(49) 1976: 20 juni EK finale: Duitsland – Tsjechoslowakije

De Panenka penalty


De penalty. De pingel. De penantie. Het is het moment bij uitstek waar de teamsport voor even een individuele sport wordt. Wedstrijden worden er door gewonnen en verloren. We laten de vraag of je er op kan trainen even in het midden (ja dat kan!!!).

De stift-penalty draagt al decennia lang de naam van de voetballer die de variant op het hoogste podium introduceerde: Antonín Panenka. Namens Tsjechoslowakije besliste hij middels zo’n stiftje de penaltyserie, die nodig was nadat de EK-finale in 1976 tegen de West-Duitsers in 2-2 was geëindigd. Zo won niet Weltmeister West-Duitsland het EK, maar de outsider Tsjechoslowakije. Het land dat twee jaar eerder de wereld betoverde met ‘totaalvoetbal’ en met West-Duitsland topfavoriet was, was toen allang uitgeschakeld.

EK finale 1976: Duitsland – Tsjechoslowakije.

Op het EK van 1976 in Joegoslavië’stond Panenka met Tsjechoslowakije in de finale tegen West-Duitsland. De Tsjechen hadden in de halve eindstrijd van het EK in 1976 het favoriete Nederland van de grote Johan Cruijff bedwongen.

Tsjechoslowakije kwam op een 2-0 voorsprong door doelpunten van Ján Švehlík in de 8e en Karel Dobias in de 25e minuut van de wedstrijd. Nog voor rust kwamen de Duitsers terug tot 2-1 door een doelpunt van Dieter Müller (28e minuut).

In de tweede helft leek het er steeds meer op te lijken dat Tsjechoslowakije de nieuwe Europees Kampioen zou gaan worden. Maar als vanzelfsprekend kwamen de Duitsers terug. In de laatste minuut maakte Bernd Hölzenbein de gelijkmaker, waarna straf= schoppen de beslissing moesten brengen. Acht spelers schoten raak voordat Uli Hoeness op de stand van 4-3 miste.

Panenka scoort de beslissend penalty.
foto: L’Equipe

Op een stand van 4-3 in het voordeel van Tsjecho-Slowakije mocht Panenka gaan aanleggen voor de beslissende penalty. De menigte die op dat moment aanwezig was in het stadion en niet durfde te kijken, zouden een puur stukje voetbalgeschiedenis gaan missen. Panenka nam een aanloop en de Duitse keeper Sepp Maier koos net voor dat Panenka ging schieten de (voor de keeper) linkerhoek. Panenka koos er echter niet voor om de bal gewoon hard richting de goal te schieten, maar ging voor een zeer subtiele stift recht door het midden van de goal. Hierdoor was doelman Maier kansloos en het enige wat hij nog kon doen was aanschouwen hoe hij zojuist onderdeel was geworden van misschien wel de meest legendarische penalty die ooit in het voetbal is genomen.

De rest is geschiedenis zoals ze zeggen. Vanaf toen gaat dit type penalty door het leven als een Panenka.

Wedstrijdgegevens:
20 juni 1976
Tsjecho-Slowakije 2 – 2 (n.v.) West-Duitsland
Doelpunten: Tsjecho-Slowakije: Švehlík (8′), Dobiaš (25′), West-Duitsland: 28′ Müller (28′), Hölzenbein (89′)
Strafschoppen: Tsjecho-Slowakije: Masný, Nehoda, Ondruš, Jurkemik, Panenka. West-Duitsland: Bonhof, Flohe, Bongartz, Hoeness
Rode Ster-stadion, Belgrado
Toeschouwers: 30.800
Scheidsrechter: Sergio Gonella (Italië)

Tsjecho-Slowakije:
1 Ivo Viktor, Ján Pivarník, 4 Anton Ondruš, 12 Koloman Gögh, 3 Jozef Japkovic, 2 Karol Dobiaš (109′), 8 Jozef Móder ( 59′), 7 Antonín Panenka, 10 Marián Masný, 11 Zdenak Nehoda.
Wisselspelers: 6 Ladislav Jurkemik (79′), 16 František Veselý (109′)
Coach: Václav Ježek

West-Duitsland:
1 Sepp Maier, 2 Berti Vogts, 5 Franz Beckenbauer, 4 Hans-Georg Schwarzenbeck, 3 Bernard Dietz, 6 Herbert Wimmer (46′), 7 Rainer Bonhof, 10 Erich Beer (80′), 8 Uli Hoeness, 9 Dieter Müller, 11 Bernd Hölzenbein.
Wisselspelers: 14 Hans Bongartz (80′), 15 Heinz Flohe (46′)
Coach: Helmut Schön

De Panenka penalty is geboren.
foto: onbekend

De Wikipedia definitie van de Panenka penalty:

"Bij een panenka-strafschop wordt gedaan alsof de bal op de gewone manier genomen gaat worden, maar wordt er uiteindelijk een zachte stift gegeven, vaak over de al gedoken keeper heen. Dit vergt veel lef; als de keeper er niet in trapt, kan hij de bal eenvoudig pakken. Datzelfde geldt als er toch te zacht wordt geschoten. Als er te hard wordt geschoten, gaat het effect verloren."

Het ontstaan van de Panenka penalty

Panenka had een list, ‘s nachts in bed bedacht om op de training van zijn club, Bohemians Praag, keeper Zdenek Hruska slimmer af te zijn bij hun weddenschappen. Die list was gebaseerd op de aanname dat de keeper altijd vóórdat de bal geschoten wordt een hoek in duikt, omdat hij anders te laat is. En als hij dat doet, zou een simpel boogballetje door het midden voldoende moeten zijn.

En jawel, het lukte. Panenka versloeg eerst Hruska ermee en probeerde het vervolgens uit in de nationale competitie. Ook daar trapten keepers erin, dus zijn vertrouwen in de boogbalpenalty groeide. Bovendien bleef het een goedbewaard geheim, want de wed- strijden van Bohemians gingen nu eenmaal niet de wereld over.

Een deel van het slagen van zijn penalty in de EK-finale zat ‘m in de furieuze aanloop: de Duitse doelman Maier moest geloven dat hij heel hard zou uithalen, want anders was er geen noodzaak vooraf een hoek te kiezen. Dan: plotseling dat bekeken stiftje. Tsjechoslowakije Europees kampioen.

Panenka kreeg volop navolging, en niet van de minsten: Zidane deed het in de finale van het WK van 2010, Pirlo twee jaar later tegen Engeland. Toch gaat het niet altijd goed. In 1990 probeerde Michal Bilek, ook een Tsjech, het op het WK tegen de VS. Keeper Tony Meola bleef staan en kon de bal doodeenvoudig vangen.


Antonín Panenka: De man die het nemen van een penalty tot kunst heeft verheven.

Geen voetballer is zo vereenzelvigd met een handeling als Panenka met zijn penalty. De stift-penalty draagt al meer dan vier decennia de naam van de voetballer die de variant op het hoogste podium introduceerde.

Antonín Panenka is een legende in het voetbal, maar hij heeft dit niet bereikt door zijn onuitputtelijke doorzettingsvermogen of zijn fluwelen techniek. De status van legende verkreeg Panenka  tijdens het EK in 1976 in Joegoslavië door  het nemen  van een van werelds meest memorabele penalty’s aller tijden.

Toch, wat als? Hoe anders had zijn leven gelopen als hij had gemist? Panenka zou ooit gezegd hebben dat hij dan in de uraniummijnen te werk zou zijn gesteld. "Dat kan ik me niet herinneren. Tja, wat zou er van me geworden zijn als ik had gemist? Dan was ik nu waarschijnlijk machinebankwerker geweest met dertig jaar ervaring.". "Wat me wel beangstigd heeft is wat ik later hoorde van mensen in het politieke circuit. Dat als ik niet had gescoord ik problemen zou hebben gekregen, omdat ik het politieke systeem, de communistische ideologie, zou hebben beledigd. Het was een andere tijd."

Van moed wil hij niet spreken. Ja, het was gedurfd, maar falen was geen optie. "Pelé zei ooit: alleen een idioot of een genie neemt een penalty zo. Maar ik had veel geoefend. Daarom was het niet 100 procent zeker dat ik ’m zou maken. Het was 1000 procent zeker.”"

En het ging dus ook niet fout. Hij keerde terug naar Tsjechoslowakije, ondanks inter- nationale belangstelling voor de lepe middenvelder. Maar onder het communistische regime verbood de voetbalbond transfers voor spelers jonger dan 32 met minder dan vijftig interlands. Emigreren was de enige optie. "Maar dat wilde ik niet, want dan zou ik niet meer terug kunnen komen", zegt Panenka later.

Antonín Panenka werd geboren op twee december 1948 in Praag, Tsjecho-Slowakije. In het seizoen 1967-1968 maakte Panenka zijn debuut bij Bohemians Praag. In totaal blijft hij 14 seizoenen bij deze club en komt hij tot 230 wedstrijden en 76 goals. De veel scorende aanvallende middenvelder maakte vervolgens in de zomer van 1981 de overstap naar SK Rapid Wien, waar hij in 127 wedstrijden tot 63 goals kwam.

Tot zijn 47e stond Panenka wekelijks op Oostenrijkse velden. Op zijn 38e nam hij in dienst van Rapid Wien met een verloren Europese finale tegen Everton afscheid van het hoogste niveau. Daarna was hij nog in lagere klassen actief.

EK 1976. Panenka pakt Goud, Oranje kleurt Rood.
(bron: deskybox.wordpress.com)

Hoewel alle vedetten van 1974 present waren, gingen de Nederlanders roemloos ten onder. Een toernooi dat het hoogtepunt van de Nederlandse topgeneratie had moeten worden, maar de geschiedenis in ging als het toernooi van de penalty van een tot dan toe betrekkelijk onbekende Tsjechoslowaak.

Panenka pakt goud; Oranje rood.
foto: onbekend

Nederland kwam vrij eenvoudig door de kwalificatie. In de poule werd Nederland dan wel ternauwernood eerste, maar toen het er echt om ging, in de beslissingswedstrijd tegen België liet het sterrenensemble een fraai staaltje voetbal zien. Had Nederland voorafgaand aan het succesvol verlopen toernooi van twee jaren eerder nog een arbitrale dwaling nodig om de zuiderburen op 0-0 te houden, nu werd in de eerste van het tweeluik wedstrijden tegen de Zuiderburen al met 5-0 met hen afgerekend. Een indrukwekkend staaltje machtsvertoon dat de tweede wedstrijd – ook eindigend in een Nederlandse overwinning – tot een formaliteit maakte.

Het liet eens te meer zien dat Europa rekening diende te houden met de sterren van 1974, die twee jaren later allemaal op de toppen van hun kunnen waren. Neeskens, Van Hanegem en natuurlijk aanvoerder Johan Cruijff: het waren gelouterde wereldsterren die afreisden naar Joegoslavië, om voor eens en voor altijd revanche te nemen op de West-Duitsers.

Aan het toernooi deden echter meer landen mee dan de finalisten van 1974, maar dat interesseerde de Nederlanders niet zo. Joegoslavië mocht als thuisland figureren en eigenlijk vroeg iedereen zich voorafgaand aan het toernooi af wat Tsjechoslowakije kwam doen op het toernooi. De Tsjechoslowaken hadden zich ternauwernood geplaatst na beslissingswedstrijden tegen de Sovjet-Unie en mochten eigenlijk al heel tevreden zijn met die prestatie. In Nederland lag dan ook niemand echt wakker van de eerste wedstrijd van het toernooi.

Dat na deze wedstrijd de West-Duitsers weer wachtten, dát was van belang. Voor het gemak werd er vanuit gegaan dat de West-Duitsers op hun beurt ook korte metten zouden maken met de Joegoslaven, zoals Nederland dat ging doen tegen de Tsjechoslowaken. "Het ging om de volgende wedstrijd" zo zei bondscoach Georg Knöbel later tegen Andere Tijden Sport, terwijl er in het land stemmen op gingen om vedette Cruijff te sparen voor de finale. Bij een gele kaart in de eerste wedstrijd, zou hij tegen de Duitsers immers geschorst zijn.

Eigenlijk waren de omstandigheden voor Oranje in Zagreb het best te vergelijken met een concert van de Beatles op een Megapiratenfestijn. Een belabberd veld, een gevolg van dagenlang noodweer, was niet de ambiance die paste bij de Nederlandse supersterren. Getooid met een modieuze bos lange haren deden die supersterren in 1976 inderdaad meer denken aan de popmuzikanten uit Liverpool, dan aan het op dat moment geldende stereotype van de voetballer. Gelouterde idolen met vrije geesten stapten uit het vliegtuig in Joegoslavië, neerdalend vanaf de allerhoogste podia die de jaren zeventig op voetbal- gebied kende: Barcelona, Valencia, Ajax.

Waarschijnlijk is er geen voetbalwedstrijd geweest, waaop het veelgenoemde ‘generatieconflict’ uit de laten jaren zestig en zeventig zo aan de oppervlakte kwam als in de wedstrijd Nederland-Tsjechoslowakije. Voorafgaand aan de wedstrijd betrad de dienstdoende scheidsrechter Clive Thomas – een strikte Welshman, geboren in 1936 en daarmee een vermaarde veteraan in het arbiterkorps – de Nederlandse kleedkamer met een priemende vinger om het mondige, langharige tuig – dat het Nederlands Elftal op dat moment waarschijnlijk voor de conservatieve Brit was – te melden dat hij onsportief spel en provocatie hard zou gaan bestraffen in de wedstrijd. De Nederlandse voetballers zouden bij hem gedurende de wedstrijd die volgde het tegendeel laten zien en haalden hem het bloed onder de nagels vandaan. Waarschijnlijk gold omgekeerd precies hetzelfde.

1976 Nederland-Tsjechoslowakije. Johan Neeskens zet een tackle in.
foto: onbekend

De Nederlandse sterren waren dergelijke taal niet gewend en gingen eigenlijk de hele wedstrijd vooral de strijd aan met de scheidrechter. Dat hier een verzameling supersterren op het verregende veld stond, dat werd op geen enkel moment duidelijk. Clive Thomas hield woord. Elke kleine overtreding, elke futiliteit, werd door hem bestraft en de Nederlanders raakten zichtbaar gefrustreerd. De frustratie, in combinatie met het verregende en gladde veld, leidde tot gevaarlijke capriolen.

De Nederlandse voetbalschoenen gleden steeds verder door richting de enkels van de Tsjechoslowaken. Toen de Tsjechoslowaken ook nog eens uit – uiteraard een twijfelachtig gegeven vrije trap – de 1-0 in het net prikten en daarna weigerden op een enkele manier nog over de middellijn te komen en op alle manieren de wedstrijd begonnen te saboteren, nam de irritatie bij de Nederlanders almaar grotere vormen aan.

Op dat moment probeerde Thomas zijn gezag met het gul uitdelen van kaarten te handhaven, een missie die onherroepellijk faalde. "Een gebrek aan manieren", zo omschreef de scheidsrechter later het gedrag van de spelers. "Moet Johan Cruijff het spel soms aan mij gaan uitleggen?", vroeg hij zich later retorisch af, toen hij de beelden terug zag van een voortdurend commentaar leverende Nederlandse aanvoerder. Hij verweet Cruijff arrogantie: "Jij scheidsrechter, jij moet je niet teveel met mij bemoeien," zo omschreef Thomas Cruijffs houding. Cruijff vond de houding van de scheidsrechter echter "belachelijk". "Dit waren wij helemaal niet gewend."

De eerste rode kaart van de wedstrijd kreeg geen Nederlander, maar de Tsjechoslowaak Polak, die met een ruzietje met – uiteraard – Cruijf en een harde tackle op Neeskens twee gele kaarten verzamelde en van het veld moest. De kansen leken te keren voor de Nederlanders. Toen verdediger Ondruš ook nog eens de 1-1 erin prikte, moest de finale tegen West-Duitsland alsnog in de verte aan de horizon verschenen zijn. Het had dan wat kleerscheurtjes gekost, met nog een stief kwartiertje op de klok en een man meer op het veld dan de matige Tsjechoslowaken gloorde er hoop voor de Nederlanders. Het bleek een illusie.

Halve finale van het Europees Kampioenschap voor landenteams Tsjechoslowakije- Nederland (3-1) Johan Cruijff juicht nadat Ondrus (l) de bal in eigen doel schopt.
foto: ANP

Aan het einde van de officiële speeltijd was de scheidsrechter het gemopper van Cruijff zat en gaf hij hem een gele kaart, in plaats van een vrije trap mee, toen Cruijff zichtbaar geërgerd de Welshman erop attendeerde dat hij wel degelijk geraakt zou zijn. In de aanval daarop kon Neeskens zich niet inhouden en vlakbij de cornervlag schopte hij een Tsjechoslowaak van achter half doormidden. Hij liet Thomas geen keus: ook Nederland was met tien man over en de withete Neeskens moest door bondscoach Knöbel en de verzorger van het geld geholpen worden. Een tijdlang bleef Neeskens bij de cornervlag nog de scheidsrechter van commentaar voorzien.

Johan Neeskens loopt van het veld na zijn rode kaart.
foto: onbekend

De verlenging brak aan en heel Nederland veerde op toen Cruijff op volle snelheid naar het vijandige doel dribbelde. Een Tsjechoslowaakse verdediger had geen keus en trok aan de noodrem. In de hoop een mogelijke rode kaart te ontlopen hief de verdediger meteen zijn hand onschuldig op, terwijl Johan Cruijff doorrolde na de grove charge. In plaats van een rode kaart, liet de scheidsrechter doorspelen. De scheidsrechter had inmiddels blijkbaar zo’n hekel gekregen aan de betweterige aanvaller, dat hij deze gruwelijke aanslag op ’s werelds beste benen van dat moment onbestraft liet.

Om het verhaal nog cruër te maken: na de charge werd de bal hard naar voren gespeeld en bij toeval viel hij niet veel later in het Nederlandse doel: 2-1. Bij het zien van de beelden – ruim dertig jaar na dato – meldt de scheidsrechter dat hij een fout heeft gemaakt: "dat was een overtreding op Johan Cruijff en als ik toen de juiste beslissing had genomen, dan had Tsjechoslowakije dat doelpunt niet gemaakt."

Op dat moment in de wedstrijd sloegen echter de oranje stoppen door. Van Hanegem weigerde af te trappen en wilde alsnog een vrije trap voor de overtreding op Cruijff enkele minuten daarvoor. Toen Thomas hem uiteindelijk ook een rode kaart gaf, weigerde de dwarse middenvelder het veld te verlaten. De scheidsrechter smeekte de Nederlandse bank hem te helpen Van Hanegem van het veld te krijgen. Thomas was ten einde raad en leek zelfs een moment een staking te overwegen. Uiteindelijk wandelde Van Hanegem doodgemoedereerd van het veld, meteen tegen een journalist vertellend dat hij niet bepaald onder de indruk was van de autoritaire houding van de scheidsrechter: "Ik ben geen hond. Als hij iets tegen mij wil zeggen, moet hij naar mij toe komen." Met die regels maakte Van Hanegem eens te meer duidelijk dat leidsman en spelers een totaal ander beeld van normen en waarden hadden.

De vrijgevochten Nederlanders waren totaal niet gewend aan de aartsconservatieve Clive Thomas en uiteindelijk eindigde de verlenging in 3-1. Het zou het laatste eindtoernooi zijn waarop de legende Cruijff actief zou zijn. Helaas had hij in 1976 vooral zijn mond, en minder zijn benen, laten spreken.

Wedstrijdgegevens:
16 juni 1976
Tsjecho-Slowakije 3 – 1 Nederland.
Doelpunten: Ondruš (20′), Ondruš (e.d.) (71′), Nehoda (102′), Veselý (114′)
Maksimirstadion
31.000 toeschouwers
Scheidsrechter: Clive Thomas

Nederland:
Schrijvers, Van Kraaij, Suurbier, Rijsbergen (37′ Van Hanegem), Krol, Neeskens, Jansen, W. van de Kerkhof, Rep (67′ Geels), Cruijff , Rensenbrink, Cruijff, W. van de Kerkhof.
Rode kaarten: Neeskens (76′), Van Hanegem (116′)
Reserves: Ruiter, Jongbloed, Arntz, Peters, R. van de Kerkhof
Trainer: George Knobel

5 december 1982: De Cruijff – Olsen penalty

In 1982 schoten de Ajaxieden Johan Cruyff en Jesper Olsen samen een ‘afschuif-penalty’ in het doel van Helmond Sport. In de tweeëntwintigste minuut viel één van de merk- waardigste treffers ooit. Søren Lerby bereidde die voor door gestrekt te gaan in het zestienmetergebied. Cruijff, die in deze wedstrijd zijn 200ste doelpunt voor Ajax kon gaan scoren, nam plaats achter de bal om de penalty te nemen.

Na het fluitsignaal van scheidsrechter Jan Manuel schoot hij echter niet van de stip direct hard in, maar legde nij de bal doodgemoedereerd breed op de snel toe sprintende Jesper Olsen. De aalgladde Deen had geen moeite om de overrompelde Helmond Sport-doelman Versfeld uit te spelen en zette weer voor op Cruijff, die het unieke een-tweetje koelbloedig afmaakte, en de voetbalwereld weer eens op z’n kop zette.

Cruijff zou hier later over zeggen:"Ooit nam ik samen met Jesper Olsen bij Ajax een penalty in tweeën. Laat ik maar eerlijk zijn, dat was gewoon een grap. Had het 0-0 gestaan, dan was het natuurlijk niet gebeurd. Maar we stonden zo’n eind voor dat de spanning uit de wedstrijd was en met deze grap probeerden we de supporters toch nog te vermaken. Nou, dat is gelukt."

"Het is een van de weinige keren dat ik een strafschop genomen heb. Dat het er [bijna] nooit van gekomen is, heeft vooral te maken met het gegeven dat ik bij Ajax (Henk Groot en Gerrie Mühren), Barcelona (Carlos Rexach) en het Nederlands elftal (Johan Neeskens) altijd een perfecte nemer in de ploeg had."

1982: De CruijffOlsen variant op een penalty.
foto: onbekend

Mislukte poging

Heel serieus was de poging van Arsenal-speler Henry. 22 jaar na Cruijffs surprisegoal probeerde hij hetzelfde: Arsenal stond met 1-0 voor tegen Leicester City en samen met Robert Pires poogde hij ‘de Cruijff-penalty’, zoals hij hem zelf noemde, te imiteren. Pires raakte de bal echter niet goed en dus kon Henry de poging niet verzilveren. In de verwarring gaf de scheidsrechter zelfs een vrije schop aan de tegenpartij, al begreep niemand waarom. De geschrokken Henry beloofde in elk geval, tot opluchting van zijn verbaasde trainer Wenger, dat hij het nooit meer zou doen.

Origineel van Rick Coppens

Toch is deze door velen aan Cruijff toegewezen truc niet uniek. De Belgische international Rik Coppens heeft een dergelijk huzarenstukje zelfs uitgehaald in een interland tegen IJsland. Coppens was een artiest op het veld. In België wordt hij ook wel ‘Koning Penalty’ genoemd. In zijn hele carrière schijnt hij geen enkele belangrijke penalty gemist te hebben. In de interland tegen IJsland gaf Coppens een pasje licht vooruit naar rechts, waar "Popeye" Pieters van Standard Luik de bal oppikte. De IJslandse doelman rent op Popeye af, die naar Coppens terugspeelt, waarna deze de bal rustig het doel inloopt. Coppens: "Veel gemakkelijker dan wanneer je hem er in je eentje moet inschieten. En het spektakel, jongen, het spektàkel moet toch voorrang hebben."

Daar kunnen we ons volledig bij aansluiten.

Bronnen en referenties
haveanicewinetoday.nl, vergetenhelden.blogspot.com, deskybox.wordpress.com – Remy Maessen, ANP, Brabants Dagblad, goal.com, NRC, nrcreader.nl, Elesevier, Toeval is logisch-Johan Cruijff van A tot Z -Willem Baartse, Penalty. Het trauma van Oranje – Henri van der Steen, Volkskrant, ajaxblog.nl, historieen.nl