(71) 1992: 13 mei Ajax wint UEFA cup

Het begin van het Van Gaal tijdperk

Met recht mag de periode 1991-1997 worden betiteld als het tijdperk Van Gaal. Alleen Jack Reynolds en Rinus Michels wisten het team zo volledig naar hun hand te zetten als de oerfanatieke Louis van Gaal in die jaren deed. Het eerste succes liet niet lang op zich wachten. Een team met naast ervaren rotten als Jan Wouters en Danny Blind weer vooral veel jonge talenten, zoals Bryan Roy, Michel Kreek, Frank de Boer, Wim Jonk en de briljante schaduwspits Dennis Bergkamp, wist verrassend door te dringen tot de finale van de UEFA-Cup.

Daarin werd over twee wedstrijden afgerekend met het Italiaanse Torino. De eerste UEFA-Cup winst uit de geschiedenis van de club was een feit. Daarmee schaarde Ajax zich in een illuster gezelschap van clubs met alle drie de europacups in het prijzenkabinet dat, behalve de Amsterdammers, bestaat uit Juventus, Barcelona en Bayern Müchen.

De weg naar de finale

In het seizoen ’91/’92 keerde Ajax was weer terug in Europa, nadat het een jaar Europees voetbal (uitgerekend Europacup I) had moeten missen als gevolg van het staafincident. Datzelfde incident was er de oorzaak van dat Ajax de eerste drie thuiswedstrijden moest afwerken op minstens tweehonderd kilometer afstand van Amsterdam; het werd Düsseldorf.

De tegenstand in de eerste ronden was zwak. Het Zweedse Örebro SK en het Oost-Duitse Rot-Weis Erfurt werden zonder de geringste moeite aan de kant geschoven (het was het laatste jaar dat Oost-Duitse ploegen in Europa actief waren; ze speelden al in de Bundes- liga, maar mochten nog wel Europees uitkomen. Erfurt had trouwens in de eerste ronde het zwaar favoriete FC Groningen uitgeschakeld).

Daarna wachtte het echte werk, maar Ajax bleef zonder al teveel moeite overeind tegen Osasuna en AA Gent. Het won in Spanje door een doelpunt van Bergkamp, en alleen de uitwedstrijd in België verliep moeizaam; het werd een bloedeloze 0-0, maar na die wedstrijd kondigde Wim Jonk al aan dat Ajax in Amsterdam geen spaan van Gent heel zou laten – hij kreeg gelijk, het werd 3-0.

Ajax was nog altijd ongeslagen toen het in de halve finale moest aantreden in het Luigi Ferraris-stadion te Genua, om daar Genoa partij te geven. Het werd een legendarische wedstrijd. Al na 40 seconden legde rechtsbuiten Van ‘t Schip een messcherpe voorzet op het hoofd van Stefan Pettersson: 0-1. Tegen ieders verwachting in, Ajax’ zegereeks was zeer veelbelovend geweest, maar niemand ging van uit dat Ajax tegen een Italiaanse tegenstander een kans zouden maken (de Italiaanse competitie was op dat moment met afstand de sterkste van Europa).

Maar Ajax speelde onbevangen, en vroeg in de tweede helft lag de 0-2 in het net. Het was een komische goal. Een schot van Aron Winter stuiterde via de onderkant van de lat terug het veld in. Een Italiaanse verdediger rende wild gebarend naar de scheidsrechter om aan te geven dat de bal de doellijn niet was gepasseerd. Hij schonk daarbij geen enkele aandacht aan Bryan Roy, die de bal voor zijn voeten zag caramboleren en hem totaal ongehinderd in het lege doel kon schuiven.

Twee snelle goals van Genoa brachten de spanning geheel terug in het duel, en opeens zaten alle Ajacieden op het puntje van hun stoel. Zou het alsnog fout gaan? Integendeel. Dennis Bergkamp stuurde kort voor tijd Aron Winter weg die de keeper met een magistrale stift passeerde: 2-3. De return in het Olympisch Stadion werd nog even spannend toen Genoa op 0-1 kwam, maar nadat Dennis Bergkamp vroeg in de tweede helft de gelijkmaker had binnengeknald, was het Italiaanse verzet gebroken. Ajax stond in de finale tegen Torino.

UEFA Cup 1991/1992

18 september 1991 AJAX – Örebro SK 3-0
2 oktober 1991 Örebro – SK AJAX 0-1
23 oktober 1991 Rot Weiss Erfurt – AJAX 1-2
6 november 1991 AJAX – Rot Weiss Erfurt 3-0
27 november 1991 Osasuna – AJAX 0-1
11 december 1991 AJAX – Osasuna 1-0
4 maart 1992 AA Gent – AJAX 0-0
18 maart 1992 AJAX – AA Gent 3-0
1 april 1992 Genua – AJAX 2-3
15 april 1992 AJAX – Genua 1-1

UEFA Cup-winst 1992

De finale werd over twee wedstrijden gespeeld. De heenwedstrijd vond plaats op 29 april 1992 in Stadio delle Alpi in Turijn, het stadion van Juventus.

Ajax speelde de eerste wedstrijd opnieuw in Italië en wederom een bloedstollend spannende wedstrijd. Wim Jonk opende de score met een weergaloos afstandsschot waarop keeper Marchegiani zich totaal verkeek omdat de bal door het merkwaardige effect op het laatste moment een scherpe bocht naar rechts maakte. Ajax raakte de greep op de wedstrijd daarna steeds verder kwijt.

Wim Jonk juicht na zijn historische treffer in Turijn.
foto: onbekend

De Braziliaan Walter Casagrande schoot zijn ploeg op voorsprong, en kort voor tijd stond Ajax met 2-1 achter. Toen begon Dennis Bergkamp aan een solo die hem in het Italiaanse strafschopgebied bracht, alwaar hij opzichtig werd gehaakt. Stefan Pettersson benutte de pingel, de wedstrijd eindigde in 2-2 en Ajax kon vol vertrouwen uitkijken naar de return.

Een juichendeStefan Petterson na zijn benutte penalty in de uitwedstrijd tegen Torino.
foto: onbekend

En dan de return in een uitverkocht Olympisch Stadion. Het duel eindigde in een brilstand maar was alles behalve bloedeloos. Zelden is er in het Olympisch Stadion een bloed- stollender 0-0 gespeeld als in de finale van de UEFA-cup 1992. Zonder de zieke Bergkamp was Ajax zichzelf niet, en Torino heerste op alle fronten. Supertalent Lentini (wiens carriere later zo tragisch zou worden beïnvloed door een zwaar auto-ongeluk) en Casagrande waren voortdurend gevaarlijk.

De paal en de drie keer lat (een paar minuten voor tijd!) moesten eraan te pas komen om het doelpuntloos gelijkspel op het bord te houden. Torino mocht zich de morele winnaar noemen, maar daar had Ajax geen boodschap aan. De ploeg van Louis van Gaal hield Torino in deze wedstrijd op 0-0 en door de uitdoelpunten mocht Ajax de UEFA Cup in ontvangst nemen.

Pettersson werd vlak voor tijd de wedstrijd uitgeschopt en sommigen kunnen zich vast nog wel de Italiaanse trainer herinneren die uit emotie een stoel in de lucht steekt.

In een interview met de Telegraaf in 2017 weet Pettersson naar eigen zeggen van die bewuste UEFA Cup-finale tegen Torino alles nog. Na zijn belangrijke doelpunt, een strafschop in de heenwedstrijd (2-2), viel hij in de return vlak voor tijd uit, omdat zijn elleboog uit de kom raakte na een charge van Roberto Policano. ‘Mister Ajax’ zoals hij door Michael van Praag werd genoemd, moest naar de Eerste Hulp post van het VU ziekenhuis en miste daardoor de prijsuitreiking in het Olynpisch Stadion.

De spelers van AJax wilden Pettersson hoe dan ook meenemen naar de huldiging in de Stadsschouwburg en scheurden vanuit het stadion met de spelersbus naar het ziekenhuis om hun ploeggenoot op te halen. De toen 29-jarige publiekslieveling kon niet mee, omdat hij nog in zijn voetbaltenue rondliep. "Later werd ik in een politiebusje naar het Leidseplein gebracht. Ik was er nét op tijd" aldus de pechvogel die in 1987 ook met Götenborg de UEFA Cup finale won.

Ajax Winnaar UEFA Cup
foto: onbekend

Wedstrijdgegevens:
29 april 1992
Torino 2 – 2 Ajax
Doelpunten: Casagrande 65′, 82′, Jonk 17′, Pettersson 73′ (pen.)
13 mei 1992
Ajax 0 – 0 Torino

Ajax:
1 Stanley Menzo, 3 Sonny Silooy, 2 Danny Blind, 4 Wim Jonk, 5 Frank de Boer, 6 Aron Winter, 8 Michel Kreek (80′), 10 Rob Alflen, 7 John van ‘t Schip, 9 Stefan Pettersson, 11 Bryan Roy (65’).
Wisselspelers: 12 Edwin van der Sar, 14 Marciano Vink (80′), 15 John van Loen (65′), 16 Alfons Groenendijk, 17 Dan Petersen.
Coach: Louis van Gaal

Torino:
1 Luca Marchegiani, 2 Roberto Mussi, 6 Roberto Cravero (58′), 4 Luca Fusi, 5 Silvano Benedetti, 10 Rafael Martín Vázquez, 11 Giorgio Venturin, 7 Enzo Scifo (62′), 3 Roberto Policano, 8 Gianluigi Lentini, 9 Walter Casagrande.
Wisselspelers: 12 Raffaele Di Fusco, 13 Gianluca Sordo (58′), 14 Sandro Cois, 15 Giorgio Bresciani (62′),
16 Christian Vieri.
Coach: Emiliano Mondonico

Bronnen en referenties
voetbalhistorie.net, ajax.blog.nl, ajax.netwerk.to