(22) 1966: 7 december EC 1: Ajax – Liverpool 5-1

De beste wedstrijd van Ajax die niemand zag

De wedstrijd die iedereen zag, maar niemand heeft gezien. Het is de favoriete voetbalwedstrijd van Johan Cruijff: de wedstrijd Ajax-Liverpool van 7 december 1966. In dichte mist verslaan de Amsterdammers in het
Olympisch Stadion in Amsterdam de kampioen van Engeland met 5-1. Het is de internationale doorbraak van het Nederlands voetbal in het algemeen en Ajax in het bijzonder. Een legendarische wedstrijd, die gezien wordt als het begin van het totaalvoetbal. Hier werd de basis gelegd voor de prestaties op het Wereldkampioenschap van 1974 in Duitsland.

Ajax is de eerste ronde van het Europacup-toernooi doorgekomen door van de Turkse club Besiktas te winnen. Rinus Michels is het jaar ervoor, in 1965, aangetrokken als trainer omdat de Amsterdamse club in het seizoen 1964-1965 zo slecht speelt dat degradatie op de loer ligt. Veel trainingservaring heeft Michels niet maar hij is jarenlang een succesvol voetballer bij Ajax geweest.

Het elftal is gebaat bij zijn strenge, systematische aanpak, en het gaat al gauw beter draaien. Michels zorgt ervoor dat het Europees voetbal wordt binnengehaald. Toch blijft de vraag of dit Ajax het gevecht met andere Europese grootmachten aan kan. Het Portugese Benfica, de Spaanse club Real Madrid, de Engelse club FC Liverpool zijn de grote teams.

Nu Ajax tot de tweede ronde van het toernooi is doorgedrongen en het grote FC Liverpool loot, stijgt de spanning. Engeland is dat jaar wereldkampioen geworden en Liverpool is de grote favoriet voor de Europese titel. Op 7 december zal het Ajax van Rinus Michels aantreden met onder andere Johan Cruijff, Sjaak Swart, Klaas Nuninga en Henk Groot. Het zal een enerverende avond te worden.

Cruijff in actie in zijn favoriete (mist)wedstrijd tegen Liverpool
foto: onbekend

De aanloop

Louis van Gaal is vijftien jaar en wil dolgraag naar de wedstrijd maar hij heeft geen kaartje. Er zit niets anders op dan langs de suppoosten te glippen. "Ik keek waar een wat oudere suppoost stond en dan glipte ik er langs. Zo’n man kwam dan toch niet achter me aan."

De Engelsen gaan ervan uit dat ze eenvoudig van Ajax kunnen winnen. Maar Ajax speelt in 1966 zeer goed in de nationale competitie en Liverpool heeft thuis nog niet veel successen geboekt. Ook in Europa heeft het team van Shankly veel moeite gehad de eerste ronde door te komen. Rinus Michels is ter voorbereiding op de ontmoeting met Liverpool naar een wedstrijd van de Engelsen gaan kijken. Michels en de spelers vinden het spel van Liverpool niet erg indrukwekkend. 

Liverpool heeft een grote naam in Europa en wordt geleid door een markante coach, Bill Shankly. Rinus Michels en Shankly zijn aan elkaar gewaagd: ze staan beiden bekend om de sterke analyses van de tegenstander en ze zijn beiden niet bang voor confrontaties met de pers. Shankly heeft ter voorbereiding op de ontmoeting met Ajax de competitiewedstrijd Ajax-Telstar bekeken. In een interview met journalist Rien Bal van de NTS-televisie prijst Shankly vooral Telstar. Maar als hij terug is in Engeland laat hij zijn ploeg weten dat er een opvallende jonge speler in het team speelt: Johan Cruijff.

Televisiekijkers en voetballiefhebbers in Nederland kunnen er niet om heen: de wedstrijd Ajax-Liverpool is uitverkocht en mag dus rechtstreeks op de televisie worden uitgezonden. Door alle voorbeschouwingen en publiciteit over de wedstrijd zijn alle kaartjes verkocht. In het Olympisch Stadion zitten 65.000 toeschouwers klaar om de wedstrijd te zien.

De voorbereiding

Op woensdagmiddag 7 december 1966 vertrekken de spelers en trainers van Ajax, na een degelijke voorbereiding, vanaf het sportcentrum Zeist. De Ajax-selectie rijdt met eigen auto’s naar het Olympisch Stadion in Amsterdam. De Europacup-wedstrijd moet om kwart over acht beginnen. Het is onduidelijk of de wedstrijd wel doorgaat. Er hangt namelijk een enorme mist over Nederland en misschien besluit de Italiaanse scheidsrechter Antonio Sbardella wel dat de wedstrijd moet worden afgelast.

Henk Groot rijdt mee met Sjaak Swart in zijn Citroën DS. Erg vlot verloopt de reis niet want de Snoek van Swart wil in eerste instantie niet starten. Uiteindelijk lukt het de mannen de auto aan de praat te krijgen. Groot: "We kwamen pas drie kwartier voor de wedstrijd aan." Michels is en blijft er rustig onder; hij heeft zijn mannen goed voorbereid en ziet de wedstrijd met vertrouwen tegemoet. Vervelend is dat Piet Keizer geblesseerd is en niet kan spelen. De ploeg moet deze tegenslag even verwerken want Keizer is erg belangrijk voor het team. De vervanger van Keizer is Cees de Wolf, een jonge speler die het jaar daarvoor nog speelde voor een amateurclub uit Purmerend.

De mist als spelbreker ?

Ondanks de mist wil iedereen, inclusief de beide ploegen, dat de wedstrijd doorgaat. Liverpool moet in het weekend tegen Manchester United spelen en de leiding is bang dat bij uitstel van de wedstrijd tegen Ajax de spelers zich niet goed kunnen voorbereiden op hun volgende wedstrijd. Ajax wil spelen omdat het stadion al vol zit met trouwe fans. De Nederlandse scheidsrechter Leo Horn begeleidt de Italiaanse scheidsrechter Antonio Sbardella tijdens zijn verblijf in Amsterdam. Vlak voor de wedstrijd begint gaat Leo Horn nog even bij hem langs. Hij heeft Ajax-verzorger Salo Muller gevraagd met hem mee te gaan omdat Sbardella last heeft van een schouder. Terwijl Muller hem behandelt discussiëren Horn en Sbardella over de mist. Leo Horn zegt: "Als je vanaf de middenstip beiden doelen kunt zien, kan er gespeeld worden. Geen gezeur verder." Sbardella bekijkt een half uur voor het begin van de wedstrijd de situatie en stemde ermee in. Sbardella moet voor de wedstrijd flink wat wortels hebben gegeten, want hij beweerde ondanks de mist dat beide doelen zichtbaar waren vanaf de middenstip en vond daarom dat er afgetrapt kon worden. Maar bovendien wilde hij zo vlug mogelijk weer naar huis want hij vond het maar koud in Amsterdam.

Waar is de middenlijn ?
foto: Ruud Hoff

Ajax speelt in het wit waardoor de spelers elkaar beter kunnen zien. De aanvallers zijn Sjaak Swart, Klaas Nuninga, Johan Cruijff en invaller Cees de Wolff. Op het middenveld spelen Henk Groot en Bennie Muller. Wim Suurbier, Tonnie Pronk, Frits Soetekouw en Theo van Duivenbode vormen de achterhoede. Gert Bals staat op het doel.

De wedstrijd

De wedstrijd begint goed voor Ajax. Al na drie minuten geeft Henk Groot vanaf rechts voor op De Wolf, die de bal vanaf de rand van het strafschopgebied hard achter Liverpool-doelman Lawrence kopt: 1-0. Op de tribunes hebben ze het doelpunt door de mist niet kunnen zien maar het geluid golft door het stadion. Ook Cruijff weet nog goed dat de mist een bijzonder effect had. "Ik geloof dat het wel 5 seconden duurde voordat onze eigen keeper het wist."

Cees de Wolf (l) brengt Ajax al snel op de 1-0 voorsprong
foto: onbekend

Het is een harde wedstrijd. Wim Suurbier krijgt een trap tegen zijn been en kan eigenlijk niet verder spelen, maar moet in het veld blijven omdat wisselspelers destijds niet waren toegestaan. Ook Henk Groot raakt geblesseerd; hij loopt een verwonding op aan zijn wenkbrauw. Verzorger Salo Muller: "Ik ben, denk ik, wel zes of zeven keer het veld ingelopen zonder dat iemand me gezien heeft." Door de blessure van Suurbier moet Sjaak Swart veel harder werken. Hij is overal op het veld en na een kwartier passeert hij drie tegenstanders en geeft hij een scherpe voorzet op Klaas Nuninga. De bal wordt in eerste instantie door de doelman tegengehouden maar Johan Cruijff weet de bal toch tussen de palen te schieten.

Ook coach Bill Shankly zegt later in een interview dat hij tijdens de wedstrijd zelfs even het veld is opgelopen om aanwijzingen te geven. "Je zag geen steek voor ogen" vertelt hij, "de scheidsrechter heeft me geeneens gezien." Het helpt de mannen uit Liverpool niet, want even later is het weer raak. Klaas Nuninga maakt 3-0.

Doelman Gert Bals brengt redding bij een Liverpool aanval.
foto: onbekend

Vlak voor rust gebeurt er iets vreemds. Sjaak Swart heeft een fluitje gehoord en denkt dat het rust is. Bij de ingang naar de kleedkamers wordt hij tegengehouden door het bestuurslid Jaap Hordijk. Hordijk maakt hem duidelijk dat het nog geen rust is en dat hij snel terug moet naar het veld. Bij terugkeer in het veld geeft hij de voorzet waaruit Nuninga de vierde treffer van Ajax scoorde.

In de rust is de stemming positief. "De spelers zijn bang dat de scheidsrechter alsnog besluit de wedstrijd af te gelasten. En toch vindt Henk Groot ook nu nog dat het beter was geweest: "Je kon op een goed moment door de dichte mist beide doelen vanaf de middenstip met meer zien. Maar overspelen was ook weer niet de bedoeling." 

De mannen uit Liverpool beginnen na de rust fel. Het zijn echter de Amsterdammers die een vijfde doelpunt weten te maken. Vlak voor tijd redt verdediger Lawler van Liverpool de eer en maakt er 5-1 van.

 Dat er zes keer werd gescoord, waarvan Ajax vijf keer, was daarom een enorme sensatie. Alleen heeft bijna niemand van de toeschouwers die avond kunnen zien wat er nou werkelijk op het veld gebeurde. Als er werd gescoord, ging er een gejuich op in het nabij gelegen vak, waarna de rest van het Olympisch Stadion pas doorhad dat er weer een doelpunt was gevallen.

Nunninga (10), Cruijff (9) en Muller (7) juichen na weer een Ajax doelpunt
foto: onbekend

Ondanks het feit dat Ajax zo goed speelde en met 5-1 gewonnen had, was Shankly absoluut niet overtuigd. Hij zei: "Thuis winnen we wel met 7-0" en ook zei hij: "Die doelman Bals, die ik overigens nog niet in mijn dertiende team zou opstellen, krijgt bij ons een drukke avond. (..) Ajax is naar Engelse maatstaven gerekend, niet meer dan een derde divisie- team, en dankt die 5-1 zege voornamelijk aan onnozele goals." Doelman Bals speelde daarentegen een fantastische wedstrijd in Liverpool.

De arrogantie afgestraft

Shankly verklaarde voor de wedstrijd nog nooit van Ajax gehoord te hebben. Het was niet louter die arrogantie dat Liverpool de das om deed. Een ploeg die werd getraind door Shankly bezondigde zich nooit aan een gebrek aan inzet. Vergeleken met Ajax, een perfect opelkaar ingespeeld elftal dat de bestaande leerboeken met complex en innovatief voetbal in één klap onbruikbaar maakte, sjokte de beroemde "rode machine" puffend en
zwoegend aan als een slecht geoliede tractor achter de tegenstander aan.

Cees de Wolf (11) kijkt toe bij een ingreep van Liverpool doelman Lawrence.
foto: onbekend

Wedstrijdgegevens:
7 december 1966
Ajax – Liverpool 5-1
Doelpunten: De Wolf, Cruijff, Nuninga (2x), Henk Groot, Lawler
Olympisch Stadion, Amsterdam
Toeschouwers: 65.000
Scheidsrechter: Antonio Sbardella (Italië)

Ajax:
1 Bals, 2 Suurbier, 3 Pronk, 3 Soetekouw, 5 Van Duijvenbode, 6 Groot, 7 Muller, 8 Swart, 9 Cruijff, 10 Nuninga, 11 De Wolf.

Liverpool:
1 Lawrence, 2 Lawler, 3 Smith, 4 Yeats, 5 Graham, 6 Callaghan, 7 St. John, 8 Stevenson, 9 Hunt, 10 Strong, 11 Thompson.

Oorlog op Anfield Road

Maar Shankly krijgt geen gelijk. De Ajacieden komen aan in Liverpool en bereiden zich rustig voor op wat komen gaat. Michels en zijn spelers benaderen de wedstrijd heel serieus. Shankly heeft na de wedstrijd in Amsterdam gezegd dat het oorlog wordt op Anfield Road. "Ajax zal brancards nodig hebben." Verder probeert hij nogmaals duidelijk te maken dat hij niet onder de indruk is van de spelers. De spelers van Ajax zijn toch wel onder de indruk van zijn woorden. Shankly deed alsof hij Ajax op een makkelijke manier zou verslaan. Zijn opmerkingen werkten eigenlijk als een rode lap op een stier.

De supporters van Liverpool, die achter een van de doelen, de zogenoemde Spionkop, zitten zijn berucht. Ze zingen elke wedstrijd negentig minuten lang clubliederen en bekogelen de tegenstanders met penny’s die ze in plastic zakjes hebben verzameld. Voordat de wedstrijd begint stuurt Michels de spelers daarom alvast het veld op. De spelers zijn zwaar onder de indruk. Henk Groot: "Ik zal het nooit vergeten. We stonden daar met het team oog in oog met die supporters en ze begonnen het clublied You’ll Never Walk Alone te zingen. Het was de eerste keer dat ik dat hoorde. De rillingen liepen over mijn rug."

Rinus Michels drukt de jongens op het hart dat ze sterk moeten beginnen. Liverpool begint voortvarend. Het team speelt fel en aanvallend en Ajax heeft het moeilijk maar komt goed weg; twee keer schieten ze op de paal. Dan verandert het spel van de Engelsen en Ajax krijgt meer greep op de wedstrijd. Net als een week eerder in Amsterdam is ook dit een harde wedstrijd en bij rust staat het nog 0-0. Maar vier minuten na rust scoort Cruijff 1-0. De supporters achter het doel vallen stil. Cruijff scoort nog een doelpunt en ook Liverpool maakt er twee.

Cruijff scoort tijdens de uitwedstrijd op Anfield Road
foto: De Nijs/Spaarnestad Photo.

De methode Michels

Een gelijkspel. Na afloop van de wedstrijd zijn de spelers van Ajax dolgelukkig. In de kleedkamer zijn ze door het dolle heen en zingen ze: "Shankly kan zijn biezen pakken, hi ha ho." De coach van Liverpool komt ze feliciteren en zegt: "The war is over." Michels geeft de jongens die avond vrij, iets wat niet vaak voorkwam.

In Nederland is de opwinding compleet. Als de ploeg met het vliegtuig aankomt op Schiphol staan er duizenden fans op ze te wachten. Het lijkt alsof Ajax de Europacup al heeft gewonnen.

De overwinning in Liverpool en de professionele aanpak van Michels luiden een nieuw voetbaltijdperk in. Cruijff: "Michels heeft daar een groot aandeel in gehad, zonder twijfel. Dus de kwaliteiten die er waren, voegen bij verplichting in het veld, discipline in het veld. Ik denk dat we op dat moment klaar waren om als klein Nederland respect voor ons eigen voetbal te krijgen. Als je goed opleidt dan kan je gewoon met de groten meedoen, dat is gewoon gebleken." De methode Michels heeft gewerkt.

In de kwartfinale tegen Dukla Praag werd het thuis 1-1, en uit verloor Ajax met 2-1 (mede door een eigen doelpunt van Frits Soetekouw) zodat helaas ook dit Europacupavontuur afgelopen was

1968: Mistige klassieker Ajax-Feijenoord

Niemand ziet een hand voor ogen bij de klassieker Ajax – Feyenoord op 21 januari in Amsterdam. Een dikke mist hangt in het Olympisch Stadion.

Na een half uur spelen bij de stand 1-1 wordt het duel terecht gestaakt. Met doelpunten die niemand heeft gezien: Paja Samardzic (0-1) en Sjaak Swart (1-1). Net als rivaal Ajax, die in 1966 de beroemde mistwedstrijd speelde in de Europacup tegen Liverpool, heeft nu ook Feyenoord zijn eigen ‘mistwedstrijd’.

In de dikke mist te ontwaren v.l.n.r: Hans Kraay, Johan Cruyff en Piet Romeijn.
foto: Het Parool

Het bepalen van een nieuwe datum was een probleem, omdat Feyenoord geen zin had om nog in dezelfde week voor de tweede keer naar Amsterdam te komen. De VARA vond het nodig om hierover een bliksemenquête te houden, waarop 12.420 mensen reageerden. In Achter het Nieuws werd de uitslag bekendgemaakt: 54% was het niet eens met Feyenoord en 46% wel. Heel verrassend – duh – was dat van de Rotterdamse bellers bijna negentig procent wél vond dat Feyenoord in zijn recht stond door niet meteen de replay te willen spelen. Het was zelfs zo’n hot item in deze stad dat de lijnen naar de VARA vanaf Rotterdam tijdelijk onbereikbaar waren!

Op 10 maart werd uiteindelijk de gestaakte wedstrijd gespeeld, die door Ajax met 1-0 werd gewonnen. Het tv-verslag hiervan wordt voor de eerste keer in Nederland in kleur uitgezonden.

Bronnen en referenties
npogeschiedenis.nl, olympischstadion.nl, home.concepts.nl, andere tijden sport, Panorama, Salo Muller, mijn Ajax (2006), Ajax 100 jaar jubileumboek (2000), Het Gouden jax van 1964-1974 (2006)