101 voetbaliconen: (82) Frank Rijkaard

PASPOORT

Geboren: Amsterdam, 30 september 1962
Overleden: –
Nationaliteit: Nederlands
Positie: Middenvelder, centrumverdediger
Clubs: Ajax, Sporting Lissabon, Real Zaragoza, AC Milan, Ajax
Interlands: 73 doelpunten: 10
Doelpunten: Ajax: 46, AC Milan: 16, Ajax: 19
Trainer: Nederland, Sparta, FC Barcelona, Galatasaray SK, Saoedi-Arabië
Rijkaard begon met voetballen bij SC Buitenveldert in Amsterdam en stapte op 11-jarige leeftijd over naar Blauw-Wit. Hier speelde hij van 1973 tot 1976. Daarna speelde Rijkaard drie jaar bij DWS, waarna hij naar AFC Ajax ging. Hij speelde ruim zeven seizoenen bij Ajax, als rechtermiddenvelder, voorstopper, libero of als centrale middenvelder.

Halverwege het seizoen 1987/1988 ging het mis tussen Ajax en Rijkaard en verliet hij de club na een conflict met trainer Johan Cruijff. Rijkaard tekende een contract bij Sporting Lissabon, maar daar de Portugese transfermarkt al gesloten was, leende Sporting Lissabon hem voor de rest van dat seizoen uit aan Real Zaragoza.

Frank Rijkaard zal nooit een wedstrijd voor Sporting Lissabon spelen omdat AC Milan de verdediger, na een geweldig EK 1988 met het Nederlands Elftal, naar Milaan haalt. Samen met onder andere Ruud Gullit en Marco van Basten (‘het gouden trio’) wint hij met Oranje het Europees Kampioenschap in 1988. Bij AC Milan is Rijkaard uiterst succesvol. Zo wint hij met de club tweemaal de Europa Cup 1.

Na vijf seizoenen AC Milan vertekt Rijkaard in 1993 uit Italië en tekende hij opnieuw bij Ajax. Ondanks het feit dat hij in Amsterdam eigenlijk wil gaan afbouwen, worden het twee erg succesvolle seizoenen; de Amsterdamse club wint met Frank tweemaal het lands- kampioenschap (1994 en 1995) en in 1995 zelfs de Champions League. In de finale verslaat Ajax AC Milan.

In zijn loopbaan als speler van Ajax en AC Milan bouwde Rijkaard zowel nationaal als internationaal een zéér succesvolle erelijst op. Nationaal gezien won hij diverse landskampioenschappen, nationale bekers en supercups. Internationaal won hij met Ajax de Europacup II en de UEFA Champions League. Met AC Milan won hij behalve tweemaal de Europacup I, ook nog tweemaal de UEFA Super Cup en tweemaal de Wereldbeker.

Frank Rijkaard is al een voetballeven lang immer de bescheiden, weinig op de voorgrond tredende steunpilaar, een ideale collega voor zijn medespelers. Toch markeren een paar incidenten zijn loopbaan: een mislukte transfer naar PSV, de ruzie met Johan Cruijff en het spuugincident op het WK van 1990.

Rijkaard werd na zijn actieve carrière tijdelijk assistent-trainer van het Nederlands voetbalelftal, was trainer van het Nederlands elftal op het EK van 2000. Degradeerde met Sparta uit de eredivisie en werd vervolgens een succesvol coach bij Barcelona, waar hij ondermeer de Champions League won.

Frank Rijkaard als verdedigende steunpilaar in zijn tweede periode bij Ajax.
foto: Onbekend

Jeugdjaren

Frank Rijkaard werd op 30 september 1962 geboren aan de Jacob van Lennepkade in Amsterdam. Hij was de tweede zoon van Herman Rijkaard en Neel van der Meulen. Drie jaar eerder was Herman junior geboren. Vader Rijkaard werkte als hulpje op de boekhouding bij de handelsfirma Kersten & Co, Als sterspeler van Robin Hood hunkerde hij naar een carrière als profvoetballer in Nederland. Hij tekende een contract bij Blauw-Wit, maar eindigde bij Stormvogels. Daarom koos hij al snel voor een vaste baan bij de sociale dienst in Amsterdam, waar hij met mensen werkte die buiten de maatschappij dreigden te raken.

Rijkaard werd als voetballer gevorm op de straat. Zowel de lagere school als de Havo volgde hij op de ingenieur Sweelinck Scholengemeenschap. Op zevenjarige leeftijd werd Rijkaard lid van SCA, dat later opging in Buitenveldert. Na drie seizoenen meldde zijn vader hem als lid van Blauw-Wit aan. Via zijn buurtgenoot Ruud Gullit belandde hij bij DWS. Via de Amsterdamse selectie werden Rijkaard en Gullit geselecteerd voor de Oranje jeugd.

In 1979 wilde Ajax-coach Leo Beenhakker de twee DWS’ers naar de Meer halen, maar Gullit had zijn ja-woord al aan Haarlem trainer Barry Hughes gegeven. Rijkaard werd gescout door Rob Been sr., die Haarlem-trainer Barry Hughes net te snel af was. Rijkaard redeneerde dat hij nog altijd lagerop kon spelen bij Haarlem, als hij onverhoopt niet goed genoeg was bij Ajax, maar zover kwam het niet.

Ajax: 1980-1987

Rijkaard debuteerde op 23 augustus 1980 in het eerste elftal van Ajax tegen Go Ahead Eagles in Deventer. Vanaf dat moment ging het snel. Gullit ging van Haarlem naar Feijenoord en werd een vedette bij PSV. Rijkaard werd een steunpilaar bij Ajax waar hij gezelschap kreeg van de uit Utrecht afkomstige Van Basten. De drie kwamen elkaar bij Oranje tegen en maakten vooral furore bij AC Milan, en toen ze in 1988 Europees kampioen werden met het Nederlands elftal.

Rijkaard debuteerde als 17-jarige onder trainer Leo Beenhakker op 23 augustus 1980 in het eerste elftal van Ajax, uit tegen Go Ahead Eagles (2-4 zege) en scoorde daarbij. Rijkaard voetbalt ruim zeven seizoenen bij Ajax en speelt in die jaren op verschillende posities. Zo speelt hij in zijn eerste seizoenen als rechtermiddenvelder, daarna drie seizoenen als voorstopper, één seizoen als libero en als centrale middenvelder. In de 2de helft van 1985, dus in de 1ste helft van het seizoen 1985/86 was Rijkaard aanvoerder van Ajax.

De Amsterdammer wint met Ajax drie keer het landskampioenschap. Dit is in 1982, 1983 en 1985. Ook legt hij drie keer beslag op de KNVB beker (1983, 1986 en 1987) en wint hij met de club in 1987 de Europa Cup II ten koste van Lokomotive Leipzig.

Als trainers maakte hij achtereenvolgens Leo Beenhakker, interim-trainer Aad de Mos, Kurt Linder, opnieuw Aad de Mos, het interim-trio Tonnie Bruins Slot-Spitz Kohn-Cor van der Hart, en ten slotte Johan Cruijff mee. Rijkaard speelde bij Ajax samen met onder meer Frank Arnesen, Tscheu La Ling, Sören Lerby, Wim Kieft, Gerald Vanenburg, Sonny Silooy, Jesper Olsen, Johan Cruijff, John van ‘t Schip, Marco van Basten, Jan Molby, Ronald Koeman, John Bosman, Felix Gasselich en Rob de Wit. In het seizoen 1981/82 werd Rijkaard door het voetbalmagazine Voetbal International als 4de beste speler in de eredivisie beoordeeld.

Frank Rijkaard actief in zijn eerste Ajax-periode.
foto: Onbekend

Dubbel contract: PSV en Ajax

Frank Rijkaard is al een voetballeven lang immer de bescheiden, weinig op de voorgrond tredende steunpilaar. Toch markeren een paar incidenten zijn loopbaan. Onder het bewind van Johan Cruijff neemt hij zijn eerste en verst reikende besluit. Namens PSV geeft Hans Kraay hem in het vroege voorjaar van ’86 in overweging de stap van Ajax naar Eindhoven te maken. Als ontmoetingsplaats is – heel tactisch – gekozen voor het huisadres van Ruud Gullit, de oude bekende met wie hij in de Amsterdamse Kinkerbuurt zo vaak het pleintjesvoetbal had beoefend, de vriend met wie hij als junior bij DWS droomde van grootse voetbaldaden.

PSV en Rijkaards zaakwaarnemer Nico de Raadt hebben haast met de overeenkomst en oefenen druk uit op de argeloze jongeling. Frank zwicht tenslotte voor de verlokkingen: een salaris dat vier keer zo hoog is als bij Ajax en – als extra lokaas – wat prijzige stereo-apparatuur.

Ajax krijgt lucht van het voorcontract en besluit dan tot een tegenzet. Rijkaard zet ook bij Ajax zijn handtekening onder een inmiddels sterk verbeterde aanbieding. Cruijff denkt daarna alles wel even te regelen. Hij heeft connecties bij Philips en vertrouwt daar blindelings op. Helaas, het zal anders gaan en Rijkaard krijgt na een lange arbitragezaak het etiket van de oliedomme sufferd die zich heeft laten paaien met een stereotoren. Rijkaard bleef bij Ajax en PSV zegde het contract op; PSV zou daarnaast in ieder geval 1,5 miljoen krijgen, een bedrag dat opliep naar 2,5 miljoen toen Rijkaard Ajax voortijdig verliet. Penningmeester Harry van Raaij noemde dit de beste transfer ooit.

Van de fraaie beloftes van Ajax (“Wij houden je wel uit de wind”) is niets terecht gekomen.

Vertrek bij Ajax

Rijkaard voelt de pijn, zijn imago is beschadigd. Hij moet weg bij Ajax en hakt de knoop door wanneer Cruijff hem voor de zoveelste keer op de training terechtwijst. “Krijg de kolere met je eeuwige gezeur”, bijt de binnenvetter terug, waarna hij Ajax definitief de rug toekeert.

Daarmee is de moeilijke tijd nog niet voorbij. Sporting Lissabon wil Rijkaard inlijven, maar de bankgarantie blijft uit. Rijkaard traint op eigen houtje en houdt de media op eerbiedige afstand. Hij wil in vrijheid zijn eigen plan trekken. Als hij tenslotte bij de Spaanse middenmoter Real Zaragoza zijn kunsten mag laten zien – Sporting krijgt de formaliteiten niet op tijd in orde en leent hem uit – is dat voor hem een grote opluchting.

Rijkaard grijpt de korte periode in Spanje (11 wedstrijden) aan om zijn naam te herbevestigen. Hij glorieert met het Nederlands team op het EK van 1988 en heeft zich dan al aan de poorten van het San Siro gemeld.

AC Milan: 1988-1993

Na zijn spel op het EK in 1988 kreeg Rijkaard een transfer naar AC Milan, waar hij samen met Marco van Basten en Ruud Gullit, die al in de zomer van 1987 naar Milaan kwamen, het ‘gouden Nederlandse trio’ vormde. Onder leiding van Arrigo Sacchi en tesamen met Marco van Basten en Ruud Gullit bouwt hij aan de contouren van een nieuw, opper- machtig AC Milan. De harmonie lijkt teruggekeerd. Rijkaard krijgt van Sacchi het respect dat hij bij Cruijff zozeer miste en de liefhebber bij uitstek komt tot volledig wasdom. Met AC Milan won hij tweemaal de Europacup I, tweemaal de UEFA Super Cup en tweemaal de Wereldbeker.

In de finale van de Europacup I van het seizoen 1989/90 verslaan de Italianen het Portugese Benfica met het kleinste verschil. Rijkaard scoorde in de 68e minuut, op aangeven van Van Basten, het enige doelpunt van de finale.

Na vijf seizoenen in Milaan zou Rijkaard afbouwen bij Ajax (juli 1993-juni 1995). Ondanks het feit dat hij in Amsterdam eigenlijk wil gaan afbouwen, worden het twee erg succesvolle seizoenen.

Rijkaard in zijn Milan periode tegen Maradona van Napoli
foto: Onbekend

Dat hij bij Ajax zijn laatste hoofdstuk heeft geschreven, is niet toevallig. Nog in Italiaans dienstverband wierp hij daaromtrent eenmaal een visje uit bij het Ajax-bestuur. Ajax, de club waar hij op 23 augustus 1980 zijn entree in het betaald voetbal had gemaakt. Maar ook: Ajax, de club waar hij in 1987 op zo’n bittere wijze was vertrokken.

Terug naar Ajax: 1993-1995

Hij speelde nog twee seizoenen in Amsterdam, waarin hij tweemaal landskampioen werd (1993-1994, 1994-1995) en in 1994-1995 met Ajax de Champions League won (finale Ajax-AC Milan 1-0)

Rijkaard is een speler in perfecte balans, die desalniettemin in zijn slechtste dagen, op momenten dat de wereld zich tegen hem keert, zich terugtrekt in zijn eigen bastion. Op zulke ogenblikken openbaart zich zijn standvastigheid, zijn vastbesloten ‘tot hier en niet verder’.

Eigenwijze trekjes die, gelukkig, nooit tot eeuwige verstarring leidden. Frank kwam terug bij Oranje. Hij nestelde zich opnieuw in De Meer, waar hij een van de mooiste momenten beleefde in de uitwedstrijd tegen AC Milan (groepsfase). Het Nereo Rocco Stadion in Triëst. Frank Rijkaard krijgt na de 0-2 een staande ovatie van de meegereisde aanhang. Even later klettert ook het applaus uit de vakken van de Milan-tifosi. Frank kijkt ontroerd naar het tafereel, een van de meest emotionele momenten in zijn carrière. Hij neemt de toejuichingen in ontvangst met een hand op zijn borst.

Het is maandag 22 mei 1995. Op de dag van vertrek naar de finale in Wenen bevinden alle voetballers zich in het spelershome. Alle spelers op één na. Frank Rijkaard is achter- gebleven in de behandelkamer met Pim van Dord. De verdediger kampt met de laatste naweeën van zijn knieblessure en verkiest een extra behandeling boven een verblijf tussen opdringerige journalisten. Het is een mooi excuus, al zijn de klachten natuurlijk op waarheid gebaseerd. Maar Rijkaard zou zich ook zonder het lichamelijke ongemak pas op het laatste moment bij zijn teamgenoten hebben gevoegd.

Zijn houding verschilt niet van die in de voorafgaande weken. Rijkaard mijdt de publiciteit en prepareert zich op het einde van zijn actieve carrière, het moment waarop zijn schoenen voor het laatst in de voetbaltas glijden. De Champions League-finale, een afscheids- optreden tegen FC Twente en dan . . . de rust, een anoniem bestaan zonder de permanente aanwezigheid van fotografen, een leven zonder hinderlijke vragen over zijn zieleroerselen.

Daarom sluit hij zich bij het naderen van het einde af voor interviews en gaat hij niet akkoord met het houden van een persconferentie. Hij registreert de goedbedoelde tips van voetbalkenners: Dejan Savicevic die beweert dat hij te goed is om te stoppen; Johan Cruijff die tijdens het VVCS-gala betoogt dat slechts één speler recht heeft op de titel voetballer van het jaar, Frank Rijkaard, de alleskunner die nog minstens een jaar door moet gaan. Rijkaard luistert, maar is niet op andere gedachten te brengen. Zijn afscheid heeft hij zorgvuldig gepland. De vijf inspannende topjaren in Italië zijn gevolgd door twee – minder hectische, maar minstens even intensieve – jaren in Amsterdam.

Dat is voldoende, vindt hij, een mooie afsluiting.

Hoewel hij later trainer zou worden keek hij alleen als teamspeler naar de wedstrijden toen hij de meest ervaren voetballer was in de jonge bende die dat gouden Ajax was. Ondanks de opmerkingen van Louis van Gaal in diens column in De Telegraaf, een week na de zegetocht in Wenen. “Blij ben ik ook voor Frank Rijkaard,” liet de coach optekenen. “Hij had de moed om twee jaar geleden terug te keren naar Amsterdam. Mensen die dachten dat hij bij Ajax wilde afbouwen kwamen bedrogen uit. Frank speelde niet alleen heel erg constant, hij voegde als mens ook wezenlijk iets toe aan de spelersgroep. Met twee titels en een Europa Cup op zak nam hij afscheid. Een fantastisch afscheid, want in mijn ogen was hij de grote uitblinker in de finale tegen AC Milan. In zijn positie was hij sterk, maar tevens in de coaching naar de andere spelers toe imponeerde Frank. Het was één van de betere wedstrijden onder mijn leiding en het kenmerkt de echt grote speler als je je in zo’n beladen finale zo nadrukkelijk kan manifesteren.”

Schuilde er toen al een trainer in Rijkaard ? “Nee, ik was toen alleen nog speler,” zegt Rijkaard later. “Veel met de anderen bezig? Niet meer dan normaal.”

Er gaat een verhaal over zijn uithaal naar Clarence Seedorf in de rust van die finale, het gegrom van de mannetjesleeuw die alle vrouwtjes en welpen om zich heen in het gareel riep. Maar wat hij nou precies zei…?

“Dat weet ik niet meer, zo lang geleden.”

Hij weet het wel, natuurlijk, maar hij vindt zichzelf niet belangrijk genoeg. Als trainer is hij onderdeel van een geheel, als speler toen ook. Hij herinnert zich nog perfect hoe hij al in de eerste helft van die wedstrijd tekeer ging.

“We speelden gewoon slecht in de eerste helft, Milan had er zelfs één kunnen maken omdat we geen goede veldbezetting hadden. Maar tijdens de wedstrijd is dat zo moeilijk te corrigeren. Tja, en in de rust zit je met z’n allen bij elkaar, dus is er wat gezegd, want je wilt toch allemaal winnen.”

Rijkaard, bezig aan de bijna allerlaatste wedstrijd van zijn carrière, voerde het woord. “Maar ik sprak meer in het algemeen, niet tegen één speler. Er waren een paar die niet lekker in de wedstrijd zaten, soms niet goed stonden, en daardoor ons eigen spel onmogelijk maakten. Dat kwam ook door het systeem van Milan, maar dat had ik tevoren al gezegd en daar hebben we het in de rust weer over gehad. Dat het echt slecht ging.”

Louis van Gaal luisterde mee. Rijkaard, de routinier die alles al had meegemaakt, had geen moeite met de discipline van de veldmaarschalk die het jeugdige Ajax tot ongekende hoogten dreef. “Ik had er geen problemen mee, juist omdat ik redelijk kan observeren, omdat ik weet wat er speelt en weet hoe de sfeer is. Als je bij een team wilt horen, dan moet je je op jouw manier aanpassen.

Een uitzinnige Frank Rijkaard in de Champions League finale tegen AC Milan
foto: Onbekend

Ik wist wat Ajax inhield, en de mentaliteit bij Ajax was tijdens mijn afwezigheid niet veranderd. Ik ben Amsterdammer, ik kom er vandaan, dat was voor mij al motivatie genoeg om die laatste jaren daar te spelen. Ik zag het ook niet als een stapje terug.”

Integendeel. Zoals Van Gaal schreef, een mooier slot aan een glorieuze loopbaan kon er niet zijn. Misschien dat daarom de allerlaatste minuten van zijn allerlaatste finale hem nu, jaren later, nog het meest zijn bijgebleven. “Ik vond dus dat we niet sterk speelden, maar dan kom je toch met 1-0 voor, en dan moet het ook maar zo zijn. Dan wil je dat niet meer uit handen geven. Voetbal duurt tot de laatste seconde en ik herinner me dat ik behoorlijk bezorgd was of we die winst eruit zouden slepen.

Patrick (Kluivert) was na zijn goal behoorlijk ontroerd, ik meen dat hij zelfs tranen in zijn ogen had, die was even weg. En als iemand van ons dan een bal diep wilde geven, liep hij er niet op. Ik heb hem zelfs nog even een duw gegeven. ‘Ga nog even twee minuten door! Je hebt je werk dan wel gedaan, maar we moeten nog een paar minuten!’ Zoiets riep ik. Dat is me bijgebleven. Als je dan zo kort voor tijd scoort… Ik vond het wel terecht hoor, dat we wonnen, en dacht steeds… het zal me niet gebeuren dat Milan nog terugkomt.”

Frank Rijkaard heeft altijd zijn eigen scenario’s geschreven en zal dat doen tot zijn laatste optreden. Hij weet wat hij wil. Wie zou hem het recht op zo’n weloverwogen afscheid kunnen ontzeggen? Nog één keer de Europa Cup, zijn derde. En een afscheidswedstrijd in een uitverkochte Meer. Met een laatste zwaai naar het publiek. En een simpel: Frank, bedankt.

Nederlands elftal

Rijkaard debuteerde voor Oranje onder bondscoach Kees Rijvers op 1 september 1981 (Zwitserland 2 – 1) Nederland). Vanaf de kwalificatiewedstrijden voor het WK van 1986 was hij basisspeler. In 1988 maakte Rijkaard deel uit van het Nederlands elftal dat Europees kampioen werd. Bij het WK van 1990 in Italië stond Rijkaard negatief in de kijker.

Dan, het is 1990, treden opnieuw de tegenstrijdigheden in zijn karakter aan het licht. Bij het WK in Italië slaan in de wedstrijd tegen de Duitsers de stoppen door bij de Amsterdammer. Getergd door de magere resultaten en geïrriteerd door het zuigende gedrag van zijn tegenstander Rudi Völler laat de vriendelijke voetbalpersoonlijkheid zich gaan. Een klodder spuug belandt in de haren van de Duitser en Rijkaard beseft voor de tweede keer in zijn carrière dat zijn reputatie is geschaad.

In de consternatie die daarop volgde, werden beide spelers het veld uitgestuurd. De beelden van het Drama Lama zijn nog vaak op de Duitse televisie herhaald. Hierna bedankte Rijkaard voor Oranje, maar bij het EK van 1992 en het WK van 1994 keerde hij terug.

Frank Rijkaard voor op het EK van 1988 in duel met Beardsley van Engeland
foto: Pro Shots / Jeroen van Bergen

Zijn laatste interland was de verloren kwartfinale tegen de latere wereldkampioen Brazilië, op 9 juli 1994. In zijn carrière speelde Rijkaard 73 interlands, waarin hij 10 maal scoorde.

Frank Rijkaard als trainer

In 1995 stopt Rijkaard als voetballer en wordt hij tijdelijk assistent-trainer van het Nederlands voetbalelftal om vervolgens in 1998 -in de aanloop van het Europees Kampioenschap 2000- zonder enige trainerservaring als bondscoach benoemd te worden. Op het EK haalt Nederland uiteindelijk de halve finale waar het wordt uitgeschakeld door Italië.

In 2001 tekent Frank Rijkaard een contract als hoofdcoach bij Sparta maar ondanks het feit dat Rijkaard behoorlijk mag investeren (hij haalt bijvoorbeeld Aron Winter, Tom Sier en Regi Blinker naar Rotterdam) degradeert Sparta dat seizoen voor het eerst in de clubgeschiedenis uit de Eredivisie. Rijkaard levert daarop zijn contract in.

Voorafgaand aan het seizoen 2002-2004 wordt Rijkaard aangesteld als hoofdcoach van FC Barcelona. Henk ten Cate wordt zijn assistent. De eerste wedstrijden verlopen moeizaam maar uiteindelijk wordt Barcelona toch nog tweede in de competitie dat seizoen. In Rijkaard’s tweede seizoen wordt de club landskampioen. Het meeste succes in Barcelona behaalt Rijkaard in het seizoen 2005-2006 wanneer de club aartsrivaal Real Madrid met 0-4 verslaat, kampioen wordt in de Primera Division en de Champions League weet te winnen. Nadat FC Barcelona in het seizoen 2007-2008 voor het tweede opeenvolgende jaar geen prijzen wint, wordt Rijkaard aan de kant gezet en trekt het Josep Guardiola aan als hoofdtrainer.

In 2009 tekent Frank Rijkaard een contract bij het Turkse Galatasaray. Wegens tegenvallende resultaten wordt de Nederlander daar in oktober 2010 echter weer ontslagen. Van juni 2011 tot en met januari 2013 is hij bondscoach van Saoedi-Arabië. Hij weet het land helaas niet naar het WK 2014 in Brazilië te loodsen en op 16 januari 2013 wordt hij ontslagen.

In maart 2014 maakt Frank Rijkaard bekend niet meer als trainer aan de slag te gaan omdat hij ‘geen zin heeft om tot zijn zestigste op een veld te staan’.

Prijzenkast en erelijst:

* Landskampioen Eredivisie (Ajax): 1981/82, 1982/83, 1984/85, 1993/94, 1994/95
* KNVB-Beker (Ajax): 1982/83, 1985/86, 1986/87
* Champions League (Ajax): 1994/95
* Europacup II (Ajax): 1986/87
* Johan Cruijff Schaal / Nederlandse Supercup: 1993, 1994
* Serie A (AC Milan): 1991/92, 1992/93
* Supercoppa (Italiaanse Supercup-AC Milan): 1988, 199
* Europacup I (AC Milan): 1988/89, 1989/90
* UEFA Super Cup (AC Milan): 1989, 1990
* Intercontinental Cup (Wereldbeker-AC Milan): 1989, 1990
Nederlands elftal:
* 73 interlands, 10 doelpunten
* Europees kampioenschap voetbal Goud 1988
* EK 1988, WK 1990, EK 1992, WK 1994
Trainer:
* Primera División (Barcelona) : 2004/05, 2005/06
* Champions League (Barcelona) : 2005/06
* Supercopa (Spaanse Supercup-Barcelona): 2005, 2006
* UEFA Trainer van het Jaar: 2005-06
* UEFA Beste coach ter wereld : 2006
* UEFA Team of the Year (Trainer): 2006
* Onze d’Or Beste Trainer: 2006
* Spanje Premio Don Balón Beste Trainer: 2005, 2006
Individueel
* Nederland Gouden Schoen: 1985, 1987
* Italië Beste speler van Serie A: 1992
* Wereldbeker – Meest Waardevolle Speler: 1990
* UEFA European Championship Team of the Tournament: 1988
* Ballon d’Or (Gouden Bal) #3 in 1988 en 1989
* Italië beste buitenlandse speler: 1992
* ESM Team of the Year: 1994–95
* FIFA 100
* UEFA Golden Jubilee Poll: #21
* UEFA President’s Award: 2005
* A.C. Milan Hall of Fame
* World Soccer: The 100 Greatest Footballers of All Time

Referenties en bronnen:
Wikipedia, Het Voetbal Boek, Trouw, Voetbal International, www.bestevoetballers.nl, www.kentudezenog.nl, edwinwinkels.com (Hard Gras, maart 2005)