als je maar wint. Nu staan we voor altijd in de geschiedenisboeken: We hebben die beker hooggehouden,” vertelde Van Aerle aan Berend Scholten op UEFA.com. In de zomer van 1988 maakte hij daarnaast als rechtsback deel uit van het Nederlands voetbalelftal dat Europees kampioen voetbal werd.

Van Aerle won in de 13 seizoenen dat hij bij PSV speelde in totaal vijf landskampioen- schappen en drie KNVB bekers. In 1995 werd hij, na een grote schoonmaak door de selectie onder voorzitter William Maeyer en trainer Aad de Mos door de club ontslagen.

Van Aerle had lang het record die met 49 duels de PSV’er met de langste serie wedstrijden zonder nederlaag, uiteindelijk werd dat record verbroken door Joshua Brenet.

In Panorama gaf Van Aerle op zijn Berry’s commentaar: “Ja ach, wat moet ik ermee? Ik heb dertig jaar niet geweten dat het record bestond! Ik las het op Twitter. Ik verbaas me er wel over dat ik het record had en ik vraag me ook af of het wel klopt. Ik had eerder verwacht dat Jan Heintze het zou hebben. Maar of het nou Joshua Brenet, Bart Ramselaar of Dante Rigo is, ik gun het ze van harte. Zolang PSV maar wint. Records zijn er om gebroken te worden.”

“Het zal in de tijd rond 1988 geweest zijn, toen we ook de Europa Cup I wonnen. In die periode waren we wel onverslaanbaar, ja. Dat hoor ik nog weleens van jongens waar we toen tegen speelden, dat ze echt met knikkende knieën naar Eindhoven kwamen en dat hun trainer zei: Als we ze onder de vijf goals houden, hebben we het goed gedaan. Dat zegt alles. In die tijd was PSV Europese top. We hadden zoveel goede spelers. Koeman, Gerets, Romario, Lerby, Arnesen, Nielsen, Kieft, Heintze, Vanenburg…”

Aan het einde van zijn carrière kon Van Aerle naar de Primera División in Spanje, naar Osasuna. Hij bedankte voor de eer. ‘Ik zat toen al met een kapotte knie. Om nou helemaal naar Spanje te verhuizen om daar een beetje geblesseerd op de bank te zitten, dat zag ik niet zitten. Ik ging naar Helmond Sport, lekker om de hoek.’

Van Aerle besloot zijn carrière af te sluiten samen met zijn jeugdvrienden Vincent en Meeuwsen bij Helmond Sport, wat mede door een slepende knieblessure uitliep op een deceptie. Hierna was hij een jaar postbode, wat veel publiciteit opleverde.

Slechts vijftien wedstrijden speelde Van Aerle voor de club uit zijn stad. Zeven operaties hadden zijn knieën dusdanig geruïneerd dat hij in 1996 besloot te stoppen. Hij werd analyticus bij Stadsradio Helmond en ging de post rondbrengen. De cultstatus van Van Aerle bereikte een hoogtepunt.

Schouderophalend: ‘Ik was net gestopt met voetballen, moest een beetje blijven bewegen. Ik zat bij mijn oude amateurclub met een biertje aan de bar toen ik dat vertelde. Een vriend van mij zat daar ook bij, hij werkte bij de post. ‘Zal ik eens vragen of ze nog iemand nodig hebben?’, vroeg hij. Even later had ik een sollicitatiegesprek.’

Een van de vragen die hij kreeg was: wat doe je als de post in een plas met water valt? ‘Ja, aanbellen en vragen of ze de brief nog wel willen. Wat een flauwekul. Ik deed het 10 tot 15 uurtjes in de week. Heerlijk werk. Vooral rond de kerstdagen, met al die kaarten. Ik heb het met plezier gedaan, die post. En je moet in het leven dingen doen die je leuk vindt. Ingewikkelder is het niet.’

De mensen vonden het natuurlijk leuk dat hij postbode werd. De media ook. Hij was in één klap ‘Berry de postbode’. Dat is blijven hangen. Het is natuurlijk ook te mooi om níet te blijven oplepelen dat Berry van Aerle de enige postbode is die de Europacup I won en Europees kampioen werd met de nationale ploeg. Hij snapt het wel, zegt hij, “maar soms lijkt het alsof ik als postbode beroemder ben dan als voetballer.” Hij zegt het zonder een spoortje ironie of sarcasme.

Klopte het dan toch, wat cabaretier Theo Maassen zei? Was het dan echt zo dat de gemiddelde PSV-speler in 1988 tonnen opstreek, terwijl antiheld Berry van Aerle netjes de maandelijkse contributie betaalde? Dat hij af en toe, in het voorbijgaan, een briefje van tien gulden toegestopt kreeg van manager Kees Ploegsma, voor bewezen diensten? Of een horloge bij zijn tienjarig lidmaatschap, vergezeld van de mededeling dat er Seiko in stond gegraveerd omdat dat Japans is voor Berry?

“Theo weet het mooi te vertellen”, zegt Berry. “Daar is hij natuurlijk ook komiek voor, maar ik heb het altijd goed gehad. En nog steeds. Ik heb altijd met mijn volle verstand mijn contracten ondertekend. Natuurlijk had ik best meer willen verdienen, maar ach, ik ben vijf keer landskampioen geweest, heb in een absolute topploeg gespeeld en heb de Europa Cup I gewonnen. Dát wil je toch vertellen aan je kleinkinderen, als je tachtig bent?”

In december 2014 ging in Helmond ‘Berry – de Musical’ in première, over het leven van Van Aerle. De musical werd gespeeld door Helmondse artiesten. In totaal werden er tien voorstellingen opgevoerd in een uitverkocht ‘Theater Speelhuis’. Deze voorstelling werd geregisseerd door John van der Sanden. ‘Ik heb gezegd: ik vind alles goed. Zolang ik zelf maar niet hoef mee te spelen.’

En dat voor iemand die op het eerste oog nou niet echt een leven heeft gehad waarover je een NS Publieksprijs-winnend boek kan schrijven. Hij heeft geen drie huwelijken achter de rug, zoals zijn oud-ploeggenoot Ruud Gullit. Evenmin hoefde hij voor de rechter te verschijnen, zoals Gerald Vanenburg. En hij is ook niet aan de cocaïne verslaafd geraakt, zoals Wim Kieft.

‘Bij mij is het anders gelopen’, zegt Van Aerle. ‘Zij hebben een ander leven. Zo was het vroeger ook al. Dan zag ik allerlei journalisten om Ruud heen zwerven. Hij liever dan ik, dacht ik dan altijd. Ik bleef liever op mijn kamer, een boekje lezen.’ Ja, hij heeft de biografie van Kieft gelezen. ‘Dat heeft wel wat met me gedaan. Hij was vroeger mijn slapie en we vierden samen carnaval. Ik heb nooit iets aan hem gemerkt. Maar wat ik begreep uit zijn boek, zat dat destructieve in zijn karakter. Triest dat het zo is gelopen.’


Berry van Aerle (midden) met Ruud Gullit en Ronald Koeman Europees kampioen in 1988.
foto: Onbekend
Nederlands elftal:

Van Aerle debuteerde op 14 oktober 1987 in het Nederlands voetbalelftal, tijdens een met 0–2 gewonnen kwalificatiewedstrijd voor het EK 1988 in en tegen Polen. Bondscoach Rinus Michels nam hem een jaar later ook mee naar het eindtoernooi, dat Nederland won. Hij had een basisplaats als rechtsback en speelde alle wedstrijden. Van Aerle maakte ook deel uit van het Nederlands elftal op het WK 1990 en het EK 1992. Hij speelde op 14 oktober 1992 zijn 35e en laatste interland, een kwalificatiewedstrijd voor het WK 1994 thuis tegen Polen (2–2)

Van Aerle won met PSV in 1988 de Europa Cup 1, met Oranje werd hij in hetzelfde jaar Europees kampioen. Hij speelde om de wereldbeker, won vijf landstitels en er staan drie KNVB-bekers achter zijn naam. Toch gaat het daar zelden over in interviews. Van Aerle vindt zelf niet dat hij als een naïeve, onderbetaalde provinciaal wordt neergezet. ‘Ik ben nooit gekocht, zoals Gullit. Ik kwam binnen bij PSV als amateur. Stap voor stap heb ik me kunnen opwerken. Pas toen ik international werd, ging ik goed verdienen. Daardoor kan ik nu het leven leiden dat ik wil. En dat is best een luxe leventje. Mijn vader moest vijf monden voeden, dat is even wat anders. Maar miljonair ben ik niet. Als ik dat had willen worden, had ik naar het buitenland moeten gaan.’

In 2001 keerde hij terug bij PSV, eerst als supporterscoördinator, later als scout.

Prijzenkast en erelijst:

* Kampioen Eredivise (PSV): 1985/86, 1987/88, 1988/89, 1990/91, 1991/92
* KNVB Beker (PSV): 1987/88, 1988/89, 1989/90
* Europacup I (PSV): 1987/88
* Nederlandse Supercup (PSV): 1992
Nederlands elftal:
* 35 interlands
* Europees Kampioen: 1988
* WK 1990 en het EK 1992.

Referenties en bronnen:
Wikipedia, Koning Voetbal, Panorama, De Volkskrant, bhic.nl, santosonline.nl