101 Nederlandse Voetbaliconen (81) Jaap Stam

Geboren: 17 juli 1972, Kampen
Overleden:
Positie: Centrale verdediger
Clubs: FC Zwolle, Cambuur, Willem II, PSV, Manchester United, Lazio, AC Milan, Ajax
Actief: 1992-2007
Doelpunten: FC Zwolle (1), Cambuur (4), Willem II (1), PSV (11), Manchester United (1), Lazio (3), AC Milan (1), Ajax (1)
Nederlands elftal: 67 interlands; doelpunten: 3
Trainer: FC Zwolle (interim), PEC Zwolle (assistent), Ajax (assistent/individueel), Jong Ajax, Reading, PEC Zwolle, Feyenoord, Cincinnati

Voorstopper die in zijn loopbaan het pad der geleidelijkheid bewandelt: via de amateurs van DOS Kampen en de eerste divisie (FC Zwolle, Cambuuur) naar de subtop in Nederland. Willem II. Daarna volgt een imposant rijtje topclubs, met PSV, Manchester United, Lazio Roma, AC Milan en Ajax. Stam is van origine middenvelder, maar hij weet al op zijn achttiende dat hij alleen als verdediger de top kan halen. Hij heeft de bezetenheid die daarvoor nodig is, een bijna maniakaal streven om tegenstanders de baas te zijn en doelpunten te voorkomen.

In 2006 is Stam het monotone leven van een profvoetballer in den vreemde zat. Hij wil naar huis, naar Kampen, hij heeft zin in boerenkool met worst. De 67-voudige international voetbalt zijn laatste jaren in Nederland. Niet bij PSV, maar bij Ajax.

Op 29 oktober 2007 stopt Stam met voetballen, van de ene op de andere dag. Hij mist de motivatie. Na de persconferentie waarop hij zijn afscheid aankondigt, krijgt hij applaus van journalisten. Een groot compliment krijgt Stam na zijn carrière nog van Alex Ferguson, zijn manager bij Manchester United, die hem in 2001 naar Lazio Roma had laten vertrekken. “Ik was niet geïnteresseerd in de verkoop van Jaap, totdat Lazio 16,5 miljoen pond bood. Jaap was 30 en we waren bezorgd over het herstel van de blessure aan zijn achillespees. Het was een totale misvatting van mijn kant, hij speelde op 36-jarige leeftijd nog tegen ons in de kwartfinale van de Champions League.”

Bizar is overigens de plek waarop Stam van Ferguson te horen krijgt dat hij Manchester United moet verlaten: bij een benzinestation. Ferguson: “Ik had Jaap op de club willen spreken, maar hij was al op weg naar huis. We hadden contact via de telefoon. Het benzinestation was voor ons allebei het dichtstbij.”


Jaap Stam beleefde hoogtepunten bij Manchester United.
foto: Michael Steele/Allsport

Stam bracht zijn jeugd door in Kampen. ,,Daar ben ik geboren en heb ik mijn hele jeugd doorgebracht. Ik kom uit een heel gewoon gezin. Mijn vader was timmerman, mijn moeder huisvrouw en ik heb drie oudere zussen. Naast voetballen deed ik alles wat je op die leeftijd doet met vrienden. De stad in, een biertje drinken en genieten van een vrij leven. Ik heb niet veel hoeven laten om in het betaald voetbal terecht te komen.”

,,Ik leerde Ellis (zijn eerste liefde) kennen in een stapavond in Kampen. We waren al snel een stelletje. Ik was toen zestien. We zijn nog steeds heel gelukkig samen. Dat kan je niet van veel voetballers zeggen, ha ha. Ellis en ik zijn echt met elkaar meegegroeid. Toen ik haar leerde kennen, vond ze voetbal maar niks. Dat is wel veranderd hoor.”

,,Als ik niet de voetballerij in was gegaan, dan zou ik elektricien zijn geworden. Ik zat op de LTS en daarna op de MTS in Zwolle, waar ik voor elektricien studeerde. Ik wilde eigenlijk technisch tekenaar worden.”

De plaatselijke voetbalvereniging DOS (Door Oefening Sterk) speelde een belangrijke rol in zijn gezin. Zijn vader, zelf ooit een verdienstelijk rechtsbuiten in het eerste elftal van IJ.V.V. (IJsselmuiden), stond elk weekend langs de zijlijn. Zijn moeder, die doordeweeks het huishouden deed en voor Jaap en zijn drie oudere zussen zorgde, bakte dan patat in de clubkantine. ‘Kleine Japie’ was een middelmatige middenvelder bij DOS, die zijn gebrek aan techniek en snelheid compenseerde met fanatisme.

Toen hij groter werd, schoof een jeugdtrainer hem een linie naar achteren. Een slimme zet. Niet veel later – Stam was zestien – stond er een één meter negentig lange beer met dijen als katrollen in de verdediging van het eerste van DOS. ‘Na de wedstrijd zat ik met de oude knakkers van het team aan de bar een pilsje te drinken en te ouwehoeren. Ideaal. Voetbal was plezier maken.’ Dat is anders bij jongens die al vanaf hun achtste getrouwd zijn met een profclub. Als er zo jong al druk op je wordt gelegd en je verteld wordt wat je moet eten en hoe laat je naar bed moet, dan gaat het je op een gegeven moment tegenstaan. Kijk naar Ajax, die jongens zijn al zo lang bij hun club. En niet iedereen redt het. Als je niet goed genoeg bent op je zeventiende, kun je weg. Dan ben je je jeugd kwijt en dat is niet meer in te halen. Als je echt goed bent en hard wilt werken, dan komt het er toch wel uit.’

Jaap Stam was altijd op het voetbalveld te vinden. Met Henry van der Vegt, die later bij Udinese zou spelen, maar juist op het moment dat Jaap Stam naar Italië verkaste moest stoppen vanwege hartritmestoornissen, speelde hij duizenden keren één-tegen-één partijtjes. Het geboortejaar 1972 bracht een bijzondere lichting voort voor DOS Kampen. Jaap Stam, Henry van der Vegt en Gerald van den Belt zouden alle drie een profcarrière tegemoet gaan. Jaap Stam kreeg de bijnaam Briegel, omdat hij al op jonge leeftijd met zijn onverzettelijkheid bijna alle duels won en in zijn spel simpel en effectief was, net zoals de Duitse boerenzoon en Nationalspieler. Ook onderscheidde hij zich met zijn enorme loopvermogen. Het altijd-willen-winnen, dat veel topsporters kenmerkt, was bij hem al vroeg zichtbaar.

De carrière van Jaap Stam kwam anders op gang dan die van veel van zijn collega’s. Of zoals hij het zelf zegt: ‘Ik ben toevallig voetballer geworden, maar het had ook wat anders kunnen zijn.’ Toen Patrick Kluivert achttien jaar was, scoorde hij het winnende doelpunt in de finale van de Cham­pions League. Stam fietste op die leeftijd nog elke morgen naar de mts in Zwolle voor zijn opleiding elektrotechniek. Van een voetbalcarrière droomde hij niet, deels vanwege ingebakken nuchterheid, deels vanwege gebrek aan natuurtalent.

Op zijn negentiende speelde Stam zich in de kijker bij Theo de Jong, toenmalig trainer van FC Zwolle, en kreeg hij een profcontract. Binnen zijn vereniging werd met hoongelach gereageerd: die zal binnen een jaar wel terug zijn. Maar Stam schaadde het vertrouwen van zijn ontdekker niet. Hij debuteerde daar op 15 augustus 1992 als profvoetballer tegen SC Heracles ’74 (1-1).

Toen De Jong na een seizoen naar Cambuur vertrok, nam hij Stam met zich mee. En toen hij twee jaar later overstapte naar Willem II, deed hij hetzelfde. Met Jaap Stam als verdediger en Henry van de Vegt als aanvallende middenvelder. Voor Stam zou het vanaf dat moment alleen nog maar bergopwaarts gaan. Ook op financieel gebied.

Na één seizoen FC Zwolle, twee seizoenen Cambuur Leeuwarden en een half jaar Willem II verkaste hij naar PSV, waar Dick Advocaat trainer was. Advocaat bracht hem bij dat je als verdediger niet te pas en te onpas naar voren moest stormen en dat de schoonheid van een defensieve speler in diens soberheid schuilt. In Eindhoven werd hij landskampioen en won hij de KNVB beker en de Johan Cruijff Schaal, de Nederlandse supercup. In 1997 werd hij verkozen tot Voetballer van het jaar door spelersvakbond VVCS.

Manchester United

Bij alle clubs waar hij speelde, ontpopte Stam zich als de ideale laatste man. Hij was de Rots van Kampen, The Dutch Destroyer, The Bald Slayer, The Beast, Il Terrorista. Hij werd op handen gedragen door het publiek. Maar intussen stuitte hij ook op allerlei krachten en belangen die bij DOS Kampen niet zo snel spelen.

Na twee succesvolle seizoenen bij PSV verhuisde hij in de zomer van 1998 naar Manchester United, voor een recordbedrag van vijfendertig miljoen gulden. Voor Stam een overgang naar de club van zijn dromen. Maar zonder slag of stoot was het niet gegaan. PSV-voor­zitter Harry van Raay had vooraf luidkeels verklaard dat hij Stam niet wilde verkopen. Stam zou een onmisbare schakel zijn in de ambities van de club. Pas toen Stam besloot van zijn contractueel vastgelegde vijftien procent clausule af te zien – en zo ruim vijf miljoen gulden in te leveren – ging Van Raay overstag.

In een topclub als Manchester United gold wel degelijk het cliché dat iedereen zo goed is als zijn laatste wedstrijd. De concurrentie was groot. Maar het gegeven dat je je altijd tot het uiterste moest dwingen om de dingen die je doet, goed te doen, lag Jaap Stam. Van jongs af aan bezat hij deze instelling. Juist hierdoor kon hij de bliksemsnel afgelegde weg naar de internationale top ook aan.

Stam bleek een revelatie te zijn in Engeland en werd in zijn eerste jaar als Mancunian direct uitgeroepen tot de beste verdediger van Europa. Ook in clubverband pakte Stam prijzen met de Engelsen en dan met name in 1999. In dat jaar won de club namelijk de Premier League, Champions League, FA cup en de Wereldbeker voor clubteams. In de twee jaren later was de oogst minder, maar met twee landstitels was er geen reden tot klagen.

Toen deed Lazio Roma een bod van achttien miljoen pond op de Kampenaar. Dat kwam Manchester goed uit. De club had kort ervoor een vermogen uitgegeven aan nieuwe spelers, onder wie Ruud van Nistelrooy, en had een gat te vullen. Trainer Alex Ferguson vond een reden om Stam van de hand te doen: de autobiografie die Stam net had gepubliceerd. Daarin werden te veel kleedkamergeheimen prijsgegeven, zei Ferguson. Uit de school klappen over de woedeuitbarstingen van de trainer, dat doe je niet. Een opmerkelijke verklaring. Head to Head is een gematigd boek waarin Ferguson meer geprezen dan bekritiseerd wordt. ‘Dat gezeik ging helemaal niet over het boek,’ zegt Stam later. ‘Het was een dekmantel om mij te verkopen. Ze konden niet zomaar tegen het publiek zeggen: we verkopen Jaap Stam. Ferguson zei dat ik op de bank terecht zou komen, als ik niet zou vertrekken. Chantage, want ik ben geen speler die op de bank gaat zitten.’

Is hij teleurgesteld? Zeker. Maar rancuneus over de wereld waar spelers als vee worden verhandeld is hij niet. Zelfs niet over het kunstje dat hem door Alex Ferguson werd geflikt. ‘Ik ben geen type dat graag natrapt. Destijds had ik razend kunnen zijn. Dat had misschien wel gemoeten, maar ik wilde mijn energie er niet aan verspillen. Het had toch niets uitgemaakt. Ferguson gaat toch zijn eigen gang. Kijk hoe het na mij is gegaan met Beckham en Van Nistelrooy: precies hetzelfde. Ferguson heeft onlangs gezegd dat de grootste fout die hij als manager heeft gemaakt, is dat hij mij heeft laten gaan. Dat is mooi om te horen.’

Stam: ‘Wat ik heel mooi vind, is het liedje dat de supporters van Man­ches­ter voor mij zongen. Dat geeft je wel even de rillingen. Ze zingen het nu nog steeds. Dat is respect.’ Hij zakt wat verder in zijn stoel weg, houdt zijn hoofd recht. En zingt op fluisterende toon:
Yip Jaap Stam is a big Dutch-man,:
get past him if you fucking can;:
try a little trick,:
he’ll make you look a dick.:
De ogen worden snel iets groter. ‘Dick of prick, dat weet ik niet meer.’:


Jaap Stam een belangrijke schakel in de verdediging van Manchester United.
foto: Rex Features

Lazio Roma en AC Milan

Stam vertrok in 2001 naar het Italiaanse Lazio. Stam zag op tegen het spelen in Italië. Vielen de aanvallers niet voortdurend op de grond en simuleerden ze niet steeds blessures? Daar kwamen nog de trainingskampen bij. Hij kwam het liefst een paar uur voor de wedstrijd naar het stadion, zoals ook in Engeland gebruikelijk was. En de overdreven adoratie van het publiek voor voetbalsterren, en het sterrengedrag van de spelers was aan hem niet besteed.

Veel tijd om bij te komen kreeg Stam niet. Hij was koud twee maanden in dienst van Lazio Roma toen in zijn bloed ruim twee keer de toegestane hoeveelheid werd gevonden van het spierversterkende middel Nandralon. Stam liet een Leidse farmacoloog onderzoeken hoe dit mogelijk was. Diens conclusie: het lichaam van de voetballer maakt het stofje onder bepaalde omstandigheden zelf aan. Stam werd eerst geschorst voor twee jaar, later werd dat teruggebracht tot een jaar. Maar hij ging niet akkoord en nam de farmacoloog mee naar de zittingen. ‘We zaten in zo’n oud Italiaans kantoor. Aan het eind van de lange tafel zat de commissie. Mijn advocaat legde zijn bevindingen voor en introduceerde de professor. Toen was het de beurt aan de commissie om de professor vragen te stellen. Dat wilden ze niet. Het was niet nodig. Een van de commissieleden tikte met vier vingers op de tafel, nog voor de uitspraak. Het was allemaal al besloten.’ De commissie wilde koste wat kost aantonen dat ze niet fout zat, denkt Stam. ‘Voorafgaand aan de bijeenkomst kwam de aanklager naar me toe: “Als jij ons helpt, dan helpen wij jou.” Met andere woorden: als jij toegeeft dat jij het genomen hebt, kunnen wij strafvermindering regelen.’ Uiteindelijk kreeg hij vier maanden schorsing.

‘Het was een kloteperiode. Ik werd afgeschilderd als een crimineel. Het ergste is dat je nooit je onschuld kan bewijzen. Het blijft aan me plakken. Als een speler positief is bevonden, dan wordt mijn naam altijd genoemd in het teletekstbericht. Maar niemand heeft mij iets zien nemen.’ Ook zijn ouders hebben er onder geleden, zegt hij. Vooral toen twee bestuursleden van DOS Kampen zich in de krant van hem distantieerden. ‘Afgunst blijf je houden. Mijn ouders kwamen elke week op de club. Dat was zwaar voor ze.’

Hij wil het niet meer oprakelen. ‘Het is allemaal weer bijgelegd.’ Wel is er één ding dat hem bevreemdt. Destijds werden méér topvoetballers positief getest en geschorst: Frank de Boer, Edgar Davids en de Spaanse international Josep Guardiola. ‘Maar daarna hoorde je er nooit meer iets over. Niet eens een speler die op het randje zat. Erg apart.’

Lazio Roma gaf geld uit dat het niet bezat. Spelers werden maanden niet betaald en voorzitter Cragnotti belandde in de gevangenis. Stam wilde weg, maar liet zich twee keer overhalen te blijven. Hij was gevoelig voor het argument dat de club niet zonder hem kon. Maar de wanbetalingen gingen door en in 2004 dwong hij een vertrek af naar AC Milan.

Een moment dat is blijven hangen uit zijn Italiaanse periode is uit veertien december 2003. Pietro Parente, een middelmatige spits van de Italiaanse voetbalclub Ancona, zet zijn noppen in het rechter dijbeen van ’s werelds beste verdediger van dat moment. Jaap Stam, in de lichtblauwe kleuren van Lazio Roma, heeft rond de middenlijn de bal veroverd van een ploeggenoot van Parente en moet een sliding maken om de bal bij zich te houden. Nadat Parente de onderkant van zijn kicksen in Stams bovenbeen heeft geplant, glijdt Stam door, staat razendsnel op en draait zich in een vloeiende beweging om. Met zijn borstkas duwt hij Parente naar achteren. Met zijn forse handen omsluit hij diens keel. Parente gaat de lucht in. Hij verwordt in die paar seconden tot een aangeschoten hertje. Zijn grote zwarte ogen hebben de dood in de ogen gekeken.

Vanaf het seizoen 2004/2005 speelde hij voor AC Milan. Stam zou vijf seizoenen in Italië spelen, waarvan drie bij Lazio Roma(2001-2004) en twee bij AC Milan(2004-2006). Bij AC Milan maakte hij deel uit van een topteam onder trainer Ancelotti. In de verdediging speelde hij naast Paolo Maldini. Ook Clarence Seedorf was een teamgenoot met wie hij goed kon opschieten. Teleurstellend was de verloren Champions League finale in 2005 in Istanbul tegen Liverpool. Na een 3-0 voorsprong uit handen te hebben gegeven, trok AC Milan aan het kortste eind in een strafschoppenserie.

Ajax

In de modestad verbleef hij twee jaar en pakte hij de Supercoppa. In 2006 besloot De kale Slager, zoals hij ook werd genoemd, af te bouwen bij Ajax. Hoewel hij met de Johan Cruijff-schaal nog wel een prijs pakte, bleek het huwelijk tussen Stam en Ajax geen gelukkige en besloot hij op 29 oktober 2007 te stoppen met voetbal.

Hij kreeg de aanvoerdersband om, en moest als ervaren, gedisciplineerde speler de stuurloze talenten waarmee het team gevuld was de weg gaan wijzen. Dat lukte maar moeilijk. Meelijwekkend waren de wedstrijden van Ajax die leidden tot uitschakeling van Europees voetbal. Als een dolle stier stoof Stam over het veld, bezeten op zoek naar een doelpunt. ‘Ik was wanhopig. Ik wilde een voorbeeld zijn voor de jongens. Maar het zat er gewoon niet in.’

Hij raakte echter geblesseerd en kwam met pijn en moeite weer terug. De mededeling op 29 oktober 2007 dat hij per direct ging stoppen kwam totaal onverwacht, maar was achteraf verklaarbaar. Stam kreeg, inmiddels 34 jaar, het gevoel dat hij niet meer voor honderd procent meekon. Wel voor tachtig of negentig procent, maar dat was te weinig voor Jaap. Daar kon hij geen genoegen mee nemen. Stam kreeg op zaterdag 26 juli 2008 een afscheidswedstrijd aangeboden in het nieuwe stadion van zijn eerste betaald voetbalclub, FC Zwolle. Het Ajax-team speelde daarin tegen een team met allerlei spelers waar Stam samen mee heeft gespeeld bij zijn voormalige clubs. Tal van grote namen waren hierbij aanwezig.

Nederlands elftal

In 1996, toen hij nog bij Willem II speelde, werd Jaap Stam door Guus Hiddink bij Oranje gehaald. Stam debuteerde in het Nederlands elftal op 24 april 1996, thuis tegen Duitsland (0-1). Hij ging mee naar het Europees kampioenschap in 1996, omdat Frank de Boer op het laatste moment geblesseerd afhaakte, in Engeland, maar speelde niet tijdens het desastreus (Davids incident) verlopen toernooi. Hij werd na het stoppen van Danny Blind bij Oranje een vaste kracht in de verdediging van Oranje.

In de aanloop naar het Wereldkampioenschap in Frankrijk was Jaap Stam een vaste waarde in het centrum van de verdediging naast Frank de Boer. De Boer kon schitteren omdat Stam heel goed één op één kon spelen, waardoor een extra mannetje op het middenveld gecreëerd werd. Bij het Nederlands Elftal maakte Stam deel uit vanj een vriendenclubje, waartoe ook Arthur Nieman (‘de Tuur’), Marc Overmars en Pierre van Hooijdonk behoorden.

Na het EK 2004 in Portugal besloot Stam om een punt te zetten achter zijn carrière als Oranje-international. Hij speelde zijn laatste interland op 30 juni 2004, tegen Portugal (2-1 nederlaag) tijdens het EK 2004.

Stam speelde tussen 1996 en 2004 67 wedstrijden, waarin hij driemaal scoorde, in het Nederlands elftal en was actief op het EK 1996, WK 1998, EK 2000 en EK 2004.

Bij DOS Kampen is er een tribune naar hem vernoemd en hij heeft een eigen herdenkingssteen op het Oude Raadhuisplein te Kampen. Tussen 1997 en 2000 was Jaap Stam wekelijks te zien in het Veronica-programma De Regenjas van Harry Vermeegen.

De familieman Jaap Stam mag dan met gemengde gevoelens op zijn loopbaan terugkijken, de voetballer kan trots zijn. Stam speelde voor topclubs als PSV, AC Milan en Manchester United, en stond zevenenzestig keer in het Nederlands elftal. Hij was snel, explosief en oppermachtig in de lucht en in één-tegen-één-situaties. En hij speelde fair: in zijn hele carrière ontving hij slechts drie rode kaarten. Zijn filosofie: ‘Je moet er altijd van uitgaan dat je teamgenoot de bal verliest. Als je je op die manier opstelt, letterlijk en figuurlijk, kun je hem negen van de tien keer helpen.’ Wereldspit­sen als Dennis Bergkamp, Thierry Henry en Ronaldinho wist hij uit de wedstrijd te spelen. ‘Voor een verdediger,’ zegt hij, ‘is het mooiste moment als de bordjes aan de zijkant omhoog gaan met het nummer van je directe tegenstander erop. Dan weet je dat je alles onder controle hebt, dat je de baas bent.’ En als zijn spel hem niet de baas maakte, zorgde zijn uiterlijk daar wel voor. Met zo’n granieten postuur en ijzingwekkend gelaat in de gelederen staat een team vóór de wedstrijd al op voorsprong.

Toch heeft Stam nog maar weinig aan zijn successen teruggedacht. ‘Alleen de negatieve dingen blijven hangen,’ zegt hij. ‘Ik herinner me alle fouten en verliezen. Niet de Champions League-finale die ik won, maar die ik verloor.’ Op de flat­screens in zijn boerderij zijn geen oude wedstrijden te zien, maar tekenfilms voor de kinderen. ‘Ik heb er een hekel aan naar mezelf te kijken. Zelfs bij wedstrijdbesprekingen met de coach, als we een band terugkeken. Voor mij hoeft dat niet.’ Zijn trofeeën en foto’s heeft hij niet uitgestald in de woonkamer, maar weggeborgen in de kelder. Met enige tegenzin daalt Stam de trap af. ‘Ik heb een fantastische carrière gehad,’ zegt hij, terwijl hij langs voetbalshirts loopt met handtekeningen van Maradona en Pele. ‘Als ik naar mijn prijzen kijk, denk ik wel eens: mooi. Maar het is klaar nu.’

Trainerscarrière

Na zijn carrière als speler sloot Stam al niet uit dat hij misschien wel verder wilde gaan als trainer. Hij begon zijn trainerscarrière bij de club waar het voor hem allemaal begon, PEC Zwolle. Na het ontslag van Jan Everse in oktober 2009 werd Stam samen met Claus Boekweg aangesteld als interim-trainer. Art Langeler werd in januari aangesteld als opvolger van de ontslagen Jan Everse. Stam werd aangewezen als assistent trainer naast Langeler. Naast zijn werkzaamheden als assistent trainer bij PEC Zwolle was Stam sinds het seizoen 2011/12 ook actief als individueel trainer bij Ajax.

Begin januari 2013 werd bekendgemaakt dat Stam aan het einde van dat seizoen zou vertrekken bij PEC Zwolle. Niet veel later maakte Ajax bekend dat hij een contract had getekend voor drie jaar, wat in zou gaan per 1 juli 2013. Stam zou in de rol van assistent en trainer van de verdedigers zowel de jeugd, de beloften als het eerste elftal van Ajax gaan trainen. Ajax maakte op 28 mei 2014 bekend dat Stam samen met Andries Ulderink was aangesteld als trainer van Jong Ajax. Stam tekende een nieuw contract dat inging op 1 juli 2014 en een looptijd had tot en met 30 juni 2016.

Ook begon Stam in mei 2014 met de cursus Coach Betaald Voetbal. Begin december 2014 stopte hij echter weer met de cursus. Stam gaf aan dat de klassikale cursus hem niet lag. Stam mocht hierdoor van de KNVB een trainerscursus op maat doorlopen om alsnog zijn diploma te behalen. in november 2015 rondde hij zijn op maat gemaakte cursus af, waardoor hij individueel een betaaldvoetbalclub mocht gaan trainen.

Stam tekende op 13 juni 2016 een tweejarig contract als hoofdcoach bij Reading, de nummer zeventien van de Championship in het voorgaande seizoen. In het daaropvolgende seizoen (2017/18) stelde Reading zwaar teleur. Stam werd ontslagen op 21 maart 2018. In de laatste negentien competitiewedstrijden had de club slechts één keer gewonnen. Daardoor kwam de degradatiestreep in het Championship dicht in de buurt.

Op 28 december 2018 tekende Stam een contract tot de zomer van 2020 bij PEC Zwolle, dat in degradatienood verkeerde. Hij begon goed met een 3-1 winst op Feyenoord. PEC Zwolle handhaafde zich onder Stam in de Eredivisie.

Op 6 maart 2019 werd bekendgemaakt dat Stam in het volgende seizoen Giovanni van Bronckhorst ging opvolgen als trainer van Feyenoord. Op 28 oktober 2019 stapte hij op, vanwege teleurstellende resultaten en een twaalfde plaats in de Eredivisie. Zijn laatste wedstrijd was De Klassieker uit bij Ajax, die op 27 oktober 2019 met 4–0 verloren ging. Op 21 mei 2020 werd Stam aangesteld als trainer van het Amerikaanse Cincinnati.

Prijzenkast en erelijst:

* Nederlands landskampioenschap (PSV): 1996/97
* KNVB beker (PSV): 1995/96
* Johan Cruijff Schaal (PSV): 1996, 1997, 1998
* Engels landskampioenschap (Manchester United): 1999, 2000, 2001
* FA Cup (Manchester United): 1999
* UEFA Champions League (Manchester United): 1998/99
* Wereldbeker voor clubteams (PSV): 1999
* Coppa Italia (Lazio Roma): 2004
* Supercoppa Italiana (AC Milan): 2004
* KNVB beker (Ajax): 2006/07
* Johan Cruijff Schaal (Ajax): 2006, 2007
Nederlands elftal:
* 67 interlands; doelpunten: 3
* EK 1996, WK 1998, EK 2000, EK 2004
Individueel
* Nederlands Voetballer van het Jaar: 1997
* Gouden Schoen: 1997
* UEFA Champions League beste verdediger: 1999, 2000
* PFA Team of the Year: 1999, 2000, 2001

Referenties en bronnen:
Wikipedia, Koning Voetbal, Vrij Nederland, peczwolle.nl, kentudezenog.nl, wieiswieinoverijssel.nl, ajax.nl