101 voetbaliconen: (2) Roberto Baggio

PASPOORT

Geboren: Caldogno, 18 februari 1967
Overleden:
Nationaliteit: Italiaans
Positie: Middenvelder
Clubs: Vicenza, Fiorentina, Juventus, AC Milan, Bologna, Inter Milan, Brescia
Interlands: 56 doelpunten: 27
Doelpunten: Vicenza: 13, Fiorentina: 39, Juventus: 78, AC Milan: 12, Bologna: 22, Inter Milan: 9, Brescia: 45
Trainer: Technisch directeur Italiaanse voetbalbond

Als één van Italië’s meest gevierde aanvallers speelde Baggio zijn hele voetbalcarrière tijdens het Gouden Tijdperk van de serie A. Hij overwoog nooit een stap naar het buitenland, vooral omdat geen enkele club buiten Italië de transfersom zou kunnen betalen. Roberto Baggio was een aanvallende middenvelder die in eerste instantie opviel door zijn kapsel. Het leverde hem al snel de bijnaam Il Divin Codino, oftewel De Goddelijke Paardenstaart op.

In 1983 maakte het buitengewone talent als vijftienjarige puber zijn debuut bij Vicenza en werd al na twee jaar weggekaapt door Fiorentina. Zijn transfer van 25 miljard lire, bijna veertig miljoen gulden naar Juventus veroorzaakte straatrellen, maar het duurde vijf jaar voordat Juventus dankzij zijn doelpunten eindelijk eerste in de Seria A werd. Na zijn tijd bij Juventus ging hij nog naar AC Milan, Inter Milan, Bologna en Brescia. Bij Brescia stopte hij ook met voetballen in het seizoen 2003/2004. Hij had in totaal 488 duels gespeeld en 217 keer gescoord.

Baggio weigerde uit loyaliteit een keer een strafschop te nemen voor Juventus tegen zijn oude club Fiorentina en werd prompt gewisseld door een ongevoelige coach. Hij speelde meestal met rugnummer 10, in zijn periode bij AC Milan had hij echter 18, omdat 10 al bezet was. Bij Brescia is als dankbetoon het nummer 10 niet meer in gebruik, naar analogie van de nummers 3 en 6 bij AC Milan (Maldini en Baresi).

Baggio werd in een keer wereldberoemd toen hij in de groepsfase van het WK 1990 het mooiste doelpunt van het toernooi scoorde. Een sensationeel doelpunt tegen Tsjecho- slowakijje tijdens het WK van 1990. Eerst rustig dribbelend vanaf de linkerzijlijn passeerde hij vervolgens een paar verdedigers en schoot de bal uiteindelijk in de hoek. Baggio ontwikkelde zich in de jaren daarna tot een complete voetballer: snel, behendig en met scorend vermogen.

Hij was FIFA’s wereldvoetballer van het jaar en won de Gouden Bal. Een superster in Italië, gekend door zijn staartje in het haar. Toch wordt hij door iedereen die het voetbal liefheeft maar herinnert om een moment, een ontzettend pijnlijk moment: De gemiste penalty tijdens de WK finale van 1994. Dit falen kleeft nog steeds aan de naam Roberto Baggio.

Als ster van de Azzurri zorgden zijn doelpunten ervoor dat Italië door kon dringen tot de finale van het WK in 1994, maar deze wedstrijd werd zijn dieptepunt. De herinnering aan zijn gemiste strafschop -zijn schot zeilde over waardoor Brazilië de beker in ontvangst mocht nemen- achtervolgt hem waarschijnlijk nog steeds. Hiermee begon zijn verval dat er toe leidde dat niet werd opgeroepen voor het EK van 1996.

Zijn betwiste uitverkiezing voor het WK van 1998 in Frankrijk gaf hem de kans revanche te nemen, maar Italië verloor weer na strafschoppen van de latere wereldkampioen.

Hoewel Baggio in december 2003 in Brescia officieel aankondigde te stoppen, was zijn vorm in de tweede helft van het seizoen zo goed dat de roep om hem te selecteren voor het EK van 2004 steeds groter werd. Uiteindelijk werd hij gepasseerd ten gunste van een nieuwe generatie Italiaanse voetballers. Hij speelde in totaal 56 interlands voor Italië, waarin hij 27 keer scoorde. Hij is overigens geen familie van Dino Baggio (tijdgenoot in het voetbal).

In 2011 werd hij vanwege zijn verdiensten opgenomen in de Hall of Fame van het Italiaans voetbal.

Roberio Baggio in zijn gloriejaren bij Juventus
foto: onbekend
Jeugd

Roberto Baggio is geboren op 18 februari 1967 in het Italiaanse Caldogno en al op jonge leeftijd was hij samen met de voetbal. Hij komt uit een groot gezin en is de zesde van acht kinderen. Op jonge leeftijd gaat hij spelen voor Caldogno, de club uit zijn geboortestad. Het is al snel duidelijk dat er talent schuilgaat in de jonge Baggio. Hij wordt in zijn jonge tienerjaren gescout door Vicenza. In de jeugdopleiding van die vereniging excelleert hij door meer dan 100 goals te maken voor verschillende jeugdteams.

Vicenza 1982 – 1985

Baggio is zo goed dat Vicenza hem in 1982 al op 15-jarige leeftijd laat debuteren voor het eerste elftal. Hij speelt de meeste wedstrijden nog in de jeugdafdeling, maar komt naarmate hij ouder en nog beter wordt, steeds frequenter in actie voor het eerste elftal. In het seizoen ‘84/’85 is de 17-jarige Baggio een vaste waarde voor het eerste team van Vicenza, dat uitkomt in de Serie C1. De club wordt dat seizoen kampioen en promoveert naar de Serie B. Baggio maakt grote indruk door 12 keer te scoren. De hele Serie A zit achter het toptalent Baggio aan. Voor Vicenze speelde Roberto in totaal 36 wedstrijden waarin hij 13 doelpunten maakte.

Fiorentina meldt zich voor de jonge knul en wilt omgerekend 1,75 miljoen neertellen om hem over te nemen. Dan slaat het noodlot toe. Vlak voor de overgang naar Fiorentina scheurt hij de voorste kruisband van zijn linkerknie. Doktoren twijfelen aan zijn carriére, maar Fiorentina niet. Ondanks de zware blessure neemt La Viola de 18-jarige aanvaller over en betaalt en passant ook nog eens voor de operatie. Een zwaar jaar van herstellen volgt waarin Baggio nog een keer door de knie gaat en een tweede operatie niet kan uitblijven. Fiorentina behoudt echter het vertrouwen in het fit geraken van hun wonder- kind, al heeft hij nog geen minuut voor de club kunnen spelen. Roberto zoekt zijn geloof in het boeddhisme, het moet en zal goed komen. Dat vertrouwen betaalt zich uit.

Fiorentina (La viola) 1985 – 1990

Na het seizoen ‘85/’86 in zijn geheel te hebben moeten wijten aan het herstel van de zware knieproblemen, wordt hij aan het begin van ‘86/’87 fit verklaard en in het eerste elftal opgenomen. Het duurt even voor Roberto weer zonder angst voetbalt en zijn topvorm van bij Vicenza vind. Na een bleek debuutseizoen met een handvol wedstrijden is hij in zijn tweede fitte seizoen bij La Viola inmiddels basisspeler. Het goede ritme vinden is af en toe nog moeilijk, maar hij laat bij vlagen zijn klasse weer zien. Het seizoen ‘88/’89 wordt het jaar van de grote doorbraak voor de 21-jarige Roberto Baggio.

De club uit Florence maakt in ’88/’89 kennis met de ijskoude killer Baggio. Hij scoort 15 keer in de Serie A en Fiorentina behaalt met een 7e plaats een plek in de Uefa Cup voor het volgende jaar. In de Coppa Italia maakt hij de meeste indruk. In een campagne die Fiorentina tot de halve finale van het bekertoernooi brengt, is Baggio met 9 goals in 10 wedstrijden van cruciaal belang. In ’89/’90 wordt Baggio tweede in de topscorerslijst. Hij duldt enkel Marco van Basten voor zich in een seizoen waarin hij 17 keer weet te scoren, ondanks dat zijn club Fiorentina tegen degradatie vecht. Hij scoorde namens La viola – Fiorentina – tegen de rossoneri van Ruud Gullit en Franco Baresi. Na een seconde van verstomming uitte het publiek van… AC Milan zijn dankbaarheid voor zoveel schoonheid. Met zijn superbe slaloms voelde hij zich thuis tussen de renaissancekunst van Florence.

In de Uefa Cup dirigeert hij zijn ploeg naar de finale, die men verliest van Juventus. Baggio ontvangt de Bravo award, voor beste speler onder 23 in Europese competities.

Roberio Baggio in actie tijden de UEFA Cup finale in 1990 tegen Juventus.
foto: Getty Images
Fiorentina wilt zijn troetelbeer en populaire ster niet verkopen, maar in de zomer van 1990 komt Juventus met een bod van omgerekend ongeveer 14 miljoen euro (40 miljoen gulden). La Viola kan niet anders dan dit bod accepteren. Het transferbedrag is een transferrecord en maakt Baggio de duurste voetballer van het moment. De op één na duurste speler is Diego Maradona, in 1984 door Napoli voor ruim twintig miljoen gulden gekocht van Barcelona. Voor Ruud Gullit betaalde AC Milaan in 1987 zeventien miljoen aan PSV.

De stad stond in rep en roer: volksopstand met gewonden en arrestanten. Een jaar later weigerde hij zelfs een penalty te trappen tegen ‘zijn paarsen’. De vervanger miste, de Fiorentinafans zongen Baggio de hele match toe tot zijn coach hem uit doffe ellende wisselde.

Bij Fiorentina was hij één van de bepalende spelers, hij speelde vijf seizoenen voor de club uit Florence. Ook in deze periode maakte de jonge Baggio zijn debuut voor de nationale ploeg van de Italianen.

Juventus 1990 – 1995

Tegen alle conventies in verliet hij als Juvespeler het veld met een purperen sjaal om de hals. De tifosi van de bianconeri kropten hun wrok op tot hij zich met intelligente goals ook in hun harten speelden tijdens de gewonnen UEFA Cupfinale tegen Borussia Dortmund in 1993.

In het contract stond een jaarsalaris voor Baggio van rond de twee miljard lire, ruim drie miljoen gulden. Zowel Juventus als Milan deed in 1990 pogingen om Baggio te krijgen, maar de voorzitter van Fiorentina, graaf Flavio Pontello, had zijn sterspeler al geruime tijd geleden beloofd aan Fiat-president Gianni Agnelli, de voorzitter van Juventus en president van Fiat.

De trainer van het Italiaanse elftal, Azeglio Vicini, heeft in 1990 pas na een langdurige perscampagne in zijn selectie plaats ingeruimd voor Baggio, die bij Fiorentina op dezelfde plaats speelde als Ruud Gullit bij AC Milan en Diego Maradona bij Napoli. In een reactie op het nieuws van de transfer zei Vicini dat de 23-jarige Baggio nog moet rijpen en dat zijn spel behalve onder een aantal blessures eerst heeft geleden onder excessieve lof en later onder excessieve kritiek. Baggio begint daarom op de reservebank, aldus Vicini.

De transfer paste in de plannen van Juventus, dat in 1990 de UEFA-Cup en de Italiaanse beker had gewonnen, om een volledig nieuw team te vormen voor de jaren negentig. Juventus was bijzonder actief op de markt en had al de Braziliaanse verdediger Julio Cesar en de FC Koln-speler Hassler gekocht.

n zijn eerste seizoen bij Juventus laat hij gelijk zien waarom De Oude Dame zoveel voor hem heeft betaald. In een seizoen dat voor Juve dramatisch verloopt met een 7e plaats in de Serie A, scoort Baggio 14 goals en bereid hij 12 goals voor. In de Uefa Cup scoort hij 9 maal in 8 wedstrijden. De fans van Juventus waren in eerste instantie terughoudend over de aankoop van het kind van Florence, maar ze kunnen niet anders dan toegeven: Baggio presteert geweldig

Roberio Baggio in actie voor Juventus.
foto: Getty Images
In ‘92/’93 is de 25-jarige Roberto Baggio onder Trappatoni de captain van Juventus. Als aanvallende middenvelder naast de Duitser Andreas Möller en achter spits Gianluca Vialli, beleeft hij dat seizoen de winst in de Uefa Cup. Baggio is van levensbelang voor deze titel, met alle drie de goals in de 3-1 zege op PSG in de halve finale en twee goals en twee assists in het finale tweeluik met Dortmund, die uiteindelijk met 6-1 wordt gewonnen. In de Serie A strandt Juve op plek 4, maar Baggio speelt een briljant seizoen met 21 goals en 6 assists.

Zijn spel is op zijn allerbeste niveau het levert hem, ondanks het gebrek aan succes in de nationale competitie, de titel FIFA Wereldvoetballer van het jaar op. Als kers op de taart ontvangt hij ook de prestigieuze Ballon d’Or, de Gouden Bal dus.

Een ernstige blessure halverwege het seizoen ‘94/’95 zorgt ervoor dat Baggio maar een klein aandeel heeft in de winst van de Serie A van Juventus dat jaar. Hij scoort 8 keer in 17 wedstrijden voor de ploeg die onder Lippi kampioen wordt. Tijdens zijn afwezigheid komt de piepjonge Alessandro del Piero hem vervangen. Dit doet het jochie zo goed, dat Lippi beslist dat Baggio voor het volgende seizoen niet meer nodig is. AC Milan voorzitter Belusconi en manager Fabio Capello halen Baggio naar Milan. Roberto kan overal in Europa terecht, maar kiest ervoor om Italië niet te verlaten.

Bij Juventus werd hij twee keer landskampioen en won er een keer de beker. Ook won hij in 1993 de UEFA Cup met Juventus. Datzelfde jaar werd Baggio tot Wereldvoetballer en Europees speler van het jaar gekozen.

AC Milan 1995-1997

Omdat Juventus de aansluiting met de top leek te gaan verliezen is Roberto Baggio in het seizoen 1995-1996 ingegaan op het superaanbod van AC Milan, in die tijd was AC Milan een van de topclubs in Europa, hij zou slechts twee jaar blijven omdat de leiding niet meer het gevoel had dat Baggio nog topwedstrijden zou kunnen spelen.

Voor AC Milan kent Baggio een wisselvallige periode. In ‘95/’96 wordt hij met de club wel direct kampioen en speelt hij zo’n beetje alles, maar aan zijn fitheid wordt veel getwijfeld en zijn prestaties zijn niet zodanig dat hij niet inwisselbaar is.

Gedurende het seizoen ‘96/’97 belandt Roberto onder Milan’s nieuwe coach Tabarez op de bank en Tabarez’ vervanger Sacchi gelooft ook niet in de combinatie van twee creatieve mensen (Savicevic en Baggio) achter spits Weah. Savicevic krijgt de voorkeur en Baggio kent een teleurstellend seizoen. Hij mag, ondanks de terugkeer van Fabio Capello die hem naar Milan haalde, vertrekken aan het begin van het seizoen ‘97/’98. Bologna werd verrassend genoeg zijn nieuwe werkgever en dit was mede zo doordat veel clubs de twijfels van AC Milan dusdanig serieus namen.

Bologna 1997-1998

Baggio voelt dat zijn carrière op zijn 30e een redding nodig heeft. Ook knipt hij zijn staartje eraf. Tijd voor verandering, tijd voor heruitvinding. Omdat Baggio alle kritiek die hij kreeg volledig wegspeelde bij Bologna was er na 1 seizoen in de marge van het Italiaanse voetval veel belangstelling voor de nog steeds top-spelende Baggio. Voor Bologna maakte hij maar liefst 22 doelpunten in de 30 wedstrijden die hij voor de club speelde. Inter Milan werd de nieuwe club van Roberto Baggio en hoewel hij het zelf altijd ontkende lijkt het een bewuste keuze om voor de aartsrivaal van AC Milan te gaan spelen, immers is AC Milan de club die hem veel te vroeg heeft afgeschreven.

Inter Milan 1998 – 2000

De start van ‘98/’99 is voor Inter een drama, het team gaat gebukt onder hoge ver-wachtingen en vele trainerswissels zijn het gevolg. Uiteindelijk kiest Inter voor Marcelo Lippi, de coach door wie Baggio werd weggestuurd bij Juventus. De twee liggen elkaar voor geen meter en gedurende twee seizoenen bij Inter speelt Roberto maar zelden vanaf het begin van een wedstrijd mee.

Roberio Baggio en Clarence Seedorf juichen na een Inter doelpunt.
foto: AP / Luca Bruno
De wedstrijden die hij speelt of waar hij invalt, scoort hij wel vaak belangrijke goals. Lippi acht Baggio niet fit genoeg meer voor 90 minuten en verwijt hem dat hij te vaak uit vorm is. Het vele warmhouden van de bank kost Baggio een plek in de EK-selectie van 2000. Twee seizoenen lang verdedigt Baggio de kleuren van Inter Milan en na die jaren gaat hij spelen bij Brescia, hier wordt hij gehaald als leider en mentor van de jonge ploeg.

Brescia 2000 -2004

Brescia wordt de zesde en laatste Serie A club van Roberto Baggio. Een opvallende keuze, want Brescia is nou niet echt een ploeg waar veel lijkt te halen. Hij wilt zichzelf echter in de selectie voor het WK 2002 spelen en kiest bewust voor deze stap. Bovendien wilt hij het plezier in het spelletje op zijn 33e hervinden. Baggio wordt aanvoerder en krijgt zijn geliefde nummer 10.

Hij scoort (niet toevallig?) 10 goals en geeft nog eens 10 goals aan in het Serie A seizoen van ‘00/’01. Ondanks dat zijn loopvermogen en fitheid afneemt, toont hij zich uiterst nauwkeurig in vrije trappen en penalty’s. Zijn spelvreugd keert terug en zijn visie en creativiteit zijn van grote invloed op het spel van Brescia, dat zevende wordt in de Serie A.

Een seizoen later begint voor Baggio met acht goals in negen wedstrijden, maar dan gooit een blessure roet in het eten. Roberto mist een groot deel van het seizoen en schakelt zichzelf daarmee ook uit voor een plekje op het WK van 2002. Drie speeldagen voor het einde keert hij terug als invaller tegen Fiorentina om gelijk te scoren met een omhaal. Tijdens de laatste speeldag redt Baggio zijn club van het degradatiespook door nog eens tweemaal te scoren.

De laatste twee profseizoenen van Baggio zijn nog net zo steady en toont hij zich nog net zo waardevol als eerder. Met 12 goals in zowel ‘02/’03 als ‘03/’04 is hij op zijn oude dag ook nog van grote invloed. Hij scoort in die laatste seizoenen nog met prachtige lobjes, volleys en vrije trappen, zelfs een goal direct uit een corner ontbreekt niet.

In zijn laatste jaren wordt Baggio ook de zesde speler ooit die meer dan 200 keer scoort in de Serie A. In zijn slotmatch in San Siro tegen AC Milan ontvangt hij een applauswissel en een werkelijk prachtige staande ovatie van de Milanesi. In de vier jaar dat hij voor de kleine club speelt komt hij tot 95 wedstrijden waarin hij maar liefst 45 doelpunten scoort. Het eerbetoon van Brescia aan grootheid Baggio is dat er nadat Baggio gestopt is nooit meer iemand in het shirt van Brescia met nummer 10 zal gaan spelen.

Een nog jonge Roberto Baggio uitkomend voor het Italiaanse elftal
foto: Bob Thomas/Getty Images
Italiaanse nationale elftal: WK 1990

Het WK van 1990 vindt plaats in eigen land; Italië dus. Baggio zit bij de selectie, maar lijkt op papier de vierde spits. Carnevale, Vialli en Schillaci gaan hem vooraf. In de groepsfase stelt Carnevale echter teleur en krijgt ‘Toto’ Schillaci de ruimte om tot topschutter van het WK uit te groeien. Vialli presteert echter ook niet naar behoren en zo kan het dat in de knock-out fase Baggio en Schillaci samen in de ploeg staan.

Baggio scoort twee goals op dat WK, waaronder een tijdens de wedstrijd om de derde plek, die Italië uiteindelijk wint. Als schaduwspits achter Schillaci maakt Baggio zich kenbaar aan de wereld.

Italiaanse nationale elftal: WK 1994

Het beste moest nog komen. Zijn intellectuele toets vermengde zich met de weten- schappelijke systematiek van de vernieuwende bondscoach Arrigo Sacchi. Hij bedacht voor hem de vrije, zwervende rol en de Amerikaanse Wereldbekerzomer van 1994 werd die van Roberto Baggio.

Tijdens het WK van 1994 in Amerika scoort Baggio vijf goals en is hij zo’n beetje in zijn eentje verantwoordelijk voor de finaleplaats van de Italianen. Zo onzichtbaar als hij is in de groepsfase, zo enorm komt Roberto op stoom in de knock-out wedstrijden. In de achtste finale komt de Azzurri tegen Nigeria op achterstand en met 10 man te staan. Baggio schiet vlak voor tijd de gelijkmaker binnen en scoort in de verlenging een penalty. Italië gaat alsnog door.

De kwartfinale tegen Spanje wordt eveneens beslist door een goal van Baggio, vlak voor tijd. Bulgarije is zeer verrassend halve finalist, maar Baggio weet wel raad met Stoichkov en co. Het wordt 2-0 en beide goals zijn van Baggio. Hij heeft echter last van zijn ham- string en moet vlak voor tijd het veld verlaten, huilend en bang de finale te moeten missen.

Die finale tegen Brazilië speelt hij alsnog, maar hij is geen schim van zichzelf. Een bloedeloze 0-0 na 120 minuten is het gevolg en na missers van Baresi, Massaro (Italië) en Marcio Santos (Brazilië) moet Roberto Baggio de vijfde penalty omzetten om Italië in de race voor het wereldkampioenschap te houden. Het schot gaat huizenhoog over, Brazilië is wereldkampioen en Baggio staat in de leegte te staren, peinzend over zijn misser van zojuist. Het falen tijdens die penalty tekent Baggio voor de rest van zijn carrière.

Italiaanse nationale elftal: WK 1998

Op het WK 1998 verrast Baggio door opvallende invalbeurten waardoor hij de eerste Italiaan is die op drie eindtoernooien scoort. Hij speelde in totaal 55 interlands voor Italië, waarin hij 27 keer scoorde.

Roberio Baggio in hoedanigheid ambassadeur van de ‘Food Camp; Agriculture Organisation’
foto: onbekend
Het boeddhisme en de World Peace Award

Baggio bekeerde zich in 1988 tot de spirituele stroming van het Soka Gakkai Buddhism. Na intensieve gesprekken met een boeddhistische vriend startte hij reeds op zijn 21ste zijn zoektocht naar de staat van geluk ‘via vrede, vrijheid en mededogen’. Op deze wijze probeerde hij de prestatiestress uit het hoofd te counteren en de bevelen van dwangmatige coaches. Na zijn loopbaan in 2004 opteerde hij voor sociaal engagement. Hij aanvaardde het ambassadeurschap van de ‘Food Camp; Agriculture Organisation’ van de Verenigde Naties en zette zich in voor allerlei campagnes. Hij ijverde vooral vol genegenheid voor de vrijlating van Aung San Suu Kyi.

De mensenrechtenactiviste uit Birma/Myanmar won in 1991 de Nobelprijs voor de Vrede maar zuchtte sinds 1989, na de zege van haar partij in de verkiezingen, onder het huis- arrest en andere domme dwangmaatregelen van de militaire machthebbers. Voor zijn inzet voor haar werd Baggio in 2010 in Hiroshima uitgeroepen tot ‘Man of Peace’. Hij omhelsde haar uiteindelijk op 28 oktober 2013 toen hij haar het ereburgerschap van Rome mocht overhandigen.

Baggio verklaarde met de prijs gelukkiger te zijn dan destijds met de Gouden Bal. “Dit is beter dan de Gouden Bal”, verklaarde Roberto Baggio, die in 1993 tot beste Europese voetballer van het jaar verkozen werd. “Alle andere persoonlijke en professionele successen die ik ooit behaald heb, vallen in het niets naast deze prijs.”

Prijzenkast en erelijst:

* Landskampioen: Italië – 1995 (Juventus), 1996 (AC Milan)
* Bekerwinnaar: Juventus – 1995
* UEFA Cup winnaar – Juventus 1992/1993
* Nationale elftal: 56 interlands, 27 doelpunten.
* Nationale elftal: WK brons – 1990
* Nationale elftal: WK zilver – 1994

Roberio Baggio
foto: onbekend
Individueel:

* Europees voetballer van het jaar – 1993
* FIFA Wereldspeler van het jaar: – 1993
* FIFA: beste 125 levende spelers
* 24e in de beste Europese spelers v/d afgelopen 50 jaar
* Hall of Fame van het Italiaans voetbal.

Referenties en bronnen:
Wikipedia, www.tallsay.com, www.bestevoetballers.nl, www.guusvanholland.com, www.hln.be, www.marcmispelblom.nl, NRC, Het Voetbal Boek.