101 Nederlandse Voetbaliconen (100a) Rob Witschge

Geboren: 22 augustus 1966, Amsterdam
Overleden:
Positie: Aanvaller/Middenvelder
Clubs: Ajax, AS Saint-Étienne, Feyenoord, FC Utrecht, Al-Ittihad
Actief: 1985-1999
Doelpunten: Ajax (13), AS Saint-Étienne (11), Feyenoord (25), FC Utrecht (1), Al-Ittihad (1)
Nederlands elftal: 30 interlands; doelpunten: 3
Trainer: Haarlem (assistent), Nederland (assistent), Ajax (assistent)-

Hij heeft een gezicht dat gemaakt is om te lachen, een prethoofd als dat van Rob Witschge is nooit meer binnen het voetbal aangetroffen. Misschien dat hij daarom wat minder serieus wordt genomen, maar daar is geen enkele reden voor. De waardering bij Ajax voor de linksbenige aanvaller is groot, maar de Amsterdammer redt het ook bij Feijenoord. Totdat hij in conflict komt met coach Arie Haan, die hem en Regi Blinker begin 1996 verbant naar een bijveld op Varkenoord. Witschge spant met succes een arbitragezaak aan en traint een maand later weer met de A-selectie mee. In de zomer tekent hij bij FC Utrecht.

Na een paar coachklussen (onder meer als assistent van Marco van Basten bij Oranje) voert hij momenteel samen met Guido Albers het management van Players United dat onder anderen de zaken behartigt van Wesley Sneijder, Frank de Boer, en Ronald Koeman.


Rob Witschge speelde voor Ajax, Feyenoord, AS Saint-Étienne en FC Utrecht.
foto: Onbekend

Robert (Rob) Witschge kwam onder meer uit voor Ajax, Feyenoord, AS Saint-Étienne, FC Utrecht en het Nederlands voetbalelftal. Hij speelde normaliter linksbuiten of linkshalf. In het seizoen 1985-1986 maakte Witschge zijn debuut in het eerste van Ajax. Het seizoen daarom weet hij een basisplaats te bemachtigen. Hij blijft vier seizoen bij Ajax, waar hij de Europa Cup II wint, samen met zijn broer Richard, en twee keer de KNVB-beker wint. In 1989 vertrekt hij naar Frankrijk en gaat spelen bij Saint-Etienne. Hier blijft hij twee jaar, waarna hij vertrekt naar Feyenoord.

Bij Feyenoord won hij vier KNVB bekers, de eerste editie van de Johan Cruijff Schaal (destijds Nederlandse Supercup genaamd), een landskampioenschap en haalde hij de halve finale van de Europacup II 1991/92.

Wie naar de voetbalcarrière van Rob kijkt ziet daar zowel de naam van Ajax als die van Feyenoord staat. Beter nog: bij de Rotterdamse club heeft de geboren Amsterdammer méér prijzen binnengehaald waaronder de Johan Cruijff Schaal. Dat schreeuwt om een verklaring. ‘Die is heel simpel’, reageert hij laconiek in een interview met 433magazine.

‘Ik stapte over naar Saint Etienne, waar ik in het eerste seizoen clubtopscorer werd en in 2e seizoen, na een trainerswissel in de zomerstop, weinig aan spelen toe kwam. (maar kwam daar nauwelijks aan spelen toe). Toen Feyenoord in beeld kwam, hoefde ik daar niet echt lang over na te denken. Dat was zeker toen ook een goede club, één van de topclubs van Nederland.’ Vervolgens: ‘Ik was en blijf een Ajaxman, maar het willen voetballen en ook nog eens kunnen voetballen in Nederland bij een topclub gaf toch wel de doorslag.’

De keus zelf leverde hem, niet eens zo verwonderlijk, uit beide voetbalkampen de nodige reacties op. ‘In zo’n situatie doe je het nooit goed. Maar achteraf kan ik wel stellen dat het een hele fijne tijd is geweest. (Ook op sportief gebied.’) Lachend: ‘Volgens mij was dat de succesvolste periode voor Feyenoord, toen ik er voetbalde.’

Rob Witschge speelde tussen 1991 en 1996 voor Feyenoord, maar zijn hart gaat niet sneller kloppen van de bekerwinnaar. De in Amsterdam geboren Witschge is en blijft een echte Ajacied: “Ik speelde alleen mij Feyenoord om geld te verdienen, zo simpel is het.”

Rob Witschge is de oudere broer van Richard Witschge en een zoon van Piet Witschge, die in de jaren zestig voor Blauw-Wit uitkwam. En ging meer aandacht naar broer Richard. Die ging immers naar Barcelona. ‘Daar heb ik nooit moeite mee gehad. We hebben elkaar altijd gesteund en gestimuleerd. En heel eerlijk: voor mij was Richard Europese top en ik Nederlandse top. Ik heb daar zelf nooit problemen mee gehad.’

In de laatste jaren van zijn carrière speelt Witschge nog bij FC Utrecht en Al-Ittihad. 1999 zette hij een punt achter zijn carrière en begon hij een carrière als trainer.


Rob Witschge wordt gefeliciteerd na zijn treffer tegen Duitsland, EK 1992
foto: Onbekend
Trainerscarrière

In mei 2000 slaagde Witschge voor het diploma Trainer Coach I. In het seizoen 2001-2002 was Witschge assistent-trainer bij Haarlem. In 2004 werd hij assistent-bondscoach van het Nederlands voetbalelftal, samen met John van ‘t Schip assisteerde hij bondscoach Marco van Basten. In het seizoen 2006-2007 liep Witschge stage bij wederom Haarlem. Daarna was Witschge, samen met John van ‘t Schip, assistent-trainer bij Ajax, wederom onder hoofdtrainer Marco van Basten. Toen Van Basten ontslag nam, wist Ajax niet wat het met Witschge moest doen. Ze konden hem niet meer gebruiken als assistent, omdat de nieuwe coach Martin Jol zijn eigen assistenten mocht kiezen. Witschge weigerde zelf een baan als scout en werd vervolgens ingezet bij satellietclub Haarlem, waar hij de club moest gaan doorlichten.

In een interview met 433magazine geeft Rob Witschge zijn mening over voetbal, met name over de verschillen tussen ‘vroeger’ en ‘nu’. ‘Wanneer je kijkt naar de huidige spelersopleidingen durf ik wel te stellen dat spelers al op jonge leeftijd verwend worden. Ze worden met busjes opgehaald en in veel zaken in de watten gelegd. Ik weet niet of daar de juiste mentaliteit word gekweekt. Maar heel eerlijk doe ik daar zelf ook aan mee als ouder, omdat mijn kinderen ook overal naar toe worden/werden gebracht. Wat overigens niet wil zeggen dat de spelers er niets voor over hebben, want ze zijn meer op de club dan dat ze thuis zijn.’ Maar hij deelt ook een andere kritiek. Namelijk dat voetballers vroeger veel meer zelf moesten nadenken, terwijl er nu voor ze gedacht wordt.

‘Voetballertjes van nu moeten al vanaf de F-jeugd in een bepaald stramien lopen. Waar is dan je eigen inbreng gebleven? Je creativiteit, je vooruit denken?’ Coaches die langs de lijn lopen en roepen wat spelers (vooral niet!) moeten doen. Hij moet er niet aan denken om in zo’n soort voorgekauwd voetbal te moeten acteren.

‘Wij voetbalden op straat en we moesten zelf een oplossing bedenken. Zo ontwikkel je een gevoel voor positie kiezen. Weet je, wie nu pingelt wordt meteen terecht gewezen. Maar ik zeg juist: geef ze de ruimte. Ontwikkel je creativiteit. Leer vanuit je zelf denken, leer ook van je fouten. Dat levert een ander soort voetballer op. Eentje die met plezier speelt en eentje die sneller inspeelt op wisselende omstandigheden. Een speler die net dat stapje naar voren doet om beter aanspeelbaar te zijn.’ Als voorbeelden noemt hij Robben en Sneijder. ‘(Een) heerlijke creatieve, spontane voetballers . Toch?’

Nu hij toch ‘toen’ met ‘nu’ vergelijkt – is daar qua techniek iets veranderd? Hij vindt van niet. ‘Techniek blijft altijd een noodzakelijk onderdeel van het voetbal. Vooral functionele techniek. Daar bedoel ik mee aanname van de bal, ligt ie meteen klaar om verder te spelen of neem je hem aan naar de vrije ruimte. Tegenwoordig hebben veel spelers de bal onder hun voet maar dan heb je handeling meer nodig om de bal te spelen. Maar als je verschillen zoekt, dan moet je vooral kijken naar de snelheid van handelen. Doordat ploegen tegenwoordig heel compact spelen is er minder ruimte dan vroeger en moet je sneller handelen. Dus moet je nog beter weten wat er om je heen gebeurt. Ook fysiek wordt er meer van je gevraagd. In mijn tijd liep je 10-11 km. Nu 12-14 km en soms meer. Moest je vroeger als buitenspeler 10x de achterlijn halen middels een individuele actie is het nu vaak de back die de achterlijn haalt voor de voorzet.’

Nogmaals over die techniek. ‘Techniek moet er zijn. Maar misschien zijn we daar als Nederland wel een beetje in doorgeschoten. Alles maar op techniek – daar kom je tegenwoordig niet ver meer mee. Er is meer nodig. Je moet tactisch en fysiek ook goed zijn. Vooral op tactisch gebied kan/moet Nederland beter/vooruitstrevend zijn omdat we als klein land immers minder aantal spelers tot onze beschikking hebben.’

De stap naar hardheid in het spel is snel gemaakt. Hij denkt niet dat het spel harder is geworden. Er is wel meer aandacht voor de gemene overtreding. Dat heeft alles te maken met de manier waarop het voetbal in beeld wordt gebracht ‘Er staan nu overal camera’s en er lopen maar liefst vijf scheidsrechters op en langs het veld die overal op letten. Alles wordt nauwkeurig vastgelegd en uitgelicht. Maar mijn ervaring is dat er vroeger ook spelers waren die er flink in vlogen of die zelfs gemener waren.’

Hij noemt in dit kader geen namen, maar wil wel laten weten dat hij grote fan was van Johan Neeskens. Die blonk niet bepaald uit in techniek, maar legde wel altijd een tomeloze inzet aan de dag.

Rob is één van de weinige die een EK en WK meegemaakt hebben als speler en trainer. Tegenwoordig is hij mede eigenaar van Players United een bedrijf in de evenementen en voetbalmakelaardij.

Tot slot: bestaat er voor hem een wereld zonder voetbal? Hij kan het zich niet voorstellen. ‘Ik heb vroeger ook wel boomhutten gebouwd hoor, maar het was altijd voetbal voor en voetbal na. Nu ben ik nog steeds 24/7 met voetbal bezig. Maar ja, ik vind het ook gewoon leuk wat ik doe. En voor wie het wil weten: ik ga niet meer terug naar het trainersvak. Het is mooi geweest. Zelf voetballen blijft het leukst, daarna volgen het trainerschap en het begeleiden van spelers. Het eerste gaat niet meer maar de laatste 2 kan ik tot in de lengte van dagen doen. Het blijft een leuk spelletje!

Prijzenkast en erelijst:

* Europacup II (Ajax): 1986/87
* KNVB Beker (Ajax): 1986/87
* Kampioen Eredivisie (Feijenoord): 1992/93
* KNVB Beker (Feijenoord): 1990/91, 1991/92, 1993/94, 1994/95
* Nationale Supercup (Feijenoord): 1991
* Aziatische beker voor bekerwinnaars (Al-Ittihad) 1998/99
* Saudi Premier League (Al-Ittihad): 1998/99
* Saudi Federation Cup (Al-Ittihad): 1998/99
Nederlands elftal:
* 30 interlands; doelpunten: 3
* EK 1992, WK 1994

Referenties en bronnen:
Wikipedia, Koning Voetbal, 433magazine.nl