(17) 1962: 26 april International Football Club finale:
Ajax-Feijenoord 4-2

Klassieker op Europees Niveau


Kenners van de Nederlandse sportgeschiedenis denken bij het jaartal 1962 en het Olympisch Stadion onmiddellijk aan de legendarische Europa Cup 1-finale tussen Real Madrid en Benfica. Vlak daarvoor werd in dit stadion nóg een internationale voetbalfinale gespeeld, maar die lijkt door iedereen vergeten. Het Olympisch Stadion was ruim een halve eeuw geleden de plek waar Ajax zijn eerste grote internationale prijs won: de Intertoto. Dat gebeurde op 26 april 1962 in een finale tegen – nota bene – Feyenoord. Een vergeten finale.

Een voornaam doel van de ‘Internationaler Fussball Cup’, zoals de Intertoto officieel heette, was het opdoen van internationale ervaring. Een bijkomend voordeel van de wedstrijden in dit toernooi, waarvan de voorwedstrijden aan het einde van het seizoen werden gespeeld, waren de inkomsten uit voetbaltoto’s. Nederland werd in het Intertoto- toernooi vertegenwoordigd door de bovenste vier clubs uit de Eredivisie. Naast Ajax en Feyenoord verdedigden ook Sparta en VVV de landseer.

International Football Cup 1961/62

De International Football Cup van 1961-62 was de eerste editie van het Europese voetbal- toernooi, dat later de Intertoto Cup zou gaan heten. Het toernooi was bedoeld voor Europese clubs die om in de zomermaanden extra wedstrijden te spelen en geld te genereren. Buiten de vier clubs uit Nederland, waren Oost-Duitsland, Oostenrijk, Tsjechoslowakije, Zweden en Zwitserland eveneens vertegenwoordigd met 4 teams. Uit West-Duitsland namen zes clubs deel en uit Polen twee clubs.

De teams werden verdeeld in acht groepen van vier clubs. Er waren A-groepen voor oostelijk gelegen landen in Europa: Oostenrijk, Tsjechoslowakije, Oost-Duitsland en Polen. De B-groepen waren voor westelijk gelegen landen: Nederland, Zweden, Zwitserland. Clubs uit West-Duitsland werden in beide groepen geplaatst. De acht winnaars van de acht groepen, stroomden door naar de knock-outronden. Hier werden teams uit de A-groepen tegen de B-groepen geloot.

De weg naar de finale

Ervaringen in het Europese clubvoetbal deed Ajax onder meer op tegen Malmö FF, First Vienna (4-3, kwartfinale) en Slovan Bratislava (5-1, halve finale) waarin vooral Co Prins met drie doelpunten een groot aandeel had. Op weg naar de finale won Feyenoord (onder leiding van Franz Fuchs) van Spartak Hradec Kralové en Baniks Ostrava (beiden uit het voormalige Tsjechoslowakije)

De landgenoten van Feyenoord stonden in elk geval garant voor een interessante editie van de Klassieker; Ajax zou zijn eerste Europese prijs niet cadeau krijgen.

De Feyenoorders waren de thuisspelende partij op 26 april 1962. Ajax trad onder het kunstlicht van het ‘eigen’ Olympisch aan in de hagelwitte reserveshirts. Co Prins droeg speciaal voor deze eindstrijd voor het eerst de aanvoerdersband van Ajax.

Olympisch Stadion of de Kuip

Het was toen nog niet duidelijk of de finale in het Olympisch Stadion of in de Kuip zou worden gespeeld, want daarvoor was eerst een loting nodig. "De Amsterdamse burgemeester Van Hall zal morgen ten aanzien van vertegenwoordigers van beide verenigingen een keuze doen uit twee mogelijkheden" aldus het Leidsch Dagblad van 7 april 1962.

Olympisch Stadion Amsterdam
foto: onbekend

Burgemeester Van Hall van Amsterdam had de keuze uit twee briefjes en tot genoegen van zijn voetballende stadgenoten liet hij het briefje met hierop Stadion Feijenoord liggen. Een mooie, enerverende finale volgde. Welgeteld 40.260 mensen kwamen naar het Olympisch Stadion, hetgeen niet naar de zin was van Feijenoord-voorzitter Cor Kieboom. Hij wees er op dat de finale veel beter in de Kuip gespeeld had kunnen worden, want wat was dat nou voor een rare voetbalstad, dat Amsterdam? In de vijf wedstrijden die aan de finale vooraf gingen (tegen FK Pirmasens, FC Zürich, IFK Malmö, First Vienna en Slovan Bratislava), had Ajax gemiddeld nog geen 7.500 toeschouwers getrokken. Nee, dan Feijenoord. Gemiddeld bijna 25.000 man tegen IFK Göteborg, Schalke 04, La Chaux-de-Fonds, Spartak Hradec Kralové en Banik Ostrava. Kieboom wilde er maar mee zeggen dat het er gewoon 65.000 waren geweest, wanneer Van Hall beter had geloot.

Feijenoord – Ajax 2-4

Op 26 april zaten daar ruim 40.000 toeschouwers voor een bijzonder spannende wedstrijd, In de eerste helft, waarin met name Sjaak Swart op dreef was, gaat het spel op en neer en komt Feyenoord twee keer van een achterstand terug, in een finale die tot de ruststand 2-2 gelijkop ging. Als Ajax in de tweede helft met 3-2 voor komt te staan zoekt Feyenoord de aanval. Helaas komt Feyenoord niet verder dan een bal op de lat van Pummy Bergholtz en een buitenspeldoelpunt van Henk Schouten.

Ajax-trainer Keith Spurgeon zag tot zijn tevredenheid Henk Groot driemaal toeslaan, Broer Cees Groot had al vroeg in de wedstrijd Ajax op voorsprong gebracht. Henk Groot besliste in de laatste minuut van de wedstrijd met een goal definitief de wedstrijd. Het leverde Ajax de eerste internationaal aansprekende trofee op in de Amsterdamse prijzen- kast. In decennia daarna zouden nog veel meer, en vooral ook veel aansprekendere hoofd- prijzen volgen. De Intertoto kan Ajax echter niet meer winnen. In het jaar 2009 werd dit toernooi opgeheven. De Intertoto werd dat jaargang samen met de UEFA Cup samengevoegd tot de bekende Europa League.

De voetballende nozem Co Prins was de Edgar Davids van zijn tijd. Hij misdroeg zich voortdurend en dat had trainer Keith Spurgeon er na overleg met het bestuur toe gebracht Cootje tot aanvoerder te promoveren. Qua gedrag hielp het niets. Aanvoerder of niet, Co bleef schelden en schoppen. Maar mooi dat hij na afloop wel de prijs in ontvangst mocht nemen. Het was geen Cup, noch een Schaal, doch een beeld van een keeper in glijvlucht. De keeper draagt kniebeschermers en doet onmiddellijk aan Jan Jongbloed denken.

(Diezelfde Co Prins speelde twintig jaar later trouwens mee in de speelfilm ‘Escape to Victory’ met Sylvester Stallone en Pele in de hoofdrol.)

1962 gelegenheidsaanvoerder Co Prins met de Intertoto prijs.
foto: onbekend

Ajax won zo voor de eerste keer een Europese hoofdprijs, maar desondanks is er geen enkele bewegend beeld terug te vinden. Waarschijnlijk waren alle beschikbare camera’s toen in gebruik om elke beweging vast te leggen van Benfica en Real Madrid, die op 2 mei 1962 in het Olympisch Stadion de Europa Cup 1-finale speelden.

In het seizoen 2001-2002 speelden Feyenoord en PSV trouwens in de de kwartfinale van de UEFA Cup tegen elkaar. Veel sportjournalisten omschreven dit treffen toen als de eerste Europese wedstrijd ooit tussen twee Nederlandse teams. Dat was dus niet zo, want dat gebeurde al op 26 april 1962.

Wedstrijdgegevens:
26 april 1962
Feijenoord – Ajax 2-4
Doelpuntenmakers: Cees Groot 0-1 10′, Frans Bouwmeester 1-1 11′, Henk Groot 2-1 26′, Cor van der Gijp 2-2 43′, Henk Groot 3-2 62′, Henk Groot 4-2 90′
Olympisch Stadion, Amsterdam
Toeschouwers: 40,260

Ajax:
Bertus Hoogerman, Kees Smit, Piet Ouderland, Werner Schaaphok, Ton Pronk, Ben Muller, Sjaak Swart, Henk Groot, Cees Groot, Ko Prins, Piet Keizer.

Feyenoord:
Eddy Pieters Graafland, Gerard Kerkum, Cor Veldhoen, Reinier Kreijermaat, Hans Kraaij, Gerard Bergholtz, Rinus Bennaars, Henk Schouten, Cor van der Gijp, Frans Bouwmeester en Coen Moulijn.

1962 Ajax met o.a. Co Prins, Sjaak Swart en Henk Groot en op de voorgrond Werner Schaaphok vieren het 1ste international succes voor Ajax.
foto: onbekend

De "verdwenen" troffee

De troffee, het beeldje van een vallende keeper, was zoekgeraakt, maar in 2002 werd er een replica gemaakt en aan de nog levende Ajacieden uit 1962 in de Arena uitgereikt. Raar zaakje met dat beeld van die keeper. Gestolen? Verstopt? Een Amsterdamse Theo Maassen, die er met deze hoofdprijs vandoor is gegaan? In zijn standaardwerk 95 Jaar Ajax heeft auteur Evert Vermeer de kwestie niet kunnen oplossen. ‘Na enkele jaren is hij uit de prijzenkast verdwenen’.

Mysterie opgelost

De troffee leek voorgoed verdwenen totdat journalist Matty Verkamman op onderzoek ging en het mysterie snel had opgelost. Hij pakte de eerste reglementen van de Intertoto- competitie er bij en had het mysterie snel opgelost. Het Intertotobeeld was, heel simpel, een wisselprijs! De winnende club kreeg vijftien medailles en mocht de hoofdprijs maar even houden. Ajax heeft het beeld nog geen jaar in de kast gehad.

Op 3 april 1963 stond Slovan Bratislava er in Italië, na winst op AC Padova, mee te jubelen. Een jaar later was de zwevende keeper opnieuw voor Slovan Bratislava en hierna ging "Jongbloed" naar Polonia Bytom, Lokomotive Leipzig en Eintracht Frankfurt. In Frankfurt mocht men "Der Jan" houden, want op 17 juni 1967 werd Eintracht de laatste winnaar door in de return-finale tegen Inter Bratislava -gefloten door onze eigen Wim Schalks- in de verlenging de beslissende treffer te maken.

Man of the Match: Henk Groot (en zijn broer Cees)

In 1959 stapten de beide broers (Henk en Cees) van Telstar over naar Ajax. Bij zijn debuut, tegen NAC, wist Henk Groot het net te vinden. Ajax won de wedstrijd met 3-0 en Henk Groot nam alle treffers voor zijn rekening. Hij bleef scoren en werd dat seizoen topscorer van de competitie met 38 doelpunten, 9 meer dan zijn broer Cees die derde werd op de topscorerslijst. In zijn eerste seizoen won hij met Ajax zijn eerste landskampioenschap.

Een jaar later vestigde Henk Groot een nog steeds ongeëvenaard record binnen Ajax door 41 doelpunten te maken in de competitie. In totaal maakte hij dat seizoen zelfs 65 goals, de doelpunten in het beker- en Intertoto-toernooi erbij opgeteld. In de eredivisie heeft alleen Coen Dillen er meer gescoord in één seizoen (43 doelpunten in het seizoen 1956-1957).

Henk Groot had zich bij Ajax op de transferlijst laten zetten omdat de club niets had gedaan met een bod uit Italië van Lanerossi Vicenza. Door het transfersysteem was het voordeliger als de speler zichzelf op de transferlijst zette. Met gemengde gevoelens hoorde Groot dat hij voor een bedrag van 250.000 gulden werd overgenomen door Feyenoord in 1963. Hij speelde daar twee seizoenen en kwam tot 33 treffers in de competitie. In zijn tweede seizoen bij de Rotterdamse club won hij zijn tweede landskampioenschap. Met Ajax ging het in de tussentijd steeds minder (13de in 1964/65), tot de komst van Jaap van Praag als voorzitter. Voor een destijds fors bedrag van 400.000 gulden kocht Ajax de spits terug. Naar verluidt was de terugkomst van Groot een eis van de nieuwe trainer Rinus Michels.

Henk Groot, hier in dienst van Ajax, scorend tegen Feijenoord.
foto: onbekend

In 1969 raakte hij geblesseerd aan zijn knie door een doodschop die hij van een Poolse speler kreeg tijdens een interlandwedstrijd met het Nederlands elftal. Door deze blessure kwam aan zijn sportieve carrière abrupt een einde. Naast zijn broer Cees speelde zijn veel jongere broer Rob Groot ook bijna nog voor Ajax. Op het laatste moment ketste de overname van de Telstar speler echter af.

Henk Groot is een van de zes spelers die in de klassieker tussen Feyenoord en Ajax in dienst van beide ploegen gescoord hebben. De andere vijf zijn Johan Cruijff, Keje Molenaar, Ruud Geels, Ronald Koeman en Angelos Charisteas. Henk Groot is de enige speler die in De Meer en De Kuip voor zowel Ajax als Feyenoord gescoord heeft.

Op de lijst van de doelpuntenmakers van de eredivisie staat hij op de zesde plek met 195 doelpunten. Hij moet Willy van der Kuijlen, Ruud Geels, Johan Cruyff, Kees Kist en Tonny van der Linden voor zich laten. Op de lijst van doelpuntenmakers van Ajax staat hij op de vierde plaats. Hij moet alleen Piet van Reenen, Johan Cruyff en Sjaak Swart voor zich dulden. Henk Groot en Arnold Scholten zijn de enige spelers die van Ajax naar Feyenoord gingen, om later terug te keren naar Ajax.

1965. Henk Groot scoort, nu namens Feijenoord, tegen Ajax met ex-teamgenoot Theo van Duijvenbode op de grond.
foto: Kees Molkenboer

Bronnen en referenties
ajax.nl, 100 jaar Ajax – Evert Vermeer en Marcelle van Hoof, lunaticnews.nl, Trouw, olympischstadion.nl