101 voetbaliconen: (43) Jairzinho

PASPOORT
Geboren: Rio de Janeiro, 25 december 1944
Overleden:
Nationaliteit: Braziliaans
Positie: Aanvaller
Clubs: Botafogo, Ol. Marseille, Kaizer Chiefs, Cruzeiro, Portuguesa, Noroeste, Fast Clube, Jorge Wilstermann (Bolivia), Botafogo
Interlands: 81 doelpunten: 33
Doelpunten: Botafogo: 186, Ol. Marseille: 9, Kaizer Chiefs: 7, Portuguesa: 2, Fast Clube: 17
Trainer: Kalamata, Gabon nationaal elftal

Jairzinho, geboren als Jair Ventura Filho, begon zijn carrière als flitsende buitenspeler van Botafogo. Hij was minder getruct dan zijn grote voorganger Garrincha, maar directer in zijn spel. Zijn belangrijkste wapens waren zijn bedrieglijke tempoversnelling en een krachtig schot.

Om tegemoet te komen aan Garrincha speelde Jairzinho bij het WK in 1966 op zijn minder favoriete linkerkant. Op rechts was hij twee keer zo goed.

Maar pas nadat hij uit de schaduw van Garrincha was getreden en op de rechterflank was geplaatst, kwam hij in het Braziliaanse elftal goed tot zijn recht. Hij was een sleutelspeler van het fabelachtige WK elftal van 1970. Hij was een ideaal aanspeelpunt voor de Brazilianen omdat hij de bal in hoog tempo naar voren bracht en Pelé en Gerson met voorzetten en passes bediende. Voor zijn deelname aan het WK van 1970 was Jairzinho net hersteld van een dubbele beenbreuk.

Hij was ook voortdurend doelgevaarlijk en scoorde in elke ronde van het toernooi, ook in de finale. Vier jaar later was Brazilië niet langer het prachtige elftal en kon Jairzinho niet meer zijn stempel op de wedstrijd drukken. Een Europees avontuur bij Olympique Marseille was geen groot succes, en Jairzinho keerde terug naar zijn geboorteland waar hij op achtendertigjarige leeftijd zijn eenentachtigste en laatste interland voor Brazilië speelde.

Als je Jairzinho met zijn wat onbeholpem motoriek over het veld zag lopen, leek het of er iets mankeerde aan zijn lichaamsbeheersing. Het tegendeel was waar.

Jairzinho (Jair Ventura Filho)
foto: Onbekend

Jeugdjaren

Jair Ventura Filho (Rio de Janeiro, 25 december 1944), beter bekend onder de naam Jairzinho, was een Braziliaanse voetballer van Botafogo FR en het nationale elftal van Brazilië. Bij Brazilië maakte hij deel uit van de “famous five” met Pelé, Gérson, Rivelino en Tostão.

Jairzinho groeide op in Caxias, een favela (armenbuurt) in het noorden van Rio de Janeiro. Hij ondervond al snel dat in Brazilië alleen het recht van de sterkste geldt. Hij begreep ook al vroeg dat voetbal eigenlijk zijn enige ontsnappingsroute uit de favela was en tekende voor Botafogo.

Jairzinho was een krachtige rechtsbuiten die in het Braziliaanse nationale team de weinig benijdenswaardige taak had Garrincha te doen vergeten. Zijn hoogtepunt was het WK 1970, toen hij in elk van de zes wedstrijden wel een doelpunt scoorde. Met Cruzeiro won hij in 1976 de Copa Libertadores.

Botafogo

Bij Botafogo moest Jairzinho het genie Garrincha opvolgen en gedroeg zich meestal hetzelfde: als een buitenbeentje. Zijn spel stond recht tegenover dat van Garrincha. Waar zijn voorganger hield van eindeloze dribbels en één tegenstander het liefst drie keer voorbijgaan, ging Jairzinho voor de kortste weg naar het doel.

Het Braziliaanse elftal vóór 1970

Ze kwamen op het geluid af en verborgen zich achter bomen om een glimp op te vangen van de jonge mannen die lachend en krijsend een partijtje voetbal speelden. Dat hadden de Russische voetballers nog niet eerder gezien toen ze in 1958 tijdens het WK het trainingskamp deelden met de Brazilianen. Zoveel spelvreugde tijdens een training. Dit moest iets nieuws zijn. De Brazilianen hadden weinig te verbergen. Iedereen mocht zien wat ze deden. Geen geheimen over tactiek, geen gesloten trainingen waar spelvormen worden ingestudeerd. Brazilianen voetbalden als kinderen op het strand.

Maar hier gold het wonderkinderen: Pelé, 17 jaar en de jongste; Garrincha, de gekste; Didi, de mooiste; Vavá, de rustigste; Altafini, de blondste; Zagalo, Brito, Bellini, Orlando, De Sordi, Dida, Gilmar, de doelman; en Djalma en Nilton Santos, het superieure ver- dedigingsduo.

In de wedstrijden speelden ze volgens een 4-2-4 opstelling. Later zou een opstelling een systeem worden genoemd, toen de Europeanen meenden de Brazilianen te moeten nabootsen. Maar Brazilianen speelden Braziliaans. Elegant en traag. Met zoveel balvaardigheid was tempo niet doorslaggevend. Alles draaide om schoonheid en kunstzinnigheid. De verdedigers verdedigden ‘op techniek’. Problemen werden voetballend opgelost. Een overtreding paste niet in hun spel. Wanneer een overtreding werd gemaakt was dat een ongelukje.

Jairzinho actief op het WK 1966
foto: Onbekend

Brazilianen speelden hautain. Zoals de aristocraat Didi. In 1962 werden ze weer wereldkampioen. Maar hun spel was niet zachtaardig meer. De kwaliteiten van de onnavolgbare rechtsbuiten Garrincha bleken gelukkig nog doorslaggevend. Maar nog
altijd speelden Brazilianen hautain.

Deze houding zou ze in 1966 opbreken. De oudjes werden te traag en Pelé werd het slachtoffer van brute Europese verdedigers. Maar geen nood, meende men in Brazilië, de kweekvijver is onuitputtelijk en het Braziliaanse spel zal op den duur toch zegevieren.

Jaitzinho had zijn internationale debuut als 19-jarige in 1964 tegen Portugal gemaakt, toen Garrincha geblesseerd raakte. Hij speelde in 1966 op het WK in Engeland, echter met Garrincha terug in de gelederen, speelde hij gedwongen als linkervleugelspeler. Jairzinho worstelde op deze positie om effectief te zijn, en hij kon het niet voorkomen dat Brazilië al in de eerste ronde het toernooi moest verlaten. Toen Garrincha na het toernooi zijn pensionering van het internationale voetbal aankondigde, nam Jairzinho eindelijk de rol van zijn idool voor Brazilië op de rechtervleugel over.

WK 1970

Misschien speelden ze tijdens het WK van 1970 in Mexico wel het mooiste voetbal aller tijden. Met Pelé in zijn beste periode, met Gerson, de geniale linkspoot, met Rivelino, de linksbuiten met de mooiste schijnbeweging: met links over de bal heen naar rechts zwaaiend de tegenstander op het verkeerde been zetten om dan in dezelfde beweging met buitenkant links de bal vrij te maken.

Ze speelden zo prachtig hautain, Rivelino en Gerson. Ze speelden zo arrogant. Wat was veranderd vergeleken met 1958 en 1962 was het tempo. Er zat meer snelheid in hun spel, dankzij Jairzinho, de rechtsbuiten, en Carlos Alberto, de rechtsback. En ze maakten overtredingen. Voetballende oplossingen genoten nog steeds de voorkeur, maar een tackle of sliding beheersten ze ook. Ze konden gemeen zijn.

Jairzinho was het eindstation van veel Braziliaanse aanvallen en hij scoorde in elke wedstrijd van het toernooi, nog steeds een record. Toch werd hij met zijn zeven goals geen topscorer van het toernooi. De Duitser Gerd Müller maakte er tien.

Tijdens het WK van 1970 in Mexico beleefde Jairzinho het beste toernooi van zijn leven. De Selecão versloeg elke tegenstander en kwam relatief makkelijk in de finale. Met fantasierijk voetbal werden Tsjechoslowakije (4-1), Engeland (1-0), Roemenië (3-2) aan de kant gezet.

In de kwartfinale wachtte het verassende Peru, dat in Teofilo Cubillas een wereldspeler had. In een mooie wedstrijd won Brazilië door doelpunten van Rivelino, Tostão (2x) en wederom Jairzinho. Gerson was overigens teruggekeerd in de ploeg. Marco Antonio kreeg de voorkeur boven Everaldo, maar in de halve finale tegen Uruguay speelde Everaldo weer “op 6”, zoals de linksbackpositie in Brazilië wordt genoemd. Ondanks een snelle achter- stand door een doelpunt van Cubilla, de gezette rechtsbuiten van Uruguay, raakte Brazilië niet in paniek. Het klassenverschil tussen beide landen was zo groot dat de eel-blauwen eenvoudig uitliep naar een 3-1 voorsprong. Ditmaal troffen Clodoaldo, weer Jairzinho en Rivelino doel.

Brazilië stond weer in de finale en had tot nu toe een verpletterende indruk achtergelaten. De vraag was niet of Brazilië wereldkampioen ging worden, maar met welke score.

De tegenstander was Italië dat via een krankzinnige 4-3 overwinning op West-Duitsland de finale had bereikt. Het catenaccio vierde nog steeds hoogtij in Italië. De Italiaanse bondscoach had de held van de halve finale, de Europees voetballer van het 1969, Gianni Rivera buiten de ploeg gelaten. Hij durfde het niet aan om zowel Sandro Mazzola en Gianni Rivera op te stellen.

Een meevaller voor de Brazilianen. Net als de vlugge 1-0 voorsprong door Pelé, die zodoende na Vavá de tweede speler werd die in twee WK-finales had gescoord. De Brazilianen speelden, net als heel het toernooi, fantastisch, maar dat werkte gemakzucht in de hand. Door dom balverlies achterin scoorde Boninsegna via een counter de gelijkmaker en strafte daarmee de Braziliaanse hooghartigheid keihard af.

Na rust stelde “The Beautiful Team” orde op zaken. Een afstandschot van Gerson en weer een doelpunt van Jairzinho zorgde voor een 3-1 tussenstand. Door dit doelpunt van Jairzinho werd hij de eerste en tot nu toe enige speler in de WK-geschiedenis die in alle wedstrijden tot en met de finale had gescoord. Brazilië sloot het toernooi in stijl af door de harde schuiver van Carlos Alberto waaraan een combinatie met alle elf spelers aan vooraf ging. Na Bellini in 1958 en Mauro in 1962 mocht Carlos Alberto als derde Braziliaanse captain de Jules Rimet Cup oftewel “De Gouden Godin” ophalen.

Jairzinho op de schouders na de gewonnen WK finale in 1970
foto: Onbekend

Jairzinho toonde zijn tactisch inzicht in de finale tegen Italië Later zei hij dat bondscoach Mario Zagallo hem de opdracht had meegegeven om steeds te switchen met linkerspits Rivelino of het centrum in te trekken. Zelfs Giacinto Facchetti, ‘koning van het catennacio ‘, trapte in deze val, zodat de rechterzone openviel voor rechtsback Carlos Alberto, die tijdens de wedstrijd een goal zou maken.

Over Brazilië 1970 werd alleen maar lovend gesproken en geschreven. Zo schreef een dichter uit die tijd: “Zulk mooi voetbal moest verboden worden”. Nick Hornby schreef in zijn boek, dat Brazilië 1970 het in zekere zin voorgoed verpest had voor de voetbal- liefhebber, omdat nooit meer iemand zulk mooi voetbal zou kunnen spelen.

Een team dat door velen wordt gezien als het beste elftal aller tijden werd voor de derde maal wereldkampioen en moesten daar nog lang op teren. Nog nooit had een ploeg zo overtuigend het wereldkampioenschap gewonnen, alleen het grote aantal tegendoelpunten (7 in 6 wedstrijden) viel uit de toon. Dit gaf tevens de zwakte van de achterhoede aan.

Bovendien was dit het enige toernooi waar dit team hun kunsten heeft laten zien. Het WK1966 was een debacle en in 1974 waren van de basiself eigenlijk alleen Jairzinho, Piazza en Rivelino over. In 1974 stonden ze weliswaar nog op het punt het zogenoemde ‘totaalvoetbal’ van Nederland met sublieme acties van Rivelino te vernietigen, maar het brute antwoord van Neeskens en Rijsbergen was hen uiteindelijk te machtig.

Jairzinho scoorde twee doelpunten op het WK in 1974, in wat zijn laatste toernooi voor Brazilië zou blijken te zijn. De 3e plaats was zijn laatste wedstrijd voor Brazilië totdat hij op 3 maart 1982 een eenmalige afscheidswedstrijd kreeg tegen Tsjechoslowakije in een wedstrijd die in 1-1 eindigde.

Na zijn carrière

Jairzinho was aan het einde van zijn carrière nog succesvol bij Portuguesa in Venezuela, mede door de inbreng van Jairzinho werd Portugesa één van de beste teams in de Venezolaanse geschiedenis. Met Jairzinho in de gelederen behaalde het 16 overwinningen op rij en het vierde van de in totaal vijf kampioenschappen.

Na het WK werd Jairzinho het “mannetje met de mooie maniertjes”. Hij zorgde ervoor dat er altijd internationale cameraploegen in de buurt waren en lag hele dagen op het strand. Hij zocht nooit meer contact met zijn voormalige ploeggenoten en met zijn carrière ging het bergafwaarts.

Na zijn pensionering als voetballer werd Jairzinho coach en leidde hij een aantal jongeren teams in zijn geboorteland Brazilië. Hij werkte ook in Japan, Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten. In 1997 werd Jairzinho als manager aangesteld bij de Griekse club Kalamata. Hij werd ontslagen vanwege slechte resultaten. In 2003 werd Jairzinho benoemd tot hoofdcoach van het nationale team van Gabon. Hij werd echter ontslagen door de voetbalbond van Gabon na een verpletterende nederlaag tegen Angola in een kwalificatiewedstrijd voor het WK 2006 in Luanda.

Misschien was zijn grootste prestatie als coach het ontdekken van Ronaldo als een 14-jarige terwijl hij São Cristóvão coachte. Hij bracht de carrière van de toekomstige drievoudige FIFA Wereldspeler van het jaar in een stroomversnelling door hem aan te bevelen bij zijn voormalige club Cruzeiro,

Standbeeld voor Jairzinho

In 2010 kreeg Jairzinho van Botafogo een bronzen standbeeld. Duizenden supporters zagen hoe een standbeeld van 2,5 meter op een voetstuk van twee meter onthuld werd voor het stadion. Daar kregen eerder al oud-spelers als Mané Garrincha en Nilson Santos een plek. Jairzinho startte en eindigde zijn loopbaan bij Botafogo. De voormalig vleugel- aanvaller kwam tussendoor uit voor onder meer Olympique Marseille. Zijn beste jaren waren in dienst van Botafogo, waarvoor hij 413 duels speelde en 186 doelpunten maakte.

In het nationale elftal van Brazilië kwam Jairzinho eveneens tot een uitstekend gemiddelde. De oud-international speelde 81 interlands, maakte 33 doelpunten en was op de WK’s van 1966, 1970 en 1974 van de partij. Op het gewonnen WK van 1970 maakte Jairzinho in elke wedstrijd één doelpunt, een unieke prestatie.

Prijzenkast en erelijst:

* Torneio de Caracas: 1967, 1968 and 1970 (Botafogo)
* Taça Brasil de Futebol: 1968 (Botafogo
* Rio-São Paulo Tournament: 1964 en 1966 (Botafogo
* Campeonato Carioca: 1967 en 1968 (Botafogo
* Kampioen van Venezuela 1977 (Portuguesa)
* Nationaal beker van Venezuela 1977 (Portuguesa)
* Copa Libertadores de América: 1976 (Cruzeiro)
* Kampioen van Bolivia 1980 en 1981 (Jorge Wilstermann)
Nationale elftal:
* 81 interlands (doelpunten: 33)
* Pan Americaanse Spelen Goud 1963, Wereldkampioen 1970, Taça Independência 1972
Individueel
* FIFA World Cup Silver Boot: 1970
* FIFA World Cup All-Star Team: 1970
* Zuid-Amerikaans speler van het jaar: 1972 #3
* World Soccer: 27th Greatest Player of the 20th Century
* IFFHS Braziliaans speler van de 20e eeuw: #19
* Braziliaans Football Museum Hall of Fame

Referenties en bronnen:
Wikipedia, Het Voetbal Boek, NRC, www.voetbalzone.nl