101 voetbaliconen: (58) Abe Lenstra

PASPOORT

Geboren: Heerenveen, 27 november 1920
Overleden: Heerenveen, 2 september 1985
Nationaliteit: Nederlands
Positie: Spits
Clubs: sc Heerenveen, SC Enschede, Enschedese Boys
Interlands: 47 doelpunten: 33
Doelpunten: sc Heerenveen: 523, SC Enschede: ?, Enschedese Boys: ?
Trainer: 1946-194 sc Heerenveen (speler/trainer)

Abe Minderts Lenstra wordt ook wel ús Abe (onze Abe) genoemd. Abe Lenstra wordt in het algemeen gezien als een van de grootste Nederlandse voetballers aller tijden. In zijn carrière maakte hij zo’n 700 doelpunten in ongeveer 730 wedstrijden.

Naast voetbal beoefende hij ook sporten als schaatsen en hardlopen. Hoewel hij ook in deze sporten uitblonk, koos hij toch voor het voetbal en maakte uiteindelijk op 15-jarige leeftijd zijn debuut in het eerste elftal van Heerenveen.

Abe Lenstra een voetbalgenie, dat zich al heel jong openbaarde. Hij was een markant voetballer en behoort, mits in vorm, tot de allerbeste van Nederland. Met een fluwelen techniek, een grandioos inzicht, een flitsend schot, plus een paar schijnbewegingen verschalkte hij zijn tegenstanders. Abe was een merkwaardige speler, die soms de indruk wekte dat hij te weinig aan het spel deelnam, maar ineens in een flitsend moment vriend en vijand versteld doet staan door een vlijmscherpe pass, een handige truc of een dodelijk schot. Abe Lenstra stond samen met Faas Wilkes en Kick Smit model voor de wondermidvoor KICK WILSTRA.

Lenstra was in bijna al zijn seizoenen bij Heerenveen topscorer in de competitie. Door zijn fraaie techniek, tweebenigheid in combinatie met snelheid en inzet groeide hij al snel uit tot een grote speler op de Nederlandse velden. De aanvaller werd met Heerenveen kam- pioen van Noord Nederland in 1942, 1943, 1944, 1946, 1947, 1948, 1949, 1950 en 1951. In 1951 en 1952 werd hij in Nederland gekozen tot sportman van het jaar.

Verschillende (top)clubs wilden Abe Lenstra maar al te graag contracteren. Hij werd begeerd door onder andere Ajax, Internazionale en Fiorentina waarvan het gerucht was dat deze laatste club hem een blanco cheque aanbood. Lenstra wees alle aanbiedingen af; hij bleef liever in Friesland voetballen.

In 1954, op het moment dat het betaalde voetbal in Nederland werd ingevoerd, vertrok Abe Lenstra dan toch bij Heerenveen en tekende bij Sport Club Enschede. De Tukkers betaalde een transfersom van 11.000 gulden voor de spits. Ook in Enschede blonk hij wekelijks uit. In 1958 werd de club tweede in de competitie en liep op doelsaldo het landskampioenschap mis.

Voor 42.000 gulden maakte Lenstra in 1960 de overstap naar de grote concurrent van SC Enschede: Enschedese Boys. Na drie seizoenen beëindigde Abe Lenstra daar op 42-jarige leeftijd zijn voetbalcarrière.

Abe Lenstra in het Nederlands elftal waarvoor hij 33 doelpunten maakte.
foto: Onbekend

Jeugdjaren

Lenstra werd geboren als zoon van handelsreiziger Mindert Jans Lenstra en Janke Suierveld. Abe was de middelste geborene uit het gezin met drie kinderen. Abe Lenstra werd geboren in het oprichtingsjaar van Heerenveen. Abe was een natuurtalent. Overigens blonk Abe uit in tal van sporten. Hij was een uitstekend schaatser, biljarter, atleet, verspringer en hardloper. In zijn twaalfde jaar ontving hij van Britse trainer Syd Castle het voetbaltechnisch diploma en twee jaar later kreeg hij een aanbieding om in Engeland voor Huddersfield te gaan spelen. Zijn vader blokkeerde deze overgang.

Zijn voetbaltalent werd ontdekt door de leiding van Heerenveen en zo kwam hij al snel in de jeugd van de club te spelen. Als 15-jarige maakte hij zijn debuut in het eerste elftal van Heerenveen en werd dat seizoen (1936-1937) meteen topscorer, met 19 doelpunten, van de tweede klas. Ook zijn broer Jan speelde in de hoofdmacht van Heerenveen.

In 1937 speelde hij met de selectie van Noord Nederland tegen Noord Duitsland en hij nam in die wedstrijd alle vier de doelpunten voor zijn rekening. In 1937 promoveerde Heerenveen naar de eerste klasse van het district Noord van de Nederlandsche Voet- balbond (NVB).

Er bestond toen nog geen betaald voetbal. Om in zijn onderhoud te kunnen voorzien had Abe een baan als gemeentesecretaris bij de afdeling Bevolking.

De voetballer en mens Abe Lenstra

In Friesland werd hij Ûs Abe genoemd. Velen vonden hem lui en zelfs een beetje traag. Het leek soms of hij niet helemaal bij de les was, maar dan ineens kon hij weer iets briljants doen. Zelf zei hij daarover: “Een goede voetballer is net een snoek; je hoeft niet veel te doen, als je maar op tijd toehapt” en “Een ander sjouwde, ik liet de bal het werk doen”.

Abe Lenstra was van uitzonderlijke klasse. Hij beheerste alle disciplines. Hij had snelheid, inzicht, een hard schot, een uitstekende dribbel, was tweebenig en kon geweldig koppen. Als Abe het op zijn heupen had, was hij niet te stuiten. Abe was echter vooral grillig. Soms gaf hij niet thuis en dreef hij zijn medespelers tot wanhoop. Abe was ook een luie voet- baller. Hij spaarde zijn energie regelmatig voor één of twee geniale acties.

Hoewel Abe geen echte goalgetter was en niet gefixeerd op het maken van doelpunten, is hij de absolute topscorer van Heerenveen (523 doelpunten) en het Nederlands voetbal. In het competitievoetbal heeft hij in de periode van 1936 tot 1963 zo’n 700 doelpunten (in circa 730 duels) gemaakt. Tijdens het seizoen 1946-1947 schoot hij maar liefst 46 maal raak. Als de wedstrijden voor vertegenwoordigende teams en bekerduels meegerekend worden, heeft Abe ruim 850 doelpunten gemaakt.

Abe Lenstra eigenzinning voetballer en persoon.
foto: Onbekend

De geniale Abe Lenstra was een geboren binnenspeler, een voetballer die in het klassieke systeem (2-3-5) een van de twee teruggetrokken binnenplaatsen innam. Abe had het spel dan voor zich, kon midvoor of buitenspeler aan het werk zetten, wat hem beter af ging dan het hollen voorin. In het Nederlands elftal speelde Abe echter op alle plaatsen in de voorhoede. Om precies te zijn: hij was rechtsbuiten (vijf keer), rechtsbinnen (zeven keer), midvoor (drie keer), linksbinnen (25 keer) en linksbuiten (zeven keer)

Hij was geniaal, maar een genie met remmingen. Zelfs in het Friesland had men soms problemen met hem, al bleef men zijn gedrag tegenover de Hollanders steevast ver- dedigen. De eigenzinnige Fries weigerde zijn provincie te verlaten toen Inter Milaan hem een blanco cheque aanbood. Van andere buitenlandse clubs (o.a. Fiorentina en Rot Weiss Essen) kreeg hij aantrekkelijke aanbiedingen, maar elke keer sloeg hij de financiele verleidingen af met het argument dat hij zichzelf niet als slaaf wilde verkopen. Als je prof wordt, heb je niks meer te vertellen en kan de club met je doen wat ze wil aldus Abe.

Naast het voetballen had hij een baan op de gemeentesecretarie, afdeling Bevolking. Hij had vele hobby’s: kaarten, biljarten, schaatsen, dammen en schaken. Ook in die hobby’ s toonde hij zich vaak een uitblinker.

In 1951 werd Abe gekozen tot sportman van het jaar, een verkiezing die toen voor de eerste maal, door de AVRO, werd georganiseerd.

Populair was hij niet alleen in Friesland, maar in heel Nederland. In 1950 maakte hij reclame voor onder andere C&A en Coca-Cola. Ook Abe’s vrouw Hiltje Lenstra-Wisman met wie hij in augustus 1944 getrouwd was (uit het huwelijk werden twee dochters geboren) maakte reclame, namelijk voor Maggi Goudbouillon.

In de jaren 50 verscheen in stripbladen, in kranten en later in boekvorm een voetbalfiguur, Kick Wilstra, genaamd. Deze voetbalheld was razend populair. De naam Kick Wilstra is een samenvoeging van de namen van drie beroemde voetballers uit die tijd: KICK Smit, Faas WILkes en Abe LenSTRA.

Zo toegeeflijk als Abe was ten opzichte van Faas Wilkes, zo weinig tactisch was hij normaal tegen minder getalenteerde teamgenoten. Abe was een lastpost voor medespelers die minder goed konden voetballen dan hij. ‘Abe vond iemand al snel een stumperd’, zei zijn vrouw Hiltje eens, ‘Abe kon zich niet indenken dat anderen op het gras zo stonden te krukken.’ Misschien kwam dat omdat Lenstra niet alleen een buitengewoon begaafd voetballer was maar ook voortreffelijk uit de voeten kon op andere gebieden.

Heerenveen: 1936-1954

Na Lenstra’s debuut bij Heerenveen veroverde hij al snel een basisplek in het elftal. Lenstra groeide met zijn techniek, tweebenigheid, snelheid en inzicht uit tot een grootheid in Heerenveen en later in heel Nederland. Met Heerenveen werd hij negen keer op rij kampioen van de Noordelijke eerste klasse, tweemaal greep hij met Heerenveen net naast het landskampioenschap. Bijna elk seizoen was Lenstra de topscorer.

De voetbalcompetitie had toen nog een andere opzet. Voetbalclubs streden om het kampioenschap van het district. De winnaars van de districten speelden vervolgens tegen elkaar om het nationale kampioenschap. Deze opzet gold tot 1951, want toen werd de nationale competitie ingevoerd. In de periode van 1942 tot 1951 werd VV Heerenveen maar liefst negen maal kampioen van het district Noord. Ook tijdens de Tweede Wereldoorlog ging de strijd om het nationaal kampioenschap nog steeds door. De aanvaller werd met Heerenveen kampioen van Noord Nederland in 1942, 1943, 1944, 1946, 1947, 1948, 1949, 1950 en 1951.

Tot ver buiten Heerenveen genoot Lenstra een enorme populariteit. Heerenveen werd in de jaren rond 1950 ook wel ‘Abeveen’ genoemd.

Abe Lenstra als aanvaller van Heerenveen
foto: Onbekend

Na de bevrijding in 1945 streed Heerenveen serieus mee om de Nederlandse titel. Lenstra was een tijd zowel speler als trainer, in de jaren 1946 en 1947. Onder leiding van Lenstra werd Heerenveen voor de vijfde maal Noordelijk kampioen en werd het tweede in de strijd om het landskampioenschap in 1947. Ondanks de aanwezigheid van het supertalent Abe ging het Nederlands kampioenschap steeds aan de neus van de Friese formatie voorbij.

Lenstra werd als voetballer begeerd door veel clubs, er was interesse van onder meer Ajax, en Internazionale. Volgens de verhalen bood Fiorentina hem zelfs een blanco cheque aan, maar Lenstra wilde ‘zijn’ Heerenveen niet verlaten. Deze gebeurtenis werd nog gememo- reerd op een grammofoonplaatje, waarop door Lenstra met ongeschoolde stem werd gezongen. Op de voorkant Geen woorden maar daden, op de achterkant Bij ons in Holland met als tweede couplet:

Ze stuurden me een blanco cheque, ik streek eens langs mijn kin.
Want op een heel klein briefie stond: vul zelf die cheque maar in.
Toen zei m’n vrouw: Hé, aarzel niet, vraag dan maar een miljoen!
Maar ik zei: Nee, zeg ben je gek, stel voor dat ze het doen.

Een aantal wedstrijden die Heerenveen om het nationale kampioenschap streed hadden een spectaculair verloop. Op 21 juni 1947 speelde Heerenveen tegen MVV. Ze stonden op een gegeven moment met 4-0 achter, maar wonnen de wedstrijd alsnog met 7-6.

Zijn meest legendarische clubwedstrijd speelde hij op 7 mei 1950 tegen Ajax. In die wedstrijd stond Heerenveen een half uur voor het einde nog met 1-5 achter om toch nog met 6-5 van Ajax te winnen. Abe Lenstra de held van de Friese jeugd scoorde de eerste twee doelpunten en had een groot aandeel in de andere doelpunten. Abe werd na deze wedstrijd gevierd als de koning van Friesland. En Ajax…, Ajax verloor hierdoor het kampioenschap. In 1995 werd in Heerenveen in de naar hem genoemde voetbalstadion (Abe Lenstrastadion) een theaterstuk over deze historische wedstrijd opgevoerd: het spektakelstuk ‘Abe’.


Elftalfoto van Heerenveen. Abe Lenstra bovenste rij 4e van links
foto: Onbekend

Enschede: 1954-1963

In 1954, op het moment dat het betaalde voetbal in Nederland werd ingevoerd, vertrok Abe Lenstra dan toch bij Heerenveen en tekende bij Sport Club Enschede. De Tukkers betaalde een transfersom van 11.000 gulden voor de spits, terwijl zijn marktwaarde naar verluidt minstens 100.000 gulden was. Ook in Enschede blonk hij wekelijks uit. Zo verdiende hij toch nog een tijd zijn geld als profvoetballer.

Het is Abe nooit gelukt om met zijn ploeg kampioen van Nederland te worden. Nog eenmaal was hij er echter wel dichtbij. In juni 1958 speelden Sportclub Enschede en DOS uit Utrecht een beslissingsduel voor het landskampioenschap. Na drie minuten in de derde verlenging scoorde Tonny van der Linden voor DOS en door deze nederlaag was voor Abe de laatste kans op een landskampioenschap verkeken.

Lenstra maakte in Stadion Het Diekman het eerste doelpunt dat daar ooit gemaakt werd. Voor 42.000 gulden maakte Lenstra in 1960 e overstap naar de grote concurrent van SC Enschede: Enschedese Boys. Na drie seizoenen beëindigde Abe Lenstra daar op 42-jarige leeftijd zijn voetbalcarrière. Hij kon terugkijken op een 27 jaar durende loopbaan op niveau, waarin hij in ongekend aantal wedstrijden speelde en doelpunten (700) maakte.

Wedstrijd Enschede – DFC 1-1 op 13 mei 1956. Piet Punt (3e van links), Abe Lenstra en de doelman van DFC Wim van Vliet in een luchtgevecht. Geheel links Pim Willems, 2e van links Arnold Fröhling.
foto: Archief DFC

Abe op papier

Vanaf 1949 verscheen er in De Volkskrant een serie van dertien afleveringen over “Abe Lenstra, de mens, de Fries en de voetballer”. In 1950 verscheen in de reeks “Sportsterren- parade” de serie “Abe Lenstra”. Van andere series in kranten, waarin Abe voetballes gaf kwamen later boekjes uit, “Voetballen doe je zo” en “Honderd Goals”.

Van het adagium `we moeten leren gemakkelijker te voetballen tot en met `de strafschop: doe laconiek en schiet serieus , in Voetballen doe je zó leert Abe Lenstra de jongelui in vijfentwintig lessen de kneepjes van het voetballen. Hoewel de meeste van Abe Lenstra s raadgevingen onverminderd van kracht zijn, doen sommige ons vandaag de dag toch de wenkbrauwen fronsen. Wat te denken van de les waarin wordt uitgelegd hoe de keeper misleid kan worden dankzij de kleine teen, of van de aansporing de bal ook eens onder controle te brengen met het zitvlak? In Lenstra s tweede boek Honderd goals! (1958) ligt de nadruk op wat Lenstra zelf als een van zijn belangrijkste taken zag: `het scoren van goals en het scheppen van kansen voor anderen .Voor het eerst verschijnen deze twee voetbalboeken samen in één band in de serie Sportklassieken. Met een nawoord van Matty Verkamman. Sportklassieken nr. 3

Abe Lenstra en het Nederlands elftal: 1940-1959

Op 6 juni 1939 speelde hij met het Bondselftal mee tegen Joegoeslavië‘. Het Bondselftal was het Nederlands elftal (van een maand eerder tegen Zwitserland) minus rechtsbinnen Frans van der Veen. Voor hem speelde Lemstra, zoals Abe toen nog werd genoemd in de kranten. Zijn eerste wedstrijd in het echte Oranje volgde 10 december tegen België‘. Het was een huldigingswedstrijd vanwege het vijftigjarige jubileum van de KNVB, om welke (rare) reden de interland niet als officieel gold. Abe werd geroemd om zijn ‘bijzonder intelligente spel’.

Op zijn negentiende speelde hij voor het eerst in het Nederlands voetbalelftal, op 31 maart 1940 in Rotterdam maakte hij zijn debuut tegen Luxemburg. De wedstrijd ging met 5-4 verloren, maar Lenstra was wel eenmaal trefzeker. Ook als international was Abe Lenstra wispelturig. Als hij geen zin had, meldde hij zich gewoon af. Toch heeft hij nog 47 wed- strijden voor het Nederlands elftal gespeeld. Samen met Faas Wilkes en Kees Rijvers vormde hij in Oranje een voetbaltrio dat de geschiedenis is ingegaan als het Gouden Binnentrio.

Voor Oranje scoorde hij in totaal 33 keer, evenveel als later Johan Cruijff. In tegenstelling tot Cruijff is Lenstra wél topscorer geworden (’58-’59). Hij volgde Beb Bakhuys op, op 23-04-1958. In die vriendschappelijke wedstrijd tegen Curaçao, kwam overigens Wilkes in de 20ste minuut nog op gelijke hoogte met zowel Lenstra als Bakhuys, die toen alle drie op 28 doelpunten stonden. Drieëntwintig minuten later maakte Lenstra zijn 29ste en scoorde ook nog zijn 30ste doelpunt in die wedstrijd. Op 04-11-1959 passeerde Faas Wilkes hem met zijn 34ste doelpunt.


ROTTERDAM – Het Nederlands Elftal voor de wedstrijd tegen Finland (4-4) Vlnr staand Cock van der Tuyn, Joop Oldenthal., Rinus Terlouw, Piet Kraak, Louis Biesbrouck, Jan van Schijndel. Zittend, Bram Wiertz, Abe Lenstra, Noud Melis, Henk Schijvenaar en Piet Groeneveld.
foto: ANP / G. v.d. Werff

De Oranje-loopbaan van Abe verliep helaas even grillig als het spel van de vedette. De voortdurende controverse met de Keuze Commissie en zijn soms tegenvallende prestaties kostten hem vele interlands.

Hij had nog meer wedstrijden voor het Nederlands elftal kunnen spelen. Maar in de Tweede Wereldoorlog werden er geen interlands gespeeld. Hij werd ook een tijdlang niet meer geselecteerd omdat hij in de eerste naoorlogse interland wedstrijd van maart 1946 tegen Luxemburg (die met 6-2 verloren ging), op de voor hem ongebruikelijke positie als rechter aanvaller, een slechte wedstrijd speelde.

Herhaaldelijk leek het de laatste keer te zijn geweest dat Abe voor Nederland had gespeeld. Nogal pijnlijk was de situatie in 1952. De kenners van de Keuze Commissie hadden gemeend dat Abe voor de Olympische Spelen van Finland te weinig vorm had. Te lui, te gemakkelijk.

Na de Spelen werd Abe weer wel geselecteerd; rechtsbinnen tegen Denemarken, links- buiten tegen België‘. Abe was het zat. Voor de uitwedstrijd tegen de Engelse amateurs liet hij verstek gaan toen hij hoorde dat hij weer zou worden opgesteld als linksbuiten. Rat Verlegh van de Keuze Commissie probeerde Lenstra over te halen alsnog mee te gaan naar Hull met de belofte dat Abe een andere plaats zou krijgen als iemand zou uitvallen. (linksbinnen “en net oars”) Abe liet zich niet ompraten. Het leverde een onvergetelijke foto op van Abe aan de waterkant. Terwijl Oranje in Engeland was, stond Abe te vissen…

De Telegraaf commentarieerde: ‘Troost U, waarde Heer Lenstra, in de geschiedenis van de Nederlandse voetbalsport zal uw naam met groter letters geschreven staan dan die van de vervelende systeemrijders, de vorsten van de neergang van het Nederlandse voetbal.’

Na een lange tijd van afwezigheid gebeurde het onverwachte. Abe werd in 1956 opnieuw geselecteerd. Uitgerekend voor de beladen interland tegen regerend wereldkampioen West-Duitsland. Zijn comeback werd een succes. Door twee schitterende doelpunten van Abe werd de machtige Oosterbuur verslagen. Voor het Nederlandse volk was dit een erg emotionele overwinning, het was de eerste interland na de Tweede Wereldoorlog tegen de Duitsers. Lenstra was met zijn twee doelpunten de gevierde held. Aaa-be, Aaa-be, Aaa-be, schreeuwden de 10.000 Nederlandse supporters die op de tribune zaten.

In april 1959 speelde hij zijn laatste interland wedstrijd tegen België. Hij was toen meer dan 19 jaar interlandspeler geweest. De wedstrijd eindigde in een gelijkspel, 2-2, en Abe scoorde in de 73 minuut het tweede doelpunt van Nederland. Nog jaren later klonk het : Aaa-be, Aaa-be, Aaa-be van de tribune als Nederland een slechte interland wedstrijd speelde.

Hij maakte uiteindelijk 33 goals in zijn 47 interlands. Daarmee staat hij op de eeuwige topscorerslijst net achter Faas Wilkes, maar dat is zijn eigen schuld, zei Abe later. In zijn laatste interland vroeg Faas Wilkes zijn ploegmaat of hij de strafschop mocht nemen. Dat mocht. Het bracht Faas op 35 doelpunten.

Abe de schaatser

Zijn faam als voetballer hield Abe Lenstra niet van het ijs. Op de kortebaan reed de Heerenveenvedette om hoge geldprijzen, lang voordat een club hem betaalde….

Toen de winter van 1942 inviel, stond Abe Lenstra op het punt ongekende successen te behalen met zijn club Heerenveen. De eerste noordelijke kampioenstitel lag binnen handbereik na winst op Sneek. Lenstra (22) had zoals gewoonlijk gescoord, drie maal.Een paar dagen na de zege stapte de begaafde linksbinnen op het ijs, in zwarte, nauw gesloten kleding.

Op de kortebaan zocht hij de competitie met vedetten, in wedstrijden waar geldprijzen ter hoogte van week-, soms zelfs maandsalarissen, werden vergeven. De Duitse bezetting vormde geen beletsel. Zijn naaste omgeving stond versteld van zijn ambitie, die in 1939 plots aan het licht was gekomen. Vader Lenstra verkeerde in de veronderstelling dat zijn zoon ‘wel kon lopen op de schaats, maar niet kon rijden’, zo vertelde hij de Volkskrant in 1949.

29 januari 1952: Abe Lenstra heeft ijsplezier met zijn dochter
foto: Harry Pot / Anefo

De amateur-voetballer, zoals hij vaak werd genoemd, streek die winter de aanzienlijke som van 413 gulden op. Slechts vijf Friese rijders verdienden meer.(Lenstra ontving zijn eerste salaris als voetballer pas dertien jaar later. Sportclub Enschede betaalde in 1954, toen profvoetbal werd ingevoerd, voor een zege 35 gulden, voor een gelijkspel 25 gulden en voor een nederlaag 5 gulden.

In de winter van 1942 zette Lenstra, die als ambtenaar bij de gemeente Heerenveen werkte, zijn opmars voort. Van het gemeentehuis kon hij altijd vrij krijgen om te rijden. Een week na zijn drie doelpunten tegen Sneek begon hij aan een veelbelovende reeks: derde in Terhorne (10 gulden), derde in Nijehorne (10 gulden) en eerste in Dokkum (50 gulden).

Waar Lenstra zijn weelderige kuif ook liet zien; er werd rekening met hem gehouden.Bij het Friese kampioenschap in Heerenveen, op het toenmalige Thialf, overleefde Lenstra de eerste twee ronden gemakkelijk. In de halve eindstrijd moest hij het opnemen tegen de uitgesproken favoriet Doekele Hielkema. Lenstra liet zich niet kennen. Met miniem verschil won hij. Hij maakte voor het eerst kans op de prestigieuze Friese titel.Lang koesteren kon hij het moment niet. Abe had geen schijn van kans tegen Berend Hof, die een dag later ook Nederlands kampioen werd.

Volgens het Nieuwsblad van Friesland was Hof na 40 meter al heer en meester, ‘al moest hij beide keeren zich tegen de eindspurt van Abe nog even verzetten’. De tijden na twee ritten: 32.2 om 33.45.Bij het Overijsselse kampioenschap, een week later, kreeg Lenstra een kans op revanche. Het publiek stond in dichte rijen langs de touwen om niets te missen van de strijd tegen Hof.

Nu zorgde Lenstra wel voor een sensatie. Hij versloeg de Nederlands kampioen in twee ritten, zonder tijdwaarneming. Het was zijn eerste en, zo bleek veel later, enige grote titel als hardrijder. Met de zege verdiende Lenstra de hoofdprijs van 120 gulden, een fiks deel van de 625 gulden aan premies waarmee hij die winter afsloot. In het Friese klassement van verdiensten bekleedde hij in 1942 de vierde plek.Was Lenstra, net als in het voetbal, doorgedrongen tot de top?

Het ligt ingewikkelder.Volgens officiële uitslagen is de Heerenveen-ster erkende cracks als Berend Hof, Doekele Hielkema en Kees van Eikeren te snel afgeweest. Maar er zijn aanwijzingen dat Abe zich inliet met een verfoeid doch hardnekkig gebruik dat ‘delen’ werd genoemd.Schaatshistoricus Hedman Bijlsma heeft ontdekt dat Lenstra in 1941 betrokken was bij een controverse in Appelscha. De ijsclub weigerde prijzen uit te keren, omdat de zege zou zijn verkocht. Hielkema gunde Abe de eer, in ruil voor een fiks aandeel van diens prijzengeld.

Schuld bekenden ze niet, maar beiden zagen af van de premie toen werd gedreigd met een langdurige schorsing. De krantenknipsels die Hielkema heeft nagelaten aan het Schaats- museum in Hindeloopen doen vermoeden dat de ijsclub niet ver bezijden de waarheid zat. In de kantlijn van diverse wedstrijdverslagen noteerde de schaatser wat hij betaald kreeg om te verliezen.Uit die boekhouding valt bijvoorbeeld op te maken dat Berend Hof voor zijn Nederlandse titel 500 gulden overhad – het viervoudige van de officiële hoofdprijs.

Hof kon zijn reputatie als snelste man vervolgens te gelde maken door de zege te verkopen aan rijders voor wie prestige zwaarder woog dan geld.Hoewel Hielkema’s notities geen leesbare aanwijzingen bevatten over Lenstra’s zeges, wijzen anekdotes van vrienden en tegenstanders op handel. Sommigen spreken met schroom, alsof ze een mythe met modder besmeuren.

Op de korte baan streed Lenstra ‘om prijs en premie’ tot hij betaald voetbal ging spelen in Enschede, in 1954. Alleen in de korte winter van 1943 reed hij niet. De Duitse bezetter dreigde schaatsers vanwege hun verdiensten uit te sluiten van amateursporten, zoals voetbal. Zijn prestaties uit 1942 zou Lenstra nooit meer evenaren. Na de oorlog werd de concurrentie heviger, toen de Hollanders naar Friesland kwamen. Maar een geducht tegenstander bleef hij.

Abe Lenstra na zijn voetbalcarrière

Na zijn voetbalcarrière was Lenstra trainer bij enkele clubs in het amateurvoetbal. Daarna speelde Abe Lenstra nog enkele jaren bij de veteranen van PH in zijn woonplaats Almelo. Later werd hij vertegenwoordiger bij een brouwerij. Lenstra bleef tot 1977 in Almelo wonen. In maart 1977 werd hij echter getroffen door een hersenbloeding, die hem gedeeltelijk invalide maakte. Tot aan zijn dood bleef hij aan een rolstoel gekluisterd. Hij wilde graag weer terugkeren naar zijn geliefde Heerenveen. Er werd een comité opgericht “Abe weer thuis”, met als erevoorzitter Prins Bernhard die een groot bewonderaar van Abe was. Dit comité zamelde onder voetballers, ex-voetballers en de plaatselijke bevolking geld in om een aangepaste woning voor hem te kopen. En inderdaad keerde Abe in 1978 weer terug in Heerenveen.

Overlijden en herdenkingen

Op 2 september 1985, twee dagen voordat de interland Nederland-Bulgarije in het Heerenveense sportpark gespeeld zou worden, werd Nederland in rouw gedompeld door de onverwachte dood van Abe. Hij overleed door een acute hartstilstand. Abe Lenstra wordt gezien als de beste voetballer die Friesland ooit heeft gekend.

Na zijn dood werd Lenstra niet vergeten. Toen Cruijff in 2000 een ‘Oranje van de Eeuw’ mocht samenstellen ter gelegenheid van een benefietwedstrijd was Lenstra de enige speler, die ondanks zijn overlijden toch werd geselecteerd.

Abe Lenstra is nooit in de vergetelheid geraakt. Hij leeft nog altijd voort in de harten van voetballiefhebbers. Ook sc Heerenveen, de club die dankzij de grootheid van Abe historie schreef, eert de vedette van weleer nog altijd. Op 15 maart 1986 werd het oude voetbal- stadion aan de J.H. Kruisstraat naar Abe Lenstra vernoemd. Ook het nieuwe stadion, dat in augustus 1994 in gebruik werd genomen, kreeg de naam van Abe Lenstra mee. Bij de opening werd bovendien een bronzen beeld van de voetballer onthuld.

In 1995 werd in het stadion een musical over hem opgevoerd met Ronnie Pander als Abe. Zijn leven werd de rode draad in de musical, met tussendoor zo echt mogelijk nagespeelde wedstrijdsituaties uit de legendarische 6-5-overwinning op Ajax. Veel beroemde karakters kwamen voor in dit toneelstuk, waaronder Rinus Michels (gespeeld door Maarten Spanjer), Johnny Jordaan en de jongens van de Kameleon.

Prijzenkast en erelijst:

* Kampioen van Noord Nederland: 1942, 1943, 1944, 1946, 1947, 1948, 1949, 1950 en 1951.
Individueel
* Interlands: 47 doelpunten: 33
* Nederlands elftal: topscorer aller tijden 1958-1959
* Nederlands sportman van het jaar: 1951 en 1952
* Topscorer Nederlandse competitie: 1947 en 1948

Referenties en bronnen:
Wikipedia, Het Voetbalboek, Volkskrant, www.bestevoetballers.nl, home.planet.nl, www.sc-heerenveen.nl, www.seniorplaza.nl, www.voetballegends.nl