(48) 1976: 12 mei Bayern Munchen wint voor 3e keer op rij Europacup 1

Europese hegemonie van Bayern

In 1970 werd Udo Lattek trainer van Bayeren München. In zijn eerste seizoen 1970/71 leidde hij Bayern naar een nieuwe bekerwinst en een 2e plaats in de competitie (doelsaldo +38) en het jaar erna naar de derde landstitel. De beslissende wedstrijd tijdens seizoen 1971/72 tegen Schalke 04 was de eerste wedstrijd in het gloednieuwe Olympiastadion en de eerste live-wedstrijd op televisie van de Bundesliga. Bayern gaf Schalke een veeg uit de pan en won met 5-1 en won zo de titel. Het hoogtepunt kwam er in 1974 toen de club voor het eerst de Europacup I won in de finale van Atlético Madrid met 4-0. Het volgende seizoen 1974/75 in de competitie was dramatisch slecht (doelsaldo -6) maar Bayern won wel de Europese titel (Europa Cup 1), dit keer werd Leeds United in de finale verslagen. Ook in 1976 trok de club aan het langste eind in de eindstrijd tegen AS Saint-Étienne.

Bayern is de bekendste en meest succesvolle club van Duitsland en behoort tot de Europese en wereldtop. FC Bayern is één van de vier clubs die alle grote Europese prijzen heeft gewonnen. Opvallend is dat de opkomst van deze vereniging, tot circa 1965 kleiner dan stadgenoot TSV 1860 München, gelijk opliep met de opkomst van Franz Beckenbauer.

Bayern München begon pas echt mee te tellen in 1969 toen het zijn tweede landstitel won. De eerste, in 1932, was in een zwakke competitie en de club speelde het grootste deel van de daaropvolgende dertig jaar in de Zweite Bundesliga.

Dat veranderde allemaal toen de enorme handen van Sepp Maier en het vernuft van Franz Beckenbauer werden samengebracht met het scorend vermogen van Gerd Müller. Met de niets ontziende Georg Schwarzenbeck in de verdediging, Paul Breitner opkomend aan de linkerkant en de bedaarde Uli Hoeness als tussenschakel was dit team een klasse apart, hetgeen ze bewezen door drie opeenvolgende Europa Cups te winnen. Dat Bayern niet erg populair is bij andere Europese clubs komt door de vermeende arrogantie van de spelers, dit elftal zou er weinig aan doen om dat beeld bij te stellen.

Het supertrio; Gerd Müller, Sepp Maier en Franz Beckenbauer
foto: onbekend

Het supertrio: 1. Franz Beckenbauer (‘Der Kaiser‘)

Franz Beckenbauer was de grote man van het Bayern München dat in de jaren zeventig drie Europacups wist te winnen. Hij was ook de aanvoerder van het West-Duitse nationale team dat in 1974 in eigen huis de wereldtitel wist te veroveren.

Der Kaiser‘, zoals Franz Beckenbauer bekend werd (hetgeen aangaf hoe belangrijk zijn aandeel voor de club en vadeland was) was één van de beste spelers in de geschiedenis van het voetbal. Als geniale aanvoerder en tacticus was het geen verassing dat hij uiteindelijk alles won, inclusief het WK – als speler en coach.

Terwijl zijn internationale carriere was begonnen als defensief ingesteld middenvelder, ontwikkelde hij zich tot de eerste aanvallende Ausputzer die vanuit de verdediging de aanval opzette, die hij vaak zelf afronde. Hij had alles wat een voetballer nodig heeft: balcontrole, een goed pass, kracht en een uitstekend spelinzicht, maar misschien bovenal wel een ijzeren wilskracht.

Hans-Georg ‘Katsche’ Schwarzenbeck was de Duitse voorstopper die zijn hele carrière bij Bayern München speelde. Was in de verdediging de vaste secondant van Franz Beckenbauer. Dat leverde hem de bijnamen ‘Katsche’ en ‘Putzer des Kaisers’ op.

Bij zowel Bayern als de Nationalmannschaft, waar hij in 1971 debuteerde, vormde Schwarzenbeck in de verdediging een duo met ‘der Kaiser’ Franz Beckenbauer. Beiden waren precies even lang, toch waren ze op ongeveer alle andere vlakken elkaars tegen- polen. Beckenbauer was een elegante en lichtvoetige speler terwijl Georg het moest hebben van zijn eenvoudige stijl en fysieke gesteldheid. Zijn gebrek aan subtiliteit compenseerde hij met zijn verschijning en harde tackles.

Deze eigenschappen vormden echter wel de perfecte aanvulling op elkaar. De centrale verdediger zorgde ervoor dat ‘Der Kaiser‘ zijn beroemde liberostijl kon spelen.

Nadat hij in 1977 gestopt was met internationaal voetbal , werd Beckenbauer ploeggenoot van Pelé bij New York Cosmos in de Amerikaanse voetbalcompetitie, waarna hij terug- keerde naar Duitsland voor een laatste eervoller periode bij Hamburg.

Veel commentatoren vinden de met 3-2 gewonnen wedstrijd tegen Engeland tijdens het WK van 1970 in Mexico, Beckenbauers beste wedstrijd. Hij nam de Duitsers op sleeptouw nadat ze met twee doelpunten achterstonden. Beckenbauer werd voor de WK finale in 1966 tegen Engeland aangewezen om Bobby Charlton te dekken, maar hij gaf later toe dat hij er toen nog niet klaar voor was.

Hiernaast won Franz Beckenbauer als trainer met West-Duitsland het Wereldkampioen- schap (1990) en met Bayern München de UEFA-Cup (1996) en het Duitse Kampioenschap (1994).

Na een magere periode bij Bayern keerde het succes terug toen Franz Beckenbauer trainer werd in de tweede helft van seizoen 1993/94 toen opnieuw de titel behaald werd. Daarna werd hij als voorzitter van de club aangesteld maar zijn trainer-opvolgers behaalden niet de gehoopte resultaten. De spelers van Bayern verschenen vaker in de roddelblaadjes dan in de sportmagazines waardoor de club de bijnaam FC Hollywood kreeg. Beckenbauer keerde terug als trainer en won de UEFA Cup in 1996 ten koste van Girondins de Bordeaux.

Erelijst:

Wereldkampioen: 1974
Europees Kampioen: 1972
Wereldbeker: 1976
Europacup I: 1974, 1975, 1976
Europacup II: 1967
Duits Kampioen: 1969, 1972, 1973, 1974
Duitse Beker: 1966, 1967, 1969, 1971
Duits Kampioen met Hamburger SV: (1982)
Amerikaans Kampioen: met New York Cosmos: 1977, 1978, 1980)

Individuele prijzen:

Europees Voetballer van het Jaar: 1972, 1976
Duits Voetballer van het Jaar: 1966, 1968, 1974, 1976

Gerd Müller scoort één van zijn 365 Bundesliga doelpunten.
foto: onbekend

Het supertrio: 2. Gerd Müller (‘Der Bomber‘)

Gerd Müller, ‘Der Bomber‘, was waarschijnlijk de meest dodelijke afmaker in de voetbalgeschiedenis. Zoals vele andere echte goaltjesdieven deed hij weinig buiten het penaltygebied en was hij een onopvallende speler wanneer de bal rondging, maar voor het doel waren zijn reflexen katachtig. Hij was sterk, moeilijk uit zijn evenwicht te brengen, stond altijd op de goede plaats en schoot op doel zodra zich een kans voordeet.

Müller speelde vijftien jaar voor Bayern München en maakte in die tijd maar liefst zeven seizoen op rij gemiddeld ruim één goal per wedstrijd. Hij scoorde in twee eindtoernooien van het WK het ongekende aantal van 14 goals in 13 wedstrijden, waaronder een hattrick in twee achtereenvolgende wedstrijden in 1970.

Gerd Müller beëndigde zijn carriere na een blessure in 1978 bij Fort lauderdale in de NASL.

Erelijst:

Regionalliga Süd: 1964/65
Bundesliga: 1968/69, 1971/72, 1972/73, 1973/74
DFB-Pokal: 1965/66, 1966/67, 1968/69,1970/71
Europacup I: 1973/74, 1974/75, 1975/76
Europacup II: 1966/67
Wereldbeker voor clubteams: 1976
Europees kampioen: 1972
Wereldkampioen: 1974
Individuele prijzen:
Europees voetballer van het jaar: 1970
Duits voetballer van het jaar: 1967, 1969

Topscorerstitels:

Topscorer Bundesliga: 1966/67, 1968/69, 1969/70, 1971/72, 1972/73, 1973/74, 1977/78
Topscorer Europacup I: 1972/73, 1973/74, 1974/75, 1976/77
Europees topschutter van het seizoen: 1969/70, 1971/72
Topscorer WK voetbal: 1970
Topscorer EK voetbal: 1972

Seizoen 1973/1974: Gerd Müller, Sepp Maier en Franz Beckenbauer.
foto: onbekend

Het supertrio: 3. Sepp Maier (‘Die Katze‘)

De toenemende invloed van de televisie in de jaren zestig en zeventig maakte van Josef-Dieter Maier één van ‘s werelds meest herkenbare spelers. Zijn reusachtige zwarte voetbal- broek hoorde bij lang vervlogen tijden en zijn enorme handschoenen creëerden een gat in de markt en zorgden voor een heuse trend. Vandaag de dag is het onvoorstelbaar dat doelmannen ooit met blote handen hun doel hebben verdedigd.

Het waren echter zijn optredens als nationale doelman waarmee ‘Die Katze‘ (de kat) zich in de kijker speelde, hoewel niet altijd op een positieve manier. Tijdens het WK van 1970 werd het televisiepubliek even gek van Maiers gewoonte om bij het minste lichamelijke contact neer te vallen als van zijn spectaculaire hoogstandjes.

Maier was gedurende elf jaar en bijna 400 wedstrijden een constante factor in het team van Bayern München.

95 keer stond Maier in het doel van het West-Duitse elftal, vanaf 1978 als aanvoerder. Met het West-Duits elftal werd hij in 1974 wereldkampioen. Hij werd keeperstrainer van Bayern München en ook van het Duitse elftal. Op 7 november 1978 maakte Maier deel uit van het Bayern-elftal dat ter gelegenheid van het afscheid van Johan Cruijff Ajax met 8-0 versloeg. Voor het gebrek aan hoffelijkheid, dat volgens de Bayern-spelers kwam door de slechte ontvangst in Amsterdam, maakte Maier op 9 mei 2006 in het televisieprogramma NOVA zijn excuses: "Sorry, Johan! We zullen het niet nog een keer doen."

Erelijst:

Bundesliga: 1969, 1972, 1973, 1974
DFB-Pokal: 1966, 1967, 1969, 1970
Europacup 1: 1974, 1975, 1976
Wereldkampioenschap: 1974
Europees Kampioenschap: 1972
Duits voetballer van het jaar: 1975, 1977, 1978

De andere sterspelers

Paul Breitner: na zijn jeugdjaren kwam hij in de zomer van 1970 als achttienjarige jongen bij het grote Bayern München terecht. Met onder andere zijn vriend en leeftijdsgenoot Uli Hoeness, speelde hij zichzelf al snel in het eerste elftal.

In het eerste seizoen werd de DFB-Pokal gewonnen, in 1972, 1973 en 1974 het Duitse landskampioenschap. Bovendien werd in 1974 de Europacup I gewonnen ten koste van Atlético Madrid.

Na het succesvolle seizoen vertrok de middenvelder naar Real Madrid. Hier speelde hij onder andere met de Duitse vedette Günter Netzer.

Seizoen 1973/1974: Paul Breitner, in zijn laatste seizoen voor Bayern München. .
foto: Sven Simon

Ulrich Hoeness: speelde bijna zijn hele carrière bij Bayern München speelde. Ook kwam hij uit voor het nationale elftal van West-Duitsland en won hij daarmee het EK Voetbal in 1972 en het WK Voetbal in 1974. Na zijn actieve carrière is hij manager geworden bij zijn oude club Bayern. Deze functie vervulde hij ruim dertig jaar totdat hij in 2009 werd verkozen tot voorzitter van Bayern München als opvolger van Franz Beckenbauer.

De persoonlijke tegenslagen

Een auto-ongeluk beëindigde in 1979 Sepp Maiers actieve carrière vroegtijdig. Zonder dit tragisch voorval had Maier zeker 100 interlands in het doel van Duitsland gestaan.

Na gestopt te zijn met voetballen runde Gerd Müller een tijdje zonder veel succes een restaurant in Amerika. Daarna keerde hij terug naar Europa, waar hij alcoholproblemen kreeg. Na deze overwonnen te hebben, ging hij weer bij Bayern München aan de slag; ditmaal bij de amateur- en jeugdsector van die club. In oktober 2015 werd bekend dat Müller aan de ziekte van Alzheimer lijdt.

"De spits die door Duitsland nooit meer zal worden vergeten, vecht zelf tegen de ziekte van de vergeetachtigheid", omschreef Bild het drama.

In 2015 overleed Franz Beckenbauer‘s zoon Stephan, na een langdurige ziekte op op 46-jarige leeftijd. Stephan Beckenbauer was zelf een ex-voetballer, die tijdens zijn actieve carrière speelde voor 1860 München, FC Saarbrücken en de amateurs van Bayern. Door een zware knieblessure moest hij op 29-jarige leeftijd een punt zetten achter zijn voetballoopbaan.

Eveneens in 2015 raakt Franz Beckenbauer betrokken bij smeergelden die betaald zouden zijn voor de toewijzing van het WK in 2006.

In 2014 werd Ulli Hoeness veroordeeld tot drieënhalf jaar gevangenisstraf wegens belastingontduiking. Na aanvankelijk te worden vervolgd voor tweeënhalf miljoen euro ontdoken belastingen, bleek het om 27,2 miljoen euro te gaan. Tegen deze straf is hij niet in beroep gegaan en op dezelfde dag als het vonnis in eerste aanleg werd uitgesproken, trad Hoeness af als voorzitter van Bayern München. In het voorjaar van 2014 werd door deze controverse Hoeness uit de Hall of Fame gezet van de Duitse sport.

Finale Europacup I 1974

De finale van de Europacup I van het seizoen 1973/74 werd gehouden op 15 en 17 mei 1974 in het Heizelstadion in Brussel. Voor het eerst in zes jaar stond er geen Nederlandse club in de finale. Voor 1974 was Eintracht Frankfurt de enige Duitse club die aan de Europa Cup 1 had geroken; in 1960 werd deze formatie in de finale echter met 7-3 ingepakt door een ontketend Real Madrid. In de finale van 1974 stond Bayern München tegenover Atlético Madrid, dat onbuigzaam weerstand bood.

Na 90 minuten stond het nog 0-0 en dus kwamen er verlengingen. De West-Duitse verdediger Hans-Georg Schwarzenbeck, bekend om zijn bikkelharde speelstijl, maakte na iets meer dan 110 minuten een overtreding. De Spanjaarden kregen een vrije trap en scoorden in de 114e minuut het eerste doelpunt van de partij. Bayern leek op een nederlaag af te stevenen tot Schwarzenbeck zelf net voor affluiten mee oprukte en met een fraai afstandsschot de 1-1 maakte. Er kwamen geen strafschoppen, wel een terugwedstrijd. In die terugwedstrijd maakte Bayern korte metten met Atlético, het won overtuigend met 4-0. Uli Hoeness en Gerd Müller scoorde elk twee keer.

De Belgische scheidsrechters Vital Loraux en Alfred Delcourt floten elk een wedstrijd.

EC1 finale 1974: "Katsche" Schwarzenbeck maakt kort voor tijd de gelijkmaker tegen Atlético Madrid.
foto: onbekend

Wedstrijdgegevens:
15 mei 1974: Bayern München  1 – 1 (n.v.)  Atlético Madrid
Doelpunten: Schwarzenbeck  119′, 114′ Aragonés
Heizelstadion, Brussel
Toeschouwers: 48.722
Scheidsrechter: Vital Loraux (België)

17 mei 1974: Bayern München 4 – 0  Atlético Madrid
Doelpunten: Hoeness   28′, 83′, Müller   58′, 71′.
Heizelstadion, Brussel
Toeschouwers: 23.325
Scheidsrechter: Alfred Delcourt (België)

Bayern München:
1  Sepp Maier, 2  Johnny Hansen, 5  Franz Beckenbauer, 4  Hans-Georg Schwarzenbeck, 3  Paul Breitner, 7  Conny Torstensson, 6  Franz Roth, 8 Rainer Zobel, 11  Jupp Kapellmann, 10  Uli Hoeness, 9 Gerd Müller.
Coach:  Udo Lattek.

Atlético Madrid:
1  Miguel Reina, 2  Francisco Delgado Melo, 5  Ramón Heredia, 6  Eusebio Bejarano, 3  José Luis Capón, 4  Adelardo Rodríguez, 8  Luis Aragonés, 11  Ignacio Salcedo, 10  Alberto Fernández Fernández, 7  Heraldo Bezerra, 9 José Eulogio Gárate.
Wisselspelers: 12 Domingo Benegas, 14 José Ufarte.
Coach: Juan Carlos Lorenzo

Het West-Duitse elftal dat in 1974 wereldkampioen werd bestond voor een groot (en belangrijk) deel uit speler van Bayern München, zoals Sepp Maier, Franz Beckenbauer, Georg Schwarzenbeck, Paul Breitner, Uli Hoeness en Gerd Müller.

Uli Hoeness in duel met Willem van Hanegem tijdens de WK finale van 1974.
foto: VI

Finale Europacup I 1975

De finale van de Europacup I van het seizoen 1974/75 werd gehouden op 28 mei 1975 in het Parc des Princes in Parijs. Bayern München was net als een jaar eerder een van de finalisten. De West-Duitsers wonnen ditmaal met 2-0 van het bikkelharde Leeds United en veroverden zo hun tweede Europacup I op rij.

De wedstrijd werd ontsierd door heel wat vuile tackles en het twijfelachtig optreden van de Franse scheidsrechter Michel Kitabdjian. Franz Beckenbauer, de sierlijke libero van Bayern, kreeg in de eerste helft een bal tegen zijn arm in het strafschopgebied. De arbiter legde de bal niet op de stip. Toen hij wat later Alan Clarke deed struikelen, vond Kitabdjian het opnieuw geen strafschop.

De Britten lieten zich dan weer opvallen door hun harde speelstijl. Rechtsachter Björn Andersson werd al na drie minuten van het veld geschopt door Terry Yorath en Uli Hoeness liep een zware knieblessure op na een overtreding van Frank Gray. De Duitse aanvaller herstelde nooit volledig van de blessure en moest op 28-jarige leeftijd al een punt zetten achter zijn spelerscarrière. Ook de loopbaan van Andersson zat er een paar jaar later op.

De finale in 1975 werd ontsierd door verschrikkelijke supportersrellen in Parijs, de oproerpolitie had de grootste moeite de Leeds fans in het stadion in bedwang te houden. Leeds werd voor vier jaar verbannen uit het Europees voetbal. De club ging in beroep en kreeg een strafvermindering van twee jaar. Uiteindelijk werd de straf nooit uitgevoerd, omdat Leeds op sportief vlak wegzakte en niet meer in aanmerking kwam voor Europees voetbal.

EC1 finale 1975; Gerd Müller in actie tegen Leeds United
foto: onbekend

Wedstrijdgegevens:
28 mei 1975: Bayern München 2 – 0 Leeds United
Doelpunten: Roth  71′, Müller  81′
Parc des Princes, Parijs
Toeschouwers: 48.374
Scheidsrechter: Michel Kitabdjian (Frankrijk)

Bayern München:
1 Sepp Maier, 2 Björn Andersson (4′), 4 Hans-Georg Schwarzenbeck, 5 Franz Beckenbauer, 3 Bernd Dürnberger, 8 Rainer Zobel, 6 Franz Roth, 11 Jupp Kapellmann, 7 Conny Torstensson, 9 Gerd Müller, 10 Uli Hoeness (42′).
Wisselspelers: 12 Klaus Wunder (42′), 13 Sepp Weiss (4′), 14 Karl-Heinz Rummenigge, 15 Günther Weiss, 16 Hugo Robl
Coach: Dettmar Cramer.

Leeds United:
1 David Stewart, 2 Paul Reaney (7′), 5 Paul Madeley, 6 Norman Hunter (83′), 3 Frank Gray, 7 Peter Lorimer, 4 Billy Bremner, 10 Johnny Giles, 11 Terry Yorath (80′), 8 Allan Clarke, 9 Joe Jordan.
Wisselspelers: 12 Glan Letheren, 13 Trevor Cherry, 14 Peter Hampton, 15 Eddie Gray (80′), 16 Duncan McKenzie.
Coach: Jimmy Armfield.

Finale Europacup I 1976

De finale van de Europacup I van het seizoen 1975/76 werd gehouden op 12 mei 1976 in Hampden Park in Glasgow. Bayern München stond voor de derde keer op rij in de finale. De West-Duitsers namen het op tegen het Franse Saint-Étienne. Bayern won met het kleinste verschil na een goal van Franz Roth, die ook in de vorige finale trefzeker was.

De Duitse club won voor de derde keer op rij de Europacup I en trad zo in de voetsporen van Real Madrid en Ajax.

EC1 finale 1976: Saint-Étienne in de aanval Sepp Maier en Schwarzenbeck kijken toe.

foto: onbekend

Wedstrijdgegevens:
12 mei 1976: Bayern München 1 – 0 Saint-Étienne
Doelpunt: Roth  57′
Hampden Park, Glasgow
Toeschouwers: 54.864
Scheidsrechter: Károly Palotai (Hongarije)

Bayern München:
1 Sepp Maier, 2 Johnny Hansen, 4 Hans-Georg Schwarzenbeck, 5 Franz Beckenbauer, 3 Udo Horsmann, 11 Jupp Kapellmann, 6 Franz Roth, 8 Bernd Dürnberger, 10 Uli Hoeness, 7 Karl-Heinz Rummenigge, 9 Gerd Müler.
Coach: Dettmar Cramer.

Saint-Étienne:
1 Ivan Curkovic, 2 G&eacutr;rard Janvion, 4 Osvaldo Piazza, 5 Christian Lopez, 3 Pierre Repellini, 6 Dominique Bathenay, 10 Jacques Santini, 8 Jean-Michel Larqué, 7 Patrick Revelli, 9 Hervé Revelli, 11 Christian Sarramagna (83′)
Wisselspelers: 12 Dominique Rocheteau (83′), 13 Jean Castaneda.
Coach: Robert Herbin.

Wereldbeker 1976

In 1976 won de club ook nog eens de Intercontinentale beker tegen het Braziliaanse Cruzeiro Belo Horizonte. Bayern had in 1974 en 1975 voor de eer bedankt om voor de Wereldbeker te spelen, afgeschrikt door het harde Argentijnse voetbal in de laatste zeven edities van de Wereldcup, maar tegen een Braziliaanse tegenstander wou Bayern het wel proberen. Bovendien vormde het spelen om de Wereldbeker in die jaren geen garantie voor financieel succes. Om de kosten eruit te halen waren in de eerste wedstrijd in het Olympia stadion 25,000 betalende toeschouwers nodig, echter door hevige sneeuw en koud weer kwamen er slechts 18,000 toeschouwers opdagen.

1976: Bayern München met de Wereldbeker.
foto: onbekend

Bayern München: het vervolg.

Begin jaren tachtig doken financiële problemen op, de titel werd wel nog tweemaal op rij gewonnen in 1979/80 en 1980/81 (doelsaldi +51, +48) met onder andere Karl-Heinz Rummenigge in de gelederen, en ook werden toen twee halve finales in de EuropaCup-toernooien bereikt, maar daarna kwamen twee seizoenen zonder een trofee (1981/82 en 1982/83).

Nadat ex-trainer Udo Lattek per 1 juli 1983 terugkeerde won Bayern de DFB Pokal in 1984 en won dan vijf van de volgende zes landstitels met een gemiddeld doelsaldo van +41 per seizoen (1984/85-1989/90). In de Europese wedstrijden werd enkel in 1982 en 1987 de eindmeet behaald maar daarin waren Aston Villa en FC Porto te sterk. Na de titel in 1990 ging het slechter met de club en in het seizoen 1991/92 – een jaargang waarin de club drie trainers versleet, onder wie Sören Lerby en Jupp Heynckes, die later als enige op drie ambtstermijnen als coach van Bayern zou mogen bogen – eindigde Bayern slechts vijf punten boven een degradatieplaats.

Het succes keerde terug toen Franz Beckenbauer trainer werd in de tweede helft van seizoen 1993/94 toen opnieuw de titel behaald werd. Daarna werd hij als voorzitter van de club aangesteld maar zijn trainer-opvolgers behaalden niet de gehoopte resultaten.

Maar Bayern blijft tot op de dag van vandaag een grote club in het internationale voetbal, en speelde ook na de grote successen in de jaren zeventig met (wisselend) succes regelmatig finales in de Europacup 1 en CL. Een aantal bekende trainers die aan het succes hebben bijgedragen zijn onder meer; Ottmar Hitzfeld, Louis van Gaal, Josep "Pep" Guardiola om maar een paar willekeurige trainers te noemen,

Gespeelde EC1 en CL finales ná 1976:

2013 Bayern München – Borussia Dortmund 2-1
2012 Chelsea – Bayern München 1-1 Chelsea wint na strafschoppen met 5-4
2010 Internazionale – Bayern München 2-0
2001 Bayern München – Valencia 1-1 Bayern München wint na strafschoppen met 5-4
1999 Manchester United – Bayern München 2-1
1987 FC Porto – Bayern München 2-1
1982 Aston Villa – Bayern München 1-0

Bayern; grootste club van de wereld

In 2014 mag Bayern München zich de grootste club van de wereld noemen. De Duitse kampioen maakte dat in 2014 bij de presentatie van de jaarcijfers bekend, het ledenaantal is opgelopen tot 251.000. Daarmee is ‘Der Rekordmeister‘ naar eigen zeggen mondiaal de grootste sportvereniging geworden, aangezien de vorige recordhouder Benfica over 235.000 leden beschikt.

Bayern München had in 2004 iets meer dan 100.000 leden. Dat aantal liep de laatste jaren in hoog tempo op, met dank aan de sportieve successen van de Duitse club. Niet alleen sportief, maar ook financieel gaat het Bayern voor de wind. De clubleiding presenteerde in 2014 een recordomzet van 528,7 miljoen euro. De winst bedroeg 16,5 miljoen euro dat jaar en dat terwijl Bayern dit jaar ook de lening voor het eigen stadion volledig heeft afgelost, zestien jaar eerder dan gepland.

Erelijst Bayern München

In het seizoen 2017/18 is Bayern München voor de 28e keer kampioen geworden.

Internationaal:

Europacup I / Champions League: 1974, 1975, 1976, 2001, 2013
UEFA Cup / Europa League: 1996
Europacup II: 1967
UEFA Super Cup: 2013
Wereldbeker: 1976, 2001
Wereldkampioenschap voetbal voor clubs: 2013

Het huidige stadion van Bayern München.
foto: onbekend

De thuishaven van Bayern München

De Allianz Arena ofwel die schlauchboot (de opblaasbare boot) is het stadion waarin Bayern München sinds 2005 haar thuiswedstrijden speelt. Naast Bayern speelt ook de andere club uit München haar thuiswedstrijden hier: TSV 1860 München, in het moderne stadion met een capaciteit van 71.137. Het stadion is ontworpen door de Zwitserse architecten Herzog & de Meuron en heeft totaal €340 miljoen gekost waarvan €90 miljoen wordt betaald door Allianz, een Duitse verzekeringsmaatschappij. In ruil voor de €90 miljoen heeft de sponsor tot 2021 naamsgarantie op het stadion. De naam ‘opblaasboot’ heeft het stadion te danken aan het ontwerp. Het stadion ziet er uit als een rubberen boot.

Bronnen en referenties
bayernmunchen.nl.wordpress.com, Algemeen Dagblad, Teleport, kentudezenog.nl