(40) 1973: 30 mei EC 1 finale: Ajax – Juventus 1-0

Europese hattrick

De finale van de Europacup I van het seizoen 1972/73 werd gehouden op 30 mei 1973 in het Rode Ster-stadion in Belgrado. Voor de derde keer op rij en de vierde keer in totaal stond Ajax in de finale. De Amsterdammers kregen voor de derde keer een Italiaanse tegenstander. Juventus kwam al snel op achterstand na een goal van rechtsbuiten Johnny Rep. Ook na 90 minuten stond de vroege voorsprong op het scorebord en dus mocht Ajax opnieuw de beker met de grote oren in ontvangst nemen. Omdat Ajax de trofee voor de derde keer op rij won, mocht de Amsterdamse club de beker definitief behouden.

De Nederlandse competitie was in die jaren een formaliteit. Onder leiding van trainer Stefan Kovacs, de opvolger van Michels in 1972, brachten de Amsterdammers zowel in binnen- als buitenland de tegenstanders regelmatig tot wanhoop. Met een spelstijl, die later als totaalvoetbal zou worden getypeerd, werd de bal snel rondgespeeld en verschenen zowel middenvelders als verdedigers met evenveel gemak voor het doel. De Amsterdamse defensie was ondoordringbaar. Doelman Heinz Stuy vestigde in 1971 een record door 1082 minuten onverslagen te blijven. In 1972 en 1973 won Ajax het landskampioenschap met doelgemiddelden van boven de 100.

Doelman Heinz Stuy als een rots in de branding als hij door Juventus wordt belaagd.
foto: onbekend

Cruijff was de absolute spil van het ongenaakbare Ajax van de jaren zeventig. Hij was de Europese voetballer van het jaar 1971, 1973 en 1974. Met zijn onnavolgbare voetbalstijl groeide hij al snel uit tot de lieveling van het publiek. De loopbaan van de speler uit Betondorp is, zowel bij Ajax als in Oranje, doorspekt van hoogtepunten en incidenten.

Weer onder leiding van Stefan Kovács begint Ajax aan de derde triomftocht op rij. Na in de eerste speelronde te zijn vrijgeloot heeft CSKA Sofia in de tweede ronde weinig in te brengen tegen de titelverdediger. Uit won Ajax met 3-1, en thuis met 3-0. Daarna was het grote Bayern München de tegenstander. Thuis overklaste Ajax de Duitsers: 4-0. Uit kreeg men het moeilijker: Bayern speelde keihard (Horst Blankenburg en Gerrie Mühren werden uit de wedstrijd geschopt) en Ajax miste Cruijff, die in de eerste wedstrijd nog gescoord had, wegens een knieblessure. Volgens de Ajax-dokter had hij wel mee kunnen gaan naar München, maar hij weigerde. Dit zorgde voor een rel rond Cruijff. Zijn medespelers waren zo boos dat ze erover dachten om hem te ontheffen uit zijn functie als aanvoerder. Ondanks deze problemen ging Ajax een ronde verder alhoewel het met 2-1 verloor in München.

Kwart finale Ajax-Bayern München (uitslag 4-0 ). De Ajax-spelers lopen terug na weer een doelpunt.
foto: onbekend

Het echte werk begint tegen Real Madrid. In de heenwedstrijd scoren de Spanjaarden vlak voor tijd de belangrijke treffer (2-1). De return in Madrid belooft een lastige klus te worden, maar niets is minder waar. De Amsterdammers trekken alle registers open en geven een voetbaldemonstratie. Gerrie Mühren scoort vlak na rust de enige treffer. Later in de wedstrijd legt de Volendammer een lange pass op zijn voet dood en houdt hij de bal achteloos een paar keer hoog. Het speelse gemak waarmee Mühren het bomvolle Santiago Bernabeu het zwijgen oplegt, is een goed voorbeeld van de Amsterdamse onover- winnelijkheid.

Uitslagen:

   

1e ronde: vrij
2e ronde: CSKA Sofia – Ajax
(Sjaak Swart, Piet Keizer, Arie Haan)
1-3
2e ronde: Ajax – CSKA Sofia
(Johan Cruijff 2x, Horst Blankenburg)
3-0
Kwartfinale: Ajax – Bayern München
(Arie Haan 2x, Johan Cruijff, Gerrie Mürhen)
4-0
Kwartfinale: Bayern München-Ajax
(Piet Keizer)
2-1
Halve finale: Ajax – Real Madrid
(Barry Hulshoff, Ruud Krol)
2-1
Halve finale: Real Madrid – Ajax
(Gerrie Mürhen)
0-1

De finale: Ajax – Juventus 1-0

In de finale in Belgrado treft Ajax opnieuw een Italiaanse tegenstander. Juventus verschijnt aan de aftrap met gerenommeerde spelers als Zoff, Bettega, Altafini, Capello en Causio. Voor zo’n 90.000 toeschouwers komt Ajax na vier minuten al 1-0 door een kopbal van Rep uit een pass van Blankenburg. Reps bewaker Longobucco verkijkt zich op de sprongkracht van Rep en doelman Zoff volgt de baan van de bal, die pardoes in het Italiaanse doel ploft. Ajax behoudt de vroege voorsprong en het tegenvallende Juventus kan niet voorkomen dat de Amsterdammers voor de derde keer de Europa Cup winnen.

De Italiaanse doelman Zoff zit geslagen in het doel als Johnny Rep heeft gescoord.
foto: ANP

Na die treffer ontwikkelt zich een saaie partij voetbal, waarin Ajax zonder noemens- waardige inspanningen de winst vasthoudt. Na de successen tegen Panathinaikos en Inter Milan lijkt Ajax blasé, zelfs de ereronde wordt plichtmatig afgewerkt. Een aantal spelers zit zelfs dan al in de kleedkamer.

"Ik trap een open deur in als ik dit de slechtste finale noem", zegt Gerrie Mühren. Stuy viert een persoonlijk feestje. Ook in zijn derde Europa Cup 1-finale heeft hij zijn doel schoon gehouden. Door de snelle goal wordt Rep, die ‘Mister Ajax’ Swart uit het elftal houdt, de matchwinnaar. Hulshoff ruilt zijn shirt niet. Tijdens de actie ‘Zwolle voor Vietnam’, waarvan de opbrengst gaat naar de Vietnamese stad Tanh Hoa, brengt het tenue van de verdediger 1600 gulden op. In de dagen voor de finale tegen Juventus, dat in Belgrado voetbalt als een stokoude dame, wordt het Ajax-bestuur nerveus van geruchten over vertrekkende spelers.

Een dag na de 1-0 overwinning van Ajax op Juventus in Belgrado ligt hij al in de winkel: een langspeelplaat met hoogtepunten uit de orginele radioreportage door Theo Koomen en Dick van Rijn. Prijs: 10 gulden. Koomen en Van Rijn praten de grote zwarte schijf enthousiast vol, maar de echte hoogtepunten kunnen op een singletje.

1973 Ajax-Juventus: Johan Neeskens in actie tegen 2 Juventus verdedigers
foto: ANP

In 1973 gaan de Spaanse voetbalgrenzen open en gefluisterd wordt dat Real Madrid en Barcelona belangstelling hebben voor onder anderen Cruijff, Krol en Rep, die 29 dagen voor de finale zijn debuut in Oranje maakt. Het gerammel met peseta’s is interessant voor de Ajacieden, want ook na drie Europese successen groeien de bomen in de Meer niet tot aan de hemel.

Het Amsterdamse bestuur looft zelfs een lagere winstpremie uit dan een jaar eerder, toen de zege op Inter Milan in de Kuip goed was voor 25 000 gulden per speler. Omdat de bruto-recette in Belgrado een half miljoen kleiner dreigt uit te vallen, kunnen de spelers nog maar op 20 000 gulden rekenen. Na de overwinning wordt dat bedrag alsnog met 5000 gulden verhoogd; de recette valt mee.

De Europa Cup-finale op de een na laatste mei-dag van 1973 vormt het afscheid van Kovacs. Ajax geeft als reden op dat de trainer geen toestemming van de Roemeense autoriteiten krijgt om langer in het buitenland te werken. Dat blijkt niet waar, precies een dag voor de finale hoort Kovacs van de Roemeense dictator Ceaucescu dat hij nog een jaar buiten zijn vaderland aan de slag mag. Ajax wil af van Kovacs’ zachte hand, die de club naar twee landstitels, twee Europa Cups, een wereldbeker en een KNVB-beker heeft geleid. Zijn opvolger wordt Knobel, die in Belgrado al op de bank mag zitten.

Onder de wat lossere opvolger Stefan Kovács speelde Ajax haar beste wedstrijden met als hoogtepunt de 4-0 tegen Bayern München (later door L’Equipe uitgeroepen tot Europa-cup-wedstrijd van de eeuw). De ontspannen houding werd door de meeste spelers gewaardeerd. Sommige spelers konden minder waardering opbrengen voor de aan scherpte ingeboete trainingen. Arnold Mühren sprak over "anderhalf uur lummelen". 

Na deze prestatie speelde Ajax niet voor de wereldbeker wegens de slechte ervaringen . Wel speelde Ajax voor de Supercup, tegen AC Milan. Uit verloor Ajax met 1-0, maar thuis won Ajax met 6-0(!) zodat de Supercup nog een jaar langer in Amsterdam bleef.

Wedstrijdgegevens:
30 mei 1973
Ajax – Juventus 1-0
Doelpunt: Rep 4′.
Rode Ster-stadion, Belgrado
Toeschouwers: 89 000.
Scheidsrechter: Gugulovic (Joe).

Ajax:
Heinz Stuy; Wim Suurbier, Barry Hulshoff, Horst Blankenburg, Ruud Krol; Johan Neeskens, Gerrie Mühren, Aie Haan; Johnny Rep, Johan Cruijff, Pier Keizer.

Juventus:
Dino Zoff, Sandro Salvadore, Giampietro Marchetti, Francesco Morini, Silvio Longobucco, Franco Causio (57′ Antonello Cuccureddu), Giuseppe Furino, Fabio Capello, José Altafini, Pietro Anastasi, Roberto Bettega (49′ Helmut Haller)

Matchwinnaar Johnny Rep met de Cup.
foto: ANP

De UEFA Super Cup 1973

De Super Cup bestond uit twee voetbalwedstrijden. De wedstrijden vonden plaats tussen de winnaar van de Europacup I 1972/73, AFC Ajax, en de winnaar van de Europacup II 1972/73, AC Milan, op 9 januari en 16 januari 1974.

In Europa konden de Godenzonen toch nog één keer hun klasse laten zien. En dat gebeurde in de Europese Super Cup. in Milan verloor Ajax het 1e duel met 1-0. Ondanks het feit dat Ajax, met Jan Mulder als opvolger van Cruijff (JC was naar Barcelona vertrokken), veel beter was, ging de winst toch naar de Italianen. Bewondering was er van de Italiaanse toeschouwers, maar de bal wilde er voor Ajax niet in. Chiarugi trof namens Milan wel doel. ‘Ajax speelt met bang Milan, maar vergeet te winnen’, kopte het Parool. De Telegraaf: ‘Ajax was superieur’. In het 2e duel werd de nederlaag méér dan goed gemaakt in Amsterdam gaf Ajax een galavoorstelling in het Olympisch Stadion. De ploeg van George Knobel overklaste hun tegenstander en waren met liefst 6-0 te sterk.

Wedstrijdgegevens:
16 januari 1974:
Ajax – AC Milaan 6 – 0
Doelpunten: Jan Mulder 26′, Piet Keizer 35′, Johan Neeskens 71′, Johnny Rep 81′, Gerrie Mürhen 84′ (pen.), Arie Haan 87′
Olympisch Stadion, Amsterdam
Toeschouwers: 15.350
Scheidsrechter: Rudolf Glöckner (DDR)

Ajax:
Heinz Stuy, Wim Suurbier, Horst Blankenburg, Barry Hulshoff, Ruud Krol, Arie Haan, Gerrie Mühren, Johan Neeskens, Johnny Rep, Jan Mulder, Piet Keizer.
Coach: George Knobel

1974: Ajax winnaar van  UEFA Super Cup.
foto: ANP

Einde van een tijdperk

Bij gebrek aan gezag van de trainer ontpopte Cruijff zich steeds meer tot de leider. Helaas kan dan niet iedereen even goed om gaan met het door Cruijff gehanteerde ‘conflictmodel’ (Cruijff zei er later over dat hijzelf gemotiveerd raakte van conflicten, later door hem toegepast als trainer). De irritaties lopen op en begon het enthousiasme over het aanvoerderschap van Cruijff onder spelers af te nemen. In juli 1973 ging een onderling verdeelde selectie op trainingskamp in een hotel in De Lutte. Keizer wilde weer aanvoerder worden maar Cruijff zag dit niet zitten. Er werd daarom een stemming gehouden over de vraag of Cruijff aanvoerder moest blijven of niet. Met drie stemmen voor en dertien stemmen tegen zegde de spelersgroep het vertrouwen in Cruijff op en kreeg Keizer de aanvoerdersband terug. Cruijff ervoer de beslissing van de spelersgroep als een motie van wantrouwen en had het gevoel dat zijn gezag werd ondermijnd.Geschokt keerde hij terug naar zijn hotelkamer, waar hij contact opnam met zijn schoonvader. Telefonerend gaf Cruijff hem de opdracht: "je moet nu meteen Barcelona bellen. Ik vertrek hier."

De grenzen in Spanje waren weer opengesteld voor buitenlandse spelers en Barcelona, dat Cruijff al eerder had willen contracteren, sloeg zijn slag, nadat in een eerder stadium de transfer van Gerd Müller was afgeketst. Cruijff speelde nog twee competitiewedstrijden voor Ajax, op 12 augustus 1973 (FC Groningen-Ajax 0-4) en zijn laatste op 19 augustus 1973 tegen FC Amsterdam (6-1). Hoewel Cruijff in de eerste minuten van het duel nog werd uitgefloten, was hij erop gebrand om de club waardig te verlaten. Tien minuten voor tijd wist de afzwaaiende vedette het net te vinden, waarna hij onder luid applaus een publiekswissel ontving om afscheid te kunnen nemen.Drie dagen later, op 22 augustus, werd het contract ondertekend en verhuisde Cruijff voor zes miljoen gulden, waarvan drie miljoen voor hem zelf, naar Barcelona. Door zijn transfer mocht Cruijff zich de duurste voetballer aller tijden noemen. De Catalaanse club, die twee jaar daarvoor ook al Michels contracteerde, ontving Cruijff als "El Salvador" (de verlosser), en werd voor het eerst sinds veertien jaar weer kampioen.

Johan Cruijff tegen Juventus in zijn laatste Europese optreden voor Ajax.
foto: onbekend

Met veel kabaal donderde Ajax in Sofia van zijn Europese troon. Ajax vindt in de tweede ronde tegen CSKA-Sofia haar waterloo. De dan aangestelde Knobel verzucht in een interview: "dit Ajax is door drank en vrouwen kapot gegaan", waarna hij niet lang daarna werd ontslagen. Het vertrek van Johan Cruijff, zelfoverschatting bij de achterblijvers en het even niet voorradig zijn van supertalenten deed de winnaar van de Europa Cup voor
landskampioenen in 1971, ’72 en ’73 afglijden naar het niveau van de Europese middenmoot.

Pim Van Dord hierover: "Cruijff was onmisbaar en onvervangbaar. Spelers als Arie Haan, Horst Blankenburg, Johan Neeskens, Wim Suurbier en Ruud Krol dachten het zonder hem af te kunnen. En ze dachten ook dat ze in navolging van Johan het grote geld in het buiten- land konden gaan verdienen. Ze waren heel erg met zichzelf bezig en toen wij tegen die Bulgaren moesten, waren ze in hun hoofd al aan het vertrekken bij Ajax."

Gerrie Mürhen vijf keer hooghouden tot in de eeuwigheid

Vele voetballiefhebbers noemen de naam Gerrie Mühren in één adem met de hooghoudact die hij in het Europa Cup I-toernooi in Santiago Bernabéu op bezoek bij Real Madrid opvoerde. Op 25 april 1973 won Ajax dat duel met 0-1, door een goal van Mühren zelf. Het legendarische moment in de halve finale van de Europacup 1 staat velen nog op het netvlies. Vijf keer. Zo vaak houdt Gerrie Mürhen bal hoog, op 25 april 1973. Iedereen kan een bal vijf keer hooghouden – je hebt er alleen twee functionerende benen voor nodig. Gerrie Mühren was linksbenig. Zijn linkerbeen was net iets beter dan zijn rechterbeen, maar zijn rechterbeen was vele malen beter dan welk been van de gemiddelde Eredivisie- voetballer dan ook. Je zou ook kunnen zeggen: als Gerrie Mühren linksbenig was, zijn er veel spelers geenbenig. Het rechterbeen komt nauwelijks van de grond, de voet gaat tien centimeter de lucht in. Zacht ploft de bal op de geveterde wreef.

Uit een lange pass van Hulshoff haalt zijn linkerschoen alle vaart uit de bal. De begaafde technicus neemt een hoge voorzet aan op de voet en houdt de bal een aantal keren achteloos hoog, alvorens hem door te schuiven naar teamgenoot Ruud Krol. "Het was voor mij een fantastische dag. Maar wat ik niet begrijp is dat niemand de uitslag nog weet en wie het doelpunt heeft gemaakt. Vraag wie het doelpunt heeft gemaakt en ze noemen tien namen, op eentje na."

Het spel lijkt voor even bevroren. Alsof Gerrie met zijn voeten de pauzeknop heeft beroerd. Zijn truc is vele malen nagedaan. Langer, in de loop, met meer verschillende lichaams- delen. Maar niemand (Richard Witschge niet, Luis Suarez niet, Kerlon niet) is er ooit in geslaagd een wedstrijd stil te leggen.

Er zijn weinig beelden van Gerrie Müren in een heus Ajax-tenue. De wereld zal hem herinneren in dit Mao Zedong-outfitje. Zie hoe de nummer zeven van Real Madrid lusteloos op Gerrie Mühren af komt joggen. Zoals je naar de plek van een aanrijding rent. Je wilt wel sneller, maar de angst voor wat je zult aantreffen trekt aan je mouw.

Het symboliseerde dat Ajax boven het machtige Real Madrid stond, zei de middenvelder er zelf over. Ajax won dankzij de treffer van Mühren met 1-0 en plaatste zich voor de finale tegen Juventus.

Bronnen en referenties
nieuwsdossier.nl, nrcreader.nl, Trouw, webmanager.ajax.kpnis.nl, home.concepts.nl, Algemeen Dagblad, HP/De Tijd, Voetbal International.