101 voetbaliconen: (65) Stanley Matthews

PASPOORT

Geboren: Hanley, Stoke-on-Trent, 1 februari 1915
Overleden: Stoke-on-Trent 23 februari 2000
Nationaliteit: Engels
Positie: Rechtsbuiten
Clubs: Stoke City, Blackpool, Stoke City
Interlands: 54 doelpunten: 11
Doelpunten: Stoke City: 51, Blackpool: 17, Stoke City: 3
Trainer: Port Vale

Wanneer je een linksback die tussen 1930 en 1965 actief was, vraagt welke tegenstander hij het meeste vreesde, zal hij antwoorden: Stanley Matthews. Als één van de snelste spelers over de eerste tien meter gaf Matthews het vleugelspel zijn moderne vorm, bovendien vestigde hij conditionele standaarden die hem in staat stelden tot na zijn vijfstigste verjaardag te spelen. Nog altijd worden zinloze discussies gevoerd over de vraag hoe hij het er in het moderne voetbal van af zou hebben gebracht, maar hij was zonder meer één van de grootste publiektrekkers van het Engelse voetbal.

De toeschouwersaantallen bij Stoke City sprongen van achtduizend tot vijfendertigduizend man per wedstrijd omhoog toen Matthews in 1961 na een afwezigheid van dertien jaar terugkeerde bij zijn eerste club.

Zijn meest karateristieke wedstrijd speelde hij met Blackpool, waar hij in 1947 ging spelen na een ruzie met het bestuur van Stoke City. De aanblik van Matthews die de FA Cupfinale van 1953 op zijn kop zette door drie late doelpunten, en daarmee de 4-3 winst, voor te bereiden maakt nu net zo zeer deel uit van de Wembley folklore als de twee torens en Billy, het witte paard.

Ondanks al zijn kwaliteiten was die cup echter de enige belangrijke prijs die hij in zijn carrière heeft behaald. Maar voor zijn populariteit moest Matthews het niet hebben van prijzen en trofeeën. Hij won de harten van de voetbalfans door zijn aangeboren bescheidenheid en sportiviteit. Bij zijn dood in februari 2000 bleef het op de voetbalvelden door heel Engeland één minuut lang muis- en muisstil.

Matthews was in 1956 de eerste Europese voetballer van het jaar en werd in 1948 en 1963 door voetbalrecensenten verkozen tot voetballer van het jaar.

In 1965 was hij de eerste voetballer die geridderd werd.

Hij was met zijn vijftig jaar en vijf dagen de oudste eerstedivisiespeler ooit.

Hij is nooit rijk geworden van zijn sport. Bij zijn pensionering kreeg hij vijftig pond per week.

Stanley Matthews werd de eerste Europese voetballer van het jaar in 1956
foto: AFP/Getty Images

Stoke City en Blackpool

Matthews, zoon van een kapper in Hanley (de vedergewicht, de gevreesde ‘boksende kapper van Hanley’), groeide bij Stoke City op als apprentice, een talentvolle 14-jarige voetballeerling die zich met het poetsen van de schoenen van de profs, het verzorgen van het materiaal en het veld diende in te werken in het grote voetbal. De rechtsbuiten debuteerde op vijftienjarige leeftijd voor The Potters en groeide al gauw uit tot een belangrijke speler voor de club. Zijn snelheid, geweldige crosspass en intelligentie maakte van Matthews een gevreesd aanvaller. Hij maakte zijn profdebuut in 1932 bij Stoke City FC. Als jonge speler speelde hij als rechtsbuiten en viel hij al op met zijn dribbels. Twee jaar later speelde hij zijn eerste interland voor Engeland, een 4-0-overwinning op Wales. In een wedstrijd tegen Tsjechoslowakije in 1937 kwam Engeland met tien man te spelen (wissels waren nog niet toegestaan), maar Matthews besliste de match in Engels voordeel met een hattrick.

Tot zijn 32ste speelde hij voor Stoke City. Even, in 1938, had het erop geleken dat hij weg zou gaan, na een ruzie over premies. Maar toen de fans er lucht van kregen dat Matthews weg wilde, belegden ze een protestdemonstratie waar drieduizend man op afkwam. Het bestuur bond in en betaalde, Matthews bleef. Tijdens de oorlog diende Matthews de Engelse Royal Air Force, om in 1945 zijn loopbaan weer te vervolgen bij Stoke, al bleef hij hier niet lang

In 1947 haalde Blackpool de inmiddels 32-jarige aanvaller voor 11.500 pond op en ondanks dat hij al aardig op leeftijd geraakte, brak nu pas de sterkste periode aan in de loopbaan van Matthews.

Matthews Finale

De meest in de herinnering blijvende wedstrijd speelde Stanley Matthews in 1953. In dat jaar speelde Matthews met Blackpool tegen Bolton Wanderers in de Cup Final. Blackpool stond twintig minuten voor het einde achter met 3-1. Dankzij zijn onnavolgende voeten -werk stelde hij Mortensen in staat om twee keer te scoren. Dankzij een fantastische voorzet stelde hij vervolgens, twintig seconden voor het eindsignaal, Bill Perry in staat om het beslissende doelpunt te scoren. Deze wedstrijd ging de geschiedenis in als de ‘Matthews Finale’. Nadat hij eerder al tweemaal een Cup Final had verloren met Blackpool – in 1948 en 1951 – werd Matthews nu op de schouders van zijn ploegmaats van het veld gedragen

Matthwes, hij was alweer 41, werd in 1956 verkozen tot Europees voetballer van het Jaar. Een unieke prestatie voor de aanvaller, die zelf aangaf hiertoe in staat te zijn door het onthouden van zowel alcohol als tabak. Ook was Matthews vegetariër. Hij was een fitness-bezetene ver voor dat een trend werd. Vastte vanaf zijn 33ste elke maandag, om het lijf weer schoon te krijgen. “Fit blijven, dat is altijd het belangrijkste doel in mijn leven geweest.”

1957/1958 Stanley Matthews voor Blackpool geeft een voorzet tegen Luton Town met Les Jones (rechts).
foto: MediaStorehouse/Colorsport

In 1961, op 46-jarige leeftijd, keerde hij terug naar Stoke City. Hij was toen geen international meer, vier jaar eerder speelde hij zijn laatste en 54ste interland. In de tweede divisie trok Stoke in die tijd hooguit vierduizend man publiek. Maar bij de eerste wedstrijd van de teruggekeerde Matthews zaten er 35 duizend man op de tribunes.Op zijn 48ste leverde hij een belangrijke bijdrage aan de promotie van Stoke naar de hoogste divisie, in 1963. The Ageless Wonder, noemden de fans hem.

“Ik ben zo lang doorgegaan omdat ik van voetbal hield. Wat ik altijd het mooist heb gevonden, was de atmosfeer voor de wedstrijd, in de kleedkamer. De massage, de spanning. De geluiden van tienduizenden mensen buiten op de tribune. Zelfs toen ik vijftig was kon ik daar nog enorm van genieten.’Natuurlijk namen ze me nog serieus. Ik stond tegenover jongens die dertig jaar jonger waren, maar ze schopten me nog steeds even hard de lucht in. Dat is toch een teken van respect, of niet? Ik probeerde ze zo snel mogelijk in de wedstrijd een paar keer te passeren.”

Om ze psychologisch kapot te maken. Dan werd het allemaal een stuk gemakkelijker. Omdat hij in zijn loopbaan niet eenmaal werd gewaarschuwd, kreeg Matthews de naam een echte gentleman te zijn in het veld. “Ik heb heel veel schoppen gehad, heel veel. En altijd maar sorry zeggen, die jongens. Ik heb nooit gereageerd, nooit. Ook nooit de beslissingen van de scheidsrechter aangevochten. Mijn vader had ooit tegen me gezegd: als je reageert, heb je verloren. Dat heb ik altijd onthouden.’Maar een sportieve gentleman, nee. ‘Als ik op het veld stond, wilde ik maar een ding: de tegenstander vernietigen, hoe dan ook. Absoluut vernietigen.”

Als ze zaterdag hadden gewonnen, durfde Matthews pas op dinsdag de kranten te lezen. “Dan kon ik er een beetje tegen. Hadden we verloren, dan las ik ze gewoon op maandag. Kritiek kon ik veel beter verdragen dan loftuitingen.”

In de jaren vijftig verdiende hij bij Blackpool twintig pond per week.In die periode, herinnert Matthews zich, kreeg hij een aanbieding om in Nederland te komen spelen. Hij weet niet meer van welke club. “Ik wilde wel, ik kon er tien keer zo veel verdienen. Tweehonderd pond per week. Maar ze wilden me niet laten gaan. En in die tijd was je als speler nog volkomen machteloos. Je was letterlijk bezit van de club.”

Toch speelde Matthews nog in Nederland, bij DWV…

Door Wilskracht Verkregen (DWV) uit Amsterdam-Noord vierde in 1962 zijn gouden jubileum en behalve de gebruikelijke receptie moest dat gevierd met een jubileum- wedstrijd. De tegenstander was snel gevonden: rivaal, buurtgenoot en eredivisieclub De Volewijckers. DWV speelde bij de amateurs en zocht voor deze prestigieuze wedstrijd naar een beroemde gastspeler, die het niveau wat kon opkrikken. De Nederlandse sterren Faas Wilkes en Abe Lenstra vielen om wat voor reden dan ook af. Het bestuur nam daarna contact op met Stanley Matthews, een Engelse ster op leeftijd, 47 inmiddels, maar nog altijd profvoetballer voor Stoke City, de club uit zijn geboortestreek.

Matthews ging akkoord met een gage van vierduizend gulden en stelde volgens het boek ‘Negentig jaar DWV’ van Loek Bertels, drie aanvullende eisen: een goed hotel (Krasnapolsky), een goed veld (Olympisch Stadion) en een goede scheidsrechter (Fifa-scheidsrechter Leo Horn). DWV zou de gage makkelijk terugverdienen want het stadion zou vollopen voor ‘Vadertje Voetbal’ zoals Matthews in Nederland werd genoemd. De club kreeg veel publiciteit. Een jonge Herman Kuiphof kwam langs voor één van zijn eerste televisiereportages.

Centraal Station, 18.15 uur. Een stroom van reizigers, persfotografen, journalisten en bestuursleden. Dat is hem. Grijze jas, groen hoedje, koffer, rustig wandelend. How are you Mr. Matthews?’ Toenmalig DWV-voorzitter Jaap Drenthe verwondert zich dat een beroemdheid zo gewoon kan blijven. ‘Op naar Krasnapolsky. Voor ons koffie, voor mister Matthews…. thee. Wat een rustig mens, wat een bescheiden mens. Is deze eenvoudige man die beroemde Matthews? De grootste voetballer aller tijden! Ja, dat is de grootste voetballer, dit is ‘vadertje voetbal’, die man in dat eenvoudige grijze pak, die man met dat vermoeide gezicht.’

1938: Stanley Matthews spelend voor Stoke City
foto: Photographic Agency / Getty Images

Zijn laatste wedstrijd, op vijftigjarige leeftijd

In 1965 speelde Stanley Matthews zijn laatste wedstrijd en ook deze wedstrijd was bijzonder, want nog nooit heeft een speler op zo’n hoge leeftijd afscheid genomen op het hoogste niveau: Stanley Matthews was vijftig jaar oud toen hij voor het laatst in actie kwam. Zijn internationale afscheid vierde hij met het Engelse elftal tegen de Rest van de Wereld. Stom om toen al te stoppen, bedacht hij later. Hij voetbalde nog een paar jaar op Malta en had op 54-jarige leeftijd nog bijna om de Europa Cup tegen Real Madrid gespeeld. Hij liet de eer aan de jongeren. Zijn bescheidenheid won het eindelijk van zijn voetballust.

Matthews was in 1964 de eerste voetballer die omwille van zijn sportieve merites in de ridderstand verheven werd. En met reden. Hij speelde 34 seizoenen in de Engelse eerste klasse, trad 54 keer aan met de nationale ploeg en scoorde 11 goals in interlands. De Wizard of the Dribble , de tovenaar van de dribbel, was bovendien een gentleman van het zuiverste water, doordrongen van fair play. Hij debuteerde op zijn 17de en ging pas op lager niveau spelen toen hij de 50 al voorbij was. Het hoeft dan ook geen betoog dat hij zich bijzonder goed verzorgde. Hij trainde keihard en volgde een strikt dieet, wat zeker in die tijd nog niet de gewoonte was.

De verheerlijking van zijn speelstijl heeft in Engeland mythische vormen aangenomen. The Wizard of the Dribble wordt hij in eigen land genoemd of The Magician. Matthews was een klassieke rechtsbuiten met de gave om de verdediger tot het laatste moment onwetend te laten of hij binnendoor zou gaan of buitenlangs. Hij won weinig, slechts één FA Cup, maar hij groeide desondanks uit tot een icoon van de natie. Waar hij speelde zaten de stadions vol. Ook op het continent werden zijn voetbalkwaliteiten herkend. In 1956 werd hij gekozen tot de eerste Europees voetballer van het jaar, voor Alfredo di Stefano en Raymond Kopa van het grote Real Madrid.

Stanley Matthews The Wizard of the Dribble passeert een Charlton verdediger.
foto: Daily Mail

Matthews: “Maar eigenlijk ben ik nog te vroeg gestopt. Ik was vijftig, ik was de oudste speler die ooit in de First Division had gespeeld. Ik dacht: Stan, je moet er maar eens mee ophouden.Maar dat is achteraf een grote fout geweest. De grootste fout van mijn carrière. Ik had nog gemakkelijk twee seizoenen op niveau meegekund. In mijn laatste jaar speelde ik 35 van de 42 wedstrijden volledig mee. Alleen als we op zaterdag moesten spelen en op maandag weer, miste ik wel eens een beetje de push. Maar ik was nog erg fit. En ik hield nog zo veel van het spel.”

A big, big mistake. Op zaterdagen kreeg hij nog steeds geen hap door zijn keel. “In de morgen een kopje thee, ‘s middags om twaalf uur nog een. En verder niks, tot het avond is. Precies zoals het ging toen ik nog speelde. Is dat niet vreemd? Dertig jaar geleden gestopt en het lichaam is er nog niet aan gewend.”You can’t beat time”, zegt hij. “Maar ik blijf het proberen. Ik hoop dat ik 99 word, en dat ik dan word doodgeschoten door een jaloerse minnaar.”

Johnny Carey, begenadigd speler van het Manchester United uit de jaren veertig en vijftig, zei ooit dat spelen tegen Stanley Matthews te vergelijken was met het spelen tegen een spook. Hij was de Wizzard of Dribble, de ongrijpbare op de rechtervleugel van Stoke City en Blackpool. Hij was al legendarisch toen hij nog speelde en is nu een mythe.

Danny Blanchflower speelde tussen 1954 en 1964 voor Tottenham Hotspur. ‘Iedereen kent nu zo langzamerhand het repertoire aan trucs van de tovenaar’, zei hij over Matthews, ‘maar niemand weet nog wat hij ertegen moet doen’.

Interlandcarrière van 23 ! jaar

Matthews debuteerde voor Engeland in 1934. Matthews scoorde het derde doelpunt voor Engeland in een 4-0 overwinning op Wales. Zij tweede interland werd de beruchte “Battle of Highbury”, een 3-2 overwinning op wereldkampioen Italië. De Italianen veranderde de wedstrijd in een “bloedbad”, en het eindigde als de meest gewelddadige wedstrijd waar Matthews ooit mee te maken zou krijgen.

Zijn derde interland was op 4 december 1935 in een 3-0 overwinning tegen Duitsland in White Hart Lane, nadat Ralph Birkett niet in staat was te spelen vanwege een blessure, werd Matthews opgesteld, hij werd uitgeschakeld door Reinhold Münzenberg in zowel aanvallend als verdedigende zin. Matthews werd uitgejouwd door de supporters van Engeland en veroordeeld door de pers.

In 1938 speelde hij acht wedstrijden voor Engeland, te beginnen met de nederlaag tegen een team uit Schotland met een jonge Bill Shankly. Hij reisde vervolgens met het Engelse elftal naar Berlijn voor nog een wedstrijd tegen zijn voormalig Duitse plaaggeest Münzenberg. In Berlijn werd hij voor de wedstrijd getuige van de onheilspellende devotie die Duitsers voor de Führer toonde toen zijn colonne lang een café reed waar het Engelse team aan het dineren was. Het werd een beruchte wedstrijd doordat de Engelse voetbalbond in opdracht van de Britse regering, de opdracht kreeg de nazi-groet uit te voeren als onderdeel van een verzoeningsstrategie. Engeland won 6-3 met Matthews die zelf scoorde en deze keer zijn tegenstander Münzenberg de baas bleef. De volgende wedstrijd was een 2-1 nederlaag tegen Zwitserland, wat op zijn beurt werd gevolgd door een 4-2 overwinning op Frankrijk in Parijs. Na afloop van deze zomertournee op het continent scoorde Matthews in een 4-2 nederlaag tegen Wales in Cardiff, en daarna in de 3-0 overwinning van Engeland op een Europa XI in Highbury, Engeland’s 4-0 overwinning op Noorwegen in Newcastle, en de 7-0 overwinning tegen Ierland op Old Trafford.

Op 15 april 1939 keerde hij terug naar een modderig Hampden Park om met Engeland de Schotten met 2-1 te verslaan voor 142.000 door regen doorweekte supporters. Matthews bereidde, enkel seconden voor het eindsignaal, de winnende treffer voor. In het laatste jaar voor de 2e Wereldoorlog, was het de laatste keer dat Engeland door Europa reisde. De eerste wedstrijd was tegen Italië, die de Engelsen een warm onthaal gaf ondanks het borstgeklop van Benito Mussolini en de nasleep van vijf jaar ervoor in de “Battle of Highbury”. Deze keer werd het een 2-2 gelijkspel tegen de wereldkampioen in San Siro, ditmaal sooorde de Italianen de gelijkmaker met een overduidelijke handsbal. Matthews verliet het veld met een heupblessure. De volgende wedstrijd was een 2-1 nederlaag tegen Joegoslavië, en een wedstrijd tegen Roemenië die Matthews vanwege zijn heupblessure aan zich voorbij moest laten gaan.

1957: British Home Championship – Matthews in actie tijdens Engeland-Wales
foto: Onbekend

Na de oorlog keerde hij terug in het Engelse team voor de wedstrijd tegen Schotland op 12 april 1947 in Wembley, die eindigde in een 1-1 gelijkspel. In de zomer nam hij deel aan de Engelse tournee door Zwitserland en Portugal. Na een verrassingsnederlaag tegen de Zwitsers, sloeg Engeland toe met een 10-0 overwinning tegen Portugal. Matthews scoorde de 10e. In september speelde hij één van zijn beste wedstrijden in het shirt van Engeland, hij bereidde alle vijf goals van Engeland voor in een 5-2 overwinning op België.

In april 1948 speelde hij opnieuw met Engeland tegen Schotland resulterend in een 2-0 overwinning; echter na de wedstrijd was hij onderwerp van een FA-onderzoek nadat hij thee en scones op kosten van de bond had gedeclareerd (in totaal zes pence). Ongeacht deze behandeling door de FA, hielp hij de maand erna Engeland met een 4-0 overwinning tegen Italië in Turijn. De overlevering vertelt dat hij zijn directe Italiaanse tegenstander Alberto Eliani had verslagen door te bluffen met een kam die hij uit zijn broekzak had gehaald om rustig zijn haar te kammen. De realiteit was dat hij simpelweg zijn hand gebruikte om zijn zwetende voorhoofd in de Italiaanse zon af te vegen. Maar deze legende werd in stand gehouden en achtervolgde hem later over de hele wereld, Toeschouwers die bij de wedstrijd waren geweest waren ervan overtuigd dat het wél zo was. Later in het jaar speelde hij in een doelpuntloos gelijkspel tegen Denemarken, een 6-2 overwinning op Noord-Ierland, een 1-0 overwinning op Wales en een 6-0 overwinning tegen Zwitserland.

Manager Walter Winterbottom begon op zoek te gaan naar een meer verdedigende vleugelspeler, en gebruikte Matthews zo een keer in 1949 – een 3-1 nederlaag tegen Schotland in het Britse kampioenschap. Pas na indruk te hebben gemaakt op een FA-tournee door Canada werd hij op het laatste moment geselecteerd voor de Engelse ploeg die deelnam aan het WK in Brazilië in 1950. Hij speelde niet in de overwinning tegen Chili of in de beruchte nederlaag tegen de Verenigde Staten, maar hij speelde slechts één keer, in de 1-0 nederlaag tegen Spanje. Voor favoriet Engeland was het WK van 1950 een regelrechte afgang. Het excuus was dat de Engelse voetbalbond de concurrentie niet serieus had genomen, het spelershotel “onsmakelijk” voedsel had en geen beschikking had over trainingsfaciliteiten.

Na slechts in twee verdere wedstrijden te hebben gespeeld, een 4-4 gelijkspel met een Europa XI en een 3-1 overwinning op Noord-Ierland, kwam hij terug in de internationale scène na zijn heldendaden in de FA Cupfinale van 1953. Hij werd geselecteerd om tegen het Gouden Team van Hongarije te spelen op 25 november 1953, een nederlaag van 6-3, in een wedstrijd die bekend werd als de “Match of the Century”. Matthews gaf de FA en het selectiebeleid de schuld voor het zware verlies, hoewel hij grote bewondering had voor de Hongaren, in het bijzonder voor Ferenc Puskás.

Hij speelde niet in de 7-1 nederlaag tegen Hongarije in mei 1954 in Boedapest, maar werd wel geselecteerd voor het WK van 1954 in Zwitserland. Matthews hielp Engeland met een 4-4 gelijkspel tegen België, hoewel werd gepasseerd in de overwinning op Zwitserland. Hij kwam weer in de basis tegen Uruguay, waarin Engeland met 4-2 werd verslagen door fouten van doelman Gil Merrick. Zijn derde wedstrijd van het jaar was een 2-0 over- winning op Noord-Ierland in het Britse Home Championship van 1955, hoewel hij op het veld niet goed overweg kon met mede-aanvaller Don Revie. Matthwes speelde geweldig in een 2-0 overwinnig op Wales, waarna hij Engeland hielp in een 3-1 overwinning tegen wereldkampioen West-Duitsland, alhoewel er slechts drie Duitsers mee speelden die ook de WK-finale in 1954 hadden gespeeld,

Engeland versloeg Schotland met 7-2 in april 1955, en dit keer verliep de samenwerking tussen de aanvallers Matthews en Revie een stuk beter. De overwinning werd grotendeels toegeschreven aan het goede spel van de 40-jarige Matthews. In deze wedstrijd maakte Duncan Edwards (Manchester United, verongelukt in in de vliegramp) zijn debuut voor Engeland, toen Matthews zijn debuut maakte voor Engeland was Edwards nog niet eens geboren. Matthews ging mee op de niet-succesvolle tour van Engeland over het continent in 1955, toen het grillige selectiebeleid de oorzaak was van een 1-0 nederlaag tegen Frankrijk, een 1-1 gelijkspel tegen Spanje, en een 3-1 nederlaag tegen Portugal. Gepasseerd in een interland tegen Denemarken. kwam hij in oktober terug in de ploeg voor een 1-1 gelijkspel tegen Wales.

1956: Stanley Matthews ontwijkt een tackle van de Braziliaanse linksback.
foto: Onbekend

Na in 1956 de Ballon d’Or te hebben gewonnen, werd hij in mei teruggeroepen voor een interland tegen Brazilië, de latere wereldkampioen in 1958. Matthews hielp de Engelsen met het behalen van een 4-2 overwinning. Hij weigerde om deel te nemen aan de Europese zomertournee met Engeland, omdat hij al toezeggingen had gedaan om in Zuid-Afrika te gaan trainen. In zijn volgende internationale wedstrijd, tegen Noord-Ierland op 6 oktober 1956, op de leeftijd van 41 jaar en 248 dagen, werd hij de oudste speler in Engeland die ooit op internationaal niveau speelde

Hij speelde drie van de vier kwalificatiewedstrijden met Engeland voor het WK van 1958: een 5-1 overwinning op de Republiek Ierland en de 5-2 en 4-1 winst tegen Denemarken. Op 15 mei 1957 werd Matthews de oudste speler die ooit Engeland vertegenwoordigde, toen hij 42 jaar en 104 dagen oud werd in de overwinning op de Denen in Kopenhagen. Ondanks oproepen van de pers om hem te selecteren voor het WK van 1958, bogen de mensen van het slectiebeleid niet voor de smeekbede van de pers. Maar toch een internationale carrière van 23 jaar (!), dat is een record dat waarschijnlijk voor de eeuwigheid zal blijven staan.

Matthews kwam 54 keer uit voor het Engels elftal, waar hij een aanvalsduo vormde met onder anderen Tom Finney. Aansprekende overwinningen waren er tegen onder meer Portugal (10-0) in 1947 en op dat moment regerend wereldkampioen Italië (0-4 zege in Turijn). Hij deed tweemaal mee aan een wereldkampioenschap voetbal, in 1950 en 1954. Aan zijn in 1934 begonnen interlandcarrière kwam een eind in 1957.

Na zijn voetbalcarrière

De beste rechtsbuiten die de voetbalsport kende, keerde terug in Stoke-on-Trent na bijna vijfentwintig jaar als voetbalambassadeur en als voetballeraar rondgezworven te hebben in Malta, Ghana, Zambia, Nigeria, Rhodesië, Zuid-Afrika, de Verenigde Staten en Canada. Terug in Stoke waar hij zijn lange carrière als voetballer begon. Van een kennis vernam hij dat er een fraai landhuis te koop stond, waar je vanuit de tuin over de stad uitkijkt, met precies eronder Victoria Ground, het stadion van Stoke City FC. Zijn stadion.

Matthews vereeuwigd in brons

Een voetballiefhebber die in Hanley, het randstadje van Stoke-on-Trent, belandt, dient op zoek te gaan naar het standbeeld van Sir Stanley Matthews. Dan sta je even stil in gebed bij de ‘bronzen’ Stanley Matthews in zijn jongensjaren, probeer je voor te stellen hoe betoverend hij speelde en betast je ten slotte voorzichtig het beeldje. Met respect. Zelf meed hij het beeldje sinds het in zijn bijzijn werd onthuld, als een grove tackle. Wanneer hij met zijn vrouw Mila ging winkelen in de straten waar hij opgroeide, nam hij een omweg om niet met zichzelf geconfronteerd te worden. ,, Het brengt me in verlegenheid. Ik kan er niet tegen. Mijn zoon woont in Amerika. Hij kwam bij me op bezoek en wilde het beeld zien. Ik heb tegen mijn vrouw gezegd: Laat jij het maar zien.”

Vandalen cq. grapjassen hebben ooit de bal van het beeld eraf gezaagd en meegenomen. ‘De eerste keer dat Sir Stanley balverlies lijdt’, stond in de lokale krant. Matthews zelf kon er wel om lachen. Als het vriest doen Stoke-fans hem altijd een das om. Hij kan dat niet, kijken naar zichzelf. Nooit gekund ook, hij heeft nooit een filmbeeld van zichzelf gezien. “Ik heb mezelf nooit zien voetballen.” Als er iemand is die nooit in de legende Matthews heeft geloofd, is het Stanley Matthews zelf.

Bescheidenheid siert Matthews

David Miller van The Times schreef de educatieve Stanley Matthews The Authorized Biography. De grootste Engelse voetballer aller tijden gaf zijn medewerking. Toen Miller hem vroeg het manuscript te lezen, hield Matthews het na de eerste pagina voor gezien. “Ik schreef hem een brief terug dat ik alles had gechecked en dat het klopte. Het boek staat daar in de boekenkast. Ik heb er nooit ingelezen. Het zou me in verlegenheid brengen.”

Kranten waarin zijn naam wordt genoemd, heeft hij altijd laten liggen. Bijna alle trofeeën zijn door zijn vrouw bijeen gescharreld en geplaatst in een vitrine van een plaatselijk hotel. Matthews wil ze niet zien. Filmbeelden over zijn voetbalacties heeft hij nooit willen bekijken. “Ik geloof het niet, wat ze over mij zeggen en schrijven. Dat ik een briljante voetballer ben geweest, dat ik vier of vijf man passeerde. Dat ik de beste ben geweest. Ik zag mezelf nooit spelen. Ik wist zelf wel van een wedstrijd of ik goed of slecht speelde. ‘Briljant’ en ‘beste’ zijn woorden van anderen. Dat kan een speler nooit van zichzelf zeggen.”

Matthews werd in en buiten de voetbalwereld zeer gerespecteerd, niet alleen wegens zijn spelkwaliteit, die hem de bijnaam “The Wizard of the Dribble” opleverde, maar ook als een echte gentleman. Toen hij in 2000 overleed, waren er in Stoke meer dan 100.000 mensen op de been om hem de laatste eer te bewijzen.

Zijn toenmalige teamgenoot Tom Finney zei na de dood van Stanley Matthews: “Ik heb zoveel herinneringen aan Stan. Hij was de beste in mijn tijd, vooral in de kleine ruimten. Hij was een bescheiden man, die zich nooit aanstelde. Ook niet als hij fantastisch had gespeeld.”

Matthews was geen vedette met al zijn neigingen. Bij een rondgang langs Engelse websites, van BBC tot Guardian, valt geen onvertogen woord. Of het moet zijn dat hij één keer is hertrouwd. Maar scoren met de hand zoals Maradona? Of protesteren bij een scheids- rechter zoals Cruijff? Niet zijn stijl. In ruim 700 wedstrijden heeft hij nooit een waarschuwing gekregen. Engelsen hebben daar een uitdrukking voor: Every inch a gentleman.

Prijzenkast en erelijst:

* FA Cup (Blackpool) : 1953
* FA Cup finalist (Blackpool): 1948, 1951
* Football League Second Division (Stoke City): 1932–33, 1962–63
Engeland:
* British Home Championship: 1935, 1938, 1939, 1947, 1948, 1950, 1952, 1954, 1955,
The Championship werd gedeeld met Schotland in 1935, met Wales en Schotland in 1939, en met Schotland, Wales and Noord Ierland in 1956.
Individueel
* FWA (Football Writers’ Association) Footballer of the Year: 1948, 1963
* Ballon d’Or (Europees voetballer van het jaar): 1956
* Commandeur in de Orde van het Britse Rijk: 1957
* Knight Bachelor: 1965
* Football League 100 Legends: 1966
* English Football Hall of Fame: 2002
* PFA (Professional Footballers’ Association) Team of the Century (1907–1976): 2007
* IFFHS (International Federation of Football History & Statistics) Legends

Referenties en bronnen:
Wikipedia, Het Voetbalboek, Parool, Volkskrant, www.kentudezenog.nl, www.absolutefacts.nl, guusvanholland.com, www.standaard.be