(43) 1974: 7 juli WK finale: Duitsland – Nederland 2-1

Het grootste nationale sporttrauma

Geen enkele wedstrijd uit de geschiedenis is zoveel besproken als de finalewedstrijd van het WK in Duitsland op 7 juli 1974. Met Nederland als favoriet liep de droomfinale uiteindelijk uit op een grote teleurstelling, verlies en dus geen wereldkampioen. Nederland de complimenten, West-Duitsland de hoofdprijs. Dat is in één zin de samenvatting van de tiende strijd om de wereldbeker in 1974. Het toernooi zou de geschiedenis ingaan als het evenement waarop het Nederlandse totaalvoetbal van Rinus Michels hoogtij vierde. Veel is hierover reeds geschreven en de meningen lopen uiteen. De grote vraag blijft onbeantwoord: Had Nederland, gezien de speelstijl, recht op de overwinning? 

De vraag is of we er ooit overheen komen. En of het helpt dat er nog altijd veel over wordt geschreven: Auke Kok, ‘1974. Wij waren de besten’ kwam uit in april 2004; Chris Willemsen en Lex Muller, ‘Heel Holland juicht. Dertig jaar Oranjevoetbal’ werd daarna uitgegeven en later kwam een tweetalige editie van Hard Gras, die geheel geweid was 1974.

Het WK ’74, moeten we het daar dan nog een keer over hebben? Moet er weer zout in de wond? Alles is toch gezegd, geschreven en getoond over ons nationaal sporttrauma ? Ja, inderdaad. Maar de vraag blijft waarom wíj in godsnaam verloren.

"We hebben vergeten de tweede goal te maken." Dat was de mening van Johnny Rep over het wedstrijdverloop in de finale. Misschien scoorde Nederland te gemakkelijk (penalty) en te vroeg (1e minuut.) Het is zeker waar dat na de snelle voorsprong Nederland niet gebruik maakte van dat voordeel.

Ook de Siegfried Drach, die als Duitse sportjournalist Oranje volgde en tevens fan was, bekent dat hij dacht dat de wedstrijd gelopen was na de vroege 1-0. In zijn euforie was hij ervan overtuigd dat Nederland niet meer kon verliezen: al na die eerste minuten probeert hij alle bij zijn collega’s uitstaande weddenschappen te innen. Begrijpelijkerwijs trappen die daar niet in. "Ik heb ruim 1600 Mark verloren die wedstrijd, voor die tijd toch een hoop geld", glimlacht hij vele jaren later.

Nederland leek zich tevreden te stellen met het in de ploeg houden van de bal en stormden niet naar voren zoals ze in de wedstrijden daarvoor steeds hadden gedaan. Het was veelbetekenend dat Berti Vogts greep begon te krijgen op spelmaker Cruijff. Omdat het vloeiende element van het Oranjespel was aangetast, begonnen de Duitsers zich in de wedstrijd terug te vechten, met als gevolg de wedstrijdkanteling in de 25e minuut.

Het zelfvertrouwen van de 1974 generatie.

De Hollanders vallen niet alleen op door hun goede spel. De spelers onderscheiden zich ook uiterlijk van de andere landen. "Het mooie aan Oranje was de onverschilligheid. Spelers liepen erbij met lang haar en ongeschoren koppen, shirt uit de broek met een houding van: ‘Wie maakt ons wat?’. Jullie zijn een braaf en netjes voetballand, maar wij gaan iets bijzonders doen. En we trekken ons nergens wat van aan. Dat was te zien in het spel, maar ook in het gedrag", zo beweert Chris Willemsen, auteur van het boek ‘Heel Holland juicht. Dertig jaar Oranjevoetbal’.

Voetbalhistoricus Simon Kuper ziet maar één vergelijkbaar land: Duitsland. "Dat stond te boek als strak, gedisciplineerd. Maar dat was niet helemaal zo in 1974. Een man als Breitner gaf zich uit als maoïst, had een baard, zei opmerkelijke dingen. Beckenbauer zei ook intelligente dingen. Van andere landen zoals de DDR en Uruguay kon je dat niet verwachten.".

Willemsen ziet wel een verband tussen het losse Nederlandse elftal en de Nederlandse samenleving van toen. "Ik denk dat het één niet zonder het ander kan; het voetbal is ook een spiegel van de samenleving". Siegfried Drach, die als Duitse sportjournalist het Nederlands Elftal volgt, ziet die parallel. "Ik was altijd al een fan van Amsterdam, omdat die stad voor mij de meest multiculturele stad was. En dit team deed me heel veel denken aan Amsterdam omdat ze speelde zoals men zich het leven en de levensvreugde in Amsterdam voorstelt".

Voor Simon Kuper markeert 1974 het begin van het zelfvertrouwen van de Nederlander. "Niet dat je alles aan het voetbal moet vastmaken, maar Nederland was een land met een ontluikend zelfvertrouwen. Nederland was een perfecte democratie. Nederland kreeg bij het buitenlands beleid de functie van gidsland en wilde dat de wereld laten zien. Het idee van morele superioriteit ontstond en in het voetbal had je dat ook: dat wij het puurste, mooiste, aanvallendste voetbal speelden en dat andere landen dat maar over moesten nemen", zo meent Kuper.

WK finale 1974: Nederlands elftal.
foto: onbekend

Berucht zijn de verhalen over de festiviteiten die zich afspelen in het hotel waar de Nederlanders tijdens het toernooi verblijven: het Waldhotel in Hiltrup, niet ver van Munster. Historicus Auke Kok beschrijft in zijn boek 1974. Wij waren de besten uitvoerig hoe het er aan toeging in het Waldhotel, waar de spelers de zes weken van het toernooi verblijven. Wat vooral opvalt is de grote hoeveelheid drank en sigaretten die erdoor gaat. Niet alleen de spelers maken het ’s nachts laat, ook de meegereisde bondsbestuurders kunnen er wat van. Kok beschrijft de spelers als een soort popsterren, haast sekssymbolen, die doen wat hen goeddunkt en zich gedragen hoe het ze uitkomt. Trainer Rinus Michels is vaak weg; zijn club Barcelona speelt op hetzelfde moment in het toernooi om de
Spaanse beker.

De Duitse tegenstander.

In het afgelegen dorpje Malente in Noord-Duitsland bereidde het West-Duitse elftal zich voor op het WK. De wereldtitel moest in 1974 de kroon worden op de carrière van Franz Beckenbauer, Der Kaiser. Tweede in 1966, een derde plaats in 1970. Dit was zijn laatste kans. Maar Duitsland begon het WK dramatisch. Als dan ook nog de broederstrijd tegen de DDR verloren gaat, is de crisis in het West-Duitse kamp totaal. De DDR won deze historische wedstrijd met 0-1. De Oost-Duitse overheid had zijn ploeg minutieus voorbereid en gecontroleerd onder de naam "Operatie Leder".

Sport in de DDR speelde een politieke rol. Het was voor de toenmalige machthebbers van enorm belang om zich hiermee te onderscheiden op het internationale podium. Dat hiervoor doping is gebruikt, is inmiddels bekend. Ook bij het voetbal werd alles op alles gezet om in 1974 de grote vijand te verslaan: West-Duitsland. En dat in eigen huis.

Vlak na dit onverwachte verlies tegen de DDR barste op een nacht de bom. Bondscoach Helmut Schön is ontredderd en Beckenbauer moet leiderschap tonen. En de ommekeer volgt. Vanaf dat moment groeit de teamgeest en gaat het vele malen beter met Duitsland.

1974:BRD-DDR (West-Duitsland-Oost-Duitsland) uitslag 0-1. Jürgen Sparwasser (links)scoort het enige doelpunt.
foto: onbekend

Na de blamage tegen Oost Duitsland moest West-Duitsland zich revancheren in een puur Europese poule. De weer eens veel te flegmatieke Joegoslaven werden met een regelmatige 2-0 verslagen, o.a. dankzij opnieuw een kanonskogel van Paul Breitner. Tegen één van de revelaties van dit toernooi Zweden had West-Duitsland het erg moeilijk. Voor rust stond Zweden met 1-0 voor dankzij een goal van de spits van PSV Ralf Edström. Na de rust gaf de thuisploeg meteen gas en kwam met 2-1 voor, maar Zweden toonde karakter en scoorde meteen de gelijkmaker. In de slotfase besliste invaller Jürgen Grabowski en Uli Hoeness de wedstrijd: 4-2.

De wedstrijd West-Duitsland-Polen een veredelde halve finale, waarbij West-Duitsland genoeg had aan een gelijkspel. Polen was zwaar in het nadeel als aanvallende ploeg door de hevige regenval, alle aanvallen sneuvelden in het water. In de tweede helft nam Duitsland het heft in handen, eerst miste Uli Hoeness een strafschop, maar een typische goal van Gerd Müller besliste de wedstrijd. Met geweldige reflexen zorgde doelman Sepp Maier, dat Polen ondanks een geweldig toernooi de finale niet haalde.

Maar laten we de Duitsers niets tekort doen. Vanwege zijn alleenheerschappij in het begin van de jaren zenventig steekt het elftal van Beckenbauer, Breitner en Müller boven de andere Duitse lichtingen uit, zelfs boven het Duitse succesteam van de jaren negentig. Het zegenvierende WK-team van 1974 was typisch Duits. De verdediging bestond uit louter getalenteerde voetballers, onder wie Berti Vogts, een blonde terriër op de backpositie, de aanvallende hoofdman Paul Breitner, Uli Hoeness de ongecompliceerde speler die zelden een bal verloor en natuurlijk Franz Beckenbauer. Voor hem stond een zeldzaam atletisch en energiek middenveld; het vleugelspel van Grabowski gaf Wolfgang Overath afspeel- mogelijkheden voor zijn fluwelen linker en leverde munitie voor het niet aflatende loopvermogen van de nieuwe ster Rainer Bonhof. Helemaal voorin liep Gerd Müller, een spits met een onbetaalbaar neusje voor de goal, ook als de rest het elftal aan het worstelen was. Dit was geen dreamteam. Dit was echt.

De zwembad-affaire van Oranje.

Beroemd is de zwembadaffaire in het hotel in het Duitse Hiltrup tijdens het WK voetbal in 1974. Na de wedstrijd tegen Oost-Duitsland zochten de spelers wat vertier. In het Wald- hotel Krautkrämer in Hiltrup gingen wat spelers waaronder Johan Cruijff zwemmen met een aantal naakte dames. Een Duitse journalist onder een valse naam en zogenaamd als vertegenwoordiger heeft weten in te checken in het hotel. De dag voor de halve finale tegen Brazilië verscheen een artikel in de krant met de kop: "Johan Cruijff, Sekt und Nakte Mädchen".

Het verhaal in Bild veroorzaakte een enorme rel. Johan Cruijff, andere spelers en de KNVB deden verwoede pogingen om de affaire in de doofpot te stoppen. De concentratie voor de finale tegen West-Duitsland werd verstoord, omdat met name de vrouw van Cruijff eiste, dat hij onmiddellijk terug naar huis ging onder dreiging van een scheiding. Later gaf de journalist toe dat het verhaal flink opgeklopt was, maar de Duitsers hadden wel hun zin. Cruijff speelde in de finale zijn minste wedstrijd van het toernooi.

In 2001 gaf oud-international René van de Kerkhof in het AD echter aan dat zich wel degelijk een en ander had afgespeeld in en rond het zwembad van het spelershotel.

De twee supersterren en aanvoerders Cruijff en Beckenbauer ontmoeten elkaar in de finale.
foto: EPA/STAFF

De finale

Voor vele Westduitse en Nederlandse voetbalfans is 7 juli 1974 een dag om nooit te vergeten. De WK-finale West-Duitsland – Nederland in München. Trainer op de bank bij Nederland: Rinus Michels, trainer op de bank bij West-Duitsland: Helmut Schön, de man met de onafscheidelijke pet. Die zaterdag, boekte Schön zijn grootste triomf en beleefde Michels zijn grootste deceptie.

Schön had zich goed voorbereid en een tactische meesterzet bedacht door Ulli Hoeness aan Wim van Hanegem te koppelen op die manier werd de angel uit het Nederlandse middenveld gehaald. De aanvoer naar de voorste linie stokte. Het inbrengen van Grabowski in de laatste wedstrijden van het toernooi was eveneens van belang voor Duitsland. Zijn aanwezigheid verhinderde dat de gevreesde Krol zich met de aanval kon bemoeien.

Oranje hanteerde een speelstijl waarbij spelers voortdurend van positie wisselden: verdedigers doken op in de voorhoede, aanvallers schuwden verdedigende taken niet. Het bracht Oranje, met Johan Cruijff als grote blikvanger, voor het eerst in zijn historie in een finale op een groot toernooi. Nederland had tot aan de eindstrijd tegen het West-Duitsland van Kaiser Franz Beckenbauer veertien keer gescoord in zes wedstrijden en slechts één doelpunt om de oren gekregen. Oranje zette die trend voort door al na een dikke minuut te scoren tegen de oosterburen, die op dat moment de bal nog niet hadden aangeraakt. 

De Engelse scheidsrechter Jack Taylor wilde al fluiten voor de aftrap van de finale toen hij zag dat de cornervlaggen nog niet waren geplaatst. Toen dat eenmaal was gebeurd, trapte Nederland af. Oranje speelt de bal rond, Cruijff komt vanuit de voorhoede de bal ophalen en neemt hem mee naar voren, sprint, speelt een aantal Duitsers voorbij en struikelt dan over het uitgestoken been van Uli Hoeness. Arbiter Taylor uit Engeland aarzelde geen moment. Penalty !

1e minuut in finale: Penalty ! Cruijff wordt onderuit gehaald door Uli Hoeness
foto: ANP

Die werd genomen door Johan Neeskens. Deze wilde de bal aanvankelijk rechts van keeper Sepp Maier schieten, maar toen Maier gewaarschuwd werd door aanvoerder Franz Beckenbauer, knalde Neeskens de bal in een wolk van krijt de bal recht door het midden achter keeper Sepp Maier. De stand was 1-0. Als extra vernedering joeg Neeskens de bal nog voor een tweede keer tegen de touwen, de op zijn knieën zittende doelman Sepp Maier verbijsterd achterlatend. De wedstrijd is twee minuten oud en er is nog geen Duitser aan de bal geweest.

De strafschop was overigens niet eens terecht. Beeldje voor beeldje terugkijkend kan er geen andere conclusie zijn dan dat Taylor de overtreding van Uli Hoeness op Cruijff niet met een penalty had mogen bestraffen. De fout werd buiten het strafschopgebied gemaakt, net niet er binnen. Maar een kniesoor die daarop let.

Johan Neeskens knalt de penalty recht door het midden achter Sepp Maier.
foto: onbekend

Nederland drong vervolgens niet meer aan, maar ook Duitsland speelde aanvankelijk afwachtend. Na ongeveer twintig minuten hervond Duitsland zich. De Mannschaft was wel vaker in belangrijke wedstrijden met een achterstand geconfronteerd, en kon daar goed mee omgaan. Bij een Duitse aanval drong aanvaller Bernd Hölzenbein het strafschopgebied binnen, waar hij over het uitgestrekte been van Wim Jansen viel. Taylor wees opnieuw naar de penaltystip. Jansen beweerde later de Duitser niet geraakt te hebben.

25e minuut; fopduik van Bernd Hölzenbein over het been van Wim Jansen.
foto: onbekend

Verdediger Paul Breitner schoot de strafschop langs Jan Jongbloed, die op het verkeerde been stond. Na 25 minuten was de stand zo 1-1.

Paul Breitner verzilvert de versierde penalty 1-1.
foto: onbekend

De West-Duitsers zetten door, verhoogden het tempo en creëerden diverse kansen. In de 43e minuut belandde de bal bij Gerd Müller, Bomber der Nation, die de bal met de rug naar het doel aannam. Hij draaide zich vlot om en schoot de bal in de verre hoek. 1-2 voor West-Duitsland.

De vraag bij dit bijna "rollertje" van Gerd Müller staat ook open; was dit een houdbare bal voor keeper Jan Jongbloed ?

43e minuut: Gerd Müller zorgt voor de uiteindelijke einduitslag: 2-1.
foto: picture alliance / EMPICS Sport

Nadat Taylor had gefloten voor de rust, kreeg Johan Cruijff op weg naar de kleedkamer een gele kaart wegens zijn aanhoudende geklaag tegen de scheidsrechter. In de tweede helft nam Nederland het initiatief. Het vloeiende combinatiespel en de overmacht waarmee Oranje eerder in het toernooi indruk had gemaakt, ontbraken echter. En geen van de circa vijf kansen werd verzilverd. De Duitse doelman Sepp Maier heeft nog een fantastische reddding op een schot van Johan Neeskens. Spelverdeler Cruijff speelde zijn slechtste wedstrijd. Ook West-Duitsland kreeg nog kansen.

Een doelpunt van Müller werd ten onrechte afgekeurd wegens buitenspel. Hölzenbein viel in de slotfase in het strafschopgebied weer over een been van Jansen, maar dit keer werd er, onterecht, geen strafschop gegeven. De wedstrijd eindigde dus op 1-2, West-Duitsland was wereldkampioen. En Beckenbauer en niet Cruijff kwam naar voren als de grote man.

Het is het grote nationale sporttrauma: de gedroomde wereldkampioen: wij waren beter, maar we verloren de finale. Een nog andere openstaande vraag is of de zwembad-affaire onthullingen in Bild voor het debacle van zondag 7 juli 1974 zorgde.

Nederland maakte wel veel indruk tijdens het toernooi en werd wereldberoemd om het gespeelde ‘totaalvoetbal’.

Behalve Oranje speelde ook Oost-Duitsland een opvallende rol door in de eerste officiële interland tegen West-Duitsland meteen te zegevieren (1-0 in de groepsfase, doelpunt Jürgen Sparwasser). Verder was er een hoofdrol voor een fris spelend Polen, dat in Grzegorz Lato de topscorer van het toernooi in huis had.

Wedstrijdgegevens:
7 juli 1974
Olympiastadion, München
West-Duitsland – Nederland 2-1
Toeschouwers: 75.200
Scheidsrechter: Jack Taylor (Engeland
Doelpunten: Neeskens  2′ (pen.),  25′ (pen.) Breitner,  43′ Müller

Nederland:
8 Jan Jongbloed, 20 Wim Suurbier, 17 Wim Rijsbergen (69′), 2 Arie Haan, 12 Ruud Krol, 6 Wim Jansen, 13 Johan Neeskens, 3 Wim van Hanegem, 16 Johnny Rep, 14 Johan Cruijff, 15 Rob Rensenbrink (46′).
Wisselspelers: 10 René van de Kerkhof (46′), 7 Theo de Jong (69′)
Coach: Rinus Michels

West-Duitsland:
1 Sepp Maier, 2 Berti Vogts, 5 Franz Beckenbauer, 4 Hans-Georg Schwarzenbeck, 3 Paul Breitner, 16 Rainer Bonhof, 12 Wolfgang Overath, 14 Uli Hoeness, 9 Jürgen Grabowski, 13 Gerd Müller, 17 Bernd Hölzenbein.
Coach: Helmut Schön

Terugblik (vele jaren later)

We hadden het beste team van de wereld, maar wereldkampioen werden we niet, omdat in de finale het oude oorlogssentiment waarschijnlijk een te grote rol speelde. Het waren bij Oranje stuk voor stuk jongens van de gestampte pot. Van huis uit hadden ze meegekregen dat Duitsers geen fijne mensen waren. Van sommige spelers was dat wel te begrijpen. Willem van Hanegem had op 11 september 1944 een groot aantal familieleden tijdens het bombardement op Breskens verloren, onder wie zijn vader en zijn broertje Izak.

Wim Suurbier had ook familie tijdens de oorlog verloren. En de gezinnen van doelman Jan Jongbloed (van 1940) en de in Duitsland eerst aangewezen, doch niet volledig fitte libero Rinus Israël (1942) hadden in Amsterdam de hongerwinter overleefd. Net als bondscoach Rinus Michels trouwens, die anders dan zijn spelers bewust de ellende van het laatste oorlogsjaar had meegemaakt.

Dat er in 1974 binnen de selectie een anti-Duits sentiment bestond, was onmiskenbaar – zeker toen zij ook nog eens onze tegenstanders in de finale werden – hoewel die houding toch ook voor een niet gering deel bestond uit de bekende grappen over Duitsers. Over gestolen fietsen die we terug wilden hebben.

We hadden met Jongbloed een goede doelman, maar niet de beste doelman en dat heeft er mede toe geleid dat we in 1974 geen wereldkampioen werden. De beste doelman was Jan van Beveren, zonder enige discussie. Volgens kenners is Jan van Beveren dan ook nog altijd de beste Nederlandse keeper aller tijden. Dat konden de eerstverantwoordelijken zichzelf aanrekenen. Dat waren bondscoach Rinus Michels en sterspeler Johan Cruijff. Michels had in nauw overleg met Cruijff er alles aan heeft gedaan om Van Beveren niet in West-Duitsland te laten keepen. Achteraf is er het verhaal van gemaakt dat Cruijff een voorkeur zou hebben voor een ‘meevoetballende keeper’. Zo’n keeper was Jongbloed in de ogen van Cruijff.

Wie de beelden nog eens terugziet, kan niet anders dan concluderen dat dit een zwaar overtrokken verhaal was. Jongbloed rende wel eens een enkele keer diep het veld in, om dan de bal te trappen die normaal door een verdediger zou zijn getrapt.

Het blijft natuurlijk onmogelijk om het te bewijzen, maar met Van Beveren in het doel waren we wel wereldkampioen waren geworden. In de finale zou hij tenminste één goal en wellicht zelfs beide doelpunten hebben voorkomen.

Bij de rake penalty van Paul Breitner (1-1, na 25 minuten) manifesteerde Jongbloed zich als de enige keeper van de wereld die niet reageerde op een penalty. Jongbloed was een goede keeper, maar in de finale dook hij bij de penalty niet eens naar een hoek. Jan van Beveren zou tenminste naar een hoek zijn gegaan.

En de winnende goal van Gerd Müller – een frommeldraai, die Ruud Krol te machtig was nadat libero Arie Haan had laten zien dat hij geen verdediger was maar een middenvelder – zou voor Van Beveren absoluut een prooi zijn geweest.

PSV’er René van de Kerkhof beweerde jaren later, dat door het niet meedoen van Jan van Beveren Nederland twee wereldkampioenschappen was misgelopen. Dat lijkt me wat overdreven, maar één wereldkampioenschap op zijn minst. Kijk naar de finale van 1974 tegen Duitsland en zie het gestuntel van Jan Jongbloed en dan weet je genoeg.

Selectie Nederlands elftal:

De selectie bestond uit 22 voetballers, waaraan Rinus Michels op unieke wijze rug- nummers heeft toegewezen. Wat Rinus Michels precies bezielde zullen we nooit weten, maar de verdeling van de rugnummers was voor ‘de Sfinx’ een uitgemaakte zaak. Rugnummers werden verdeeld op alfabetische volgorde, iets dat een land als Argentinië in die tijd ook altijd deed. Zo speelde Osvaldo Ardiles tijdens het WK 1982 met een 1 op z’n rug.

Rugnummer 1 was in 1974 voor Ruud Geels, 2 was Haan, 3 van Hanegem enzovoort. Uiteraard werd er voor Johan Cruijff een uitzondering gemaakt, Cruijffie mocht met z’n ‘vaste’ rugnummer 14 spelen. Dit tot frustratie van Van Hanegem, die in dat geval graag met ‘zijn’ nummer 10 had willen spelen. Maar Michels besloot alleen voor Cruijff een uitzondering te maken en dat is maar goed ook, ander had de ster van het WK 1974 met nummer 1 gespeeld…

De selectie, met rugnummer, van het Oranje tijdens het WK 1974 in West-Duitsland op alfabetische volgorde:

14 Cruijff, Johan, 1  Geels, Ruud, 2 Haan, Arie, 3  Hanegem, Willem van, 4  Iersel, Cees van 5  Israël, Rinus, 6  Jansen, Wim, 7  Jong, Theo de, 8  Jongbloed, Jan, 9  Keizer, Piet 10 Kerkhof, René van de, 11 Kerkhof, Willy van de, 12 Krol, Ruud, 13 Neeskens, Johan 15 Rensenbrink, Rob, 16 Rep, Johnny, 17 Rijsbergen, Wim, 18 Schrijvers, Piet, 19 Strik, Pleun 20 Suurbier, Wim, 21 Treytel, Eddy, 22 Vos, Harry.

"Nummer 14" in de WK finale met Berti Vogts.
foto: onbekend

Troostfinale van het WK 1974.

In de troostfinale van het WK 1974 speelden de nummers twee van de tweede groepsfase tegen elkaar voor de derde plek. De wedstrijd ging tussen Brazilië en Polen, verassend genoeg won Polen met 1-0 van Brazilië door een doelpunt van Lato. Hierdoor werd Polen derde op het WK 1974.

De nasleep – doping.

In 2013 is Duitsland in rep en roer na het verschijnen van een rapport van de Humbdolt Universiteit uit Berlijn betreffende het gebruik van verboden middelen door sporters. Ook werd verwezen naar voetbal. Het rapport werd onthuld door de Süddeutsche Zeitung. Aangezien de West-Duitse regering onderzoeken naar epo, testosteron etc. financierde, is het niet ondenkbaar dat de Duitse Mannschaft stijf stond van de doping. De onderzoekers van de Humbdolt-Universität Berlin stellen dat voetballers de ‘grootste afnemers van verboden middelen’ waren, zo schreef De Telegraaf in augustus 2013.

Vastgesteld is dat een aantal Duitse voetballers die in 1954 het WK voetbal wonnen Pervitin gebruikten, gefinancierd door de overheid. Efedrine werd bij drie spelers van de WK finale van 1966 aangetroffen en vanaf 1970 kregen Duitse sporters doping als epo, anabolen en testosteron toegediend. Dit laatste via door de Duitse overheid gefinancierde programma’s.

Volgens de onderzoekers van de Berlijnse universiteit begon het systematische dopinggebruik met de oprichting van het Bondsinstituut voor Sportwetenschap in 1970. Wegens de Olympische Spelen van München in 1972 zou de politiek hebben aangezet tot dopinggebruik. De politiek in Duitsland reageerde geschokt en eisten opheldering over het systematische gebruik van de verboden middelen.

Het door de Süddeutsche Zeitung onthulde rapport werd destijds niet openbaar gemaakt uit vrees voor schadeclaims.

Johan Cruijff schreef over de Duitse dopingkwestie in zijn column in Telesport: "Tijdens de finale van 1974 is me niets vreemds opgevallen. Ik wist toen niet beter dan dat West-Duitse voetballers altijd groter en flinker dan wij waren. Daarover werd altijd gezegd dat dit kwam omdat ze meer bier dronken."

De nasleep – de Duitse penalty.

Op de laatste dag van 1997, 23 jaar na de traumatische WK-finale tussen de nationale voetbalploegen van Duitsland en Nederland, kwam het hoge woord er dan eindelijk uit…."Ik kan het nu wel toegeven", verklaarde Vogts, destijds rechtsback van de Duitse ploeg die de wereldtitel won ten koste van het Nederlands elftal. "De scheidsrechter stond er niet goed voor toen Jansen Hölzenbein verdedigde. De camera achter het doel liet zien dat de beslissing ons een strafschop toe te kennen een vergissing was." In de 25ste minuut viel Hözenbein over het been van Jansen en maakte Breitner van elf meter 1-1. Geen der Duitse internationals heeft over de versierde strafschop gesproken. Vogts is de eerste. Hölzenbein hield, desgevraagd, nog steeds vol dat Jansen hem onderuit had gehaald en dat de penalty terecht was toegekend.

De fopduik van Hölzenbein.
foto: onbekend

De finale kantelde destijds in die beruchte 25ste minuut toen scheidstechter Taylor, die lof verdiende door een vroege penalty tegen het gastland, de moed verloor en Hölzenbein beloonde voor een schandalige fopduik waar een scheidsrechter van een schoolwedstrijd niet ingetuind zou zijn. Taylor had gewaarschuwd moeten zijn: Hölzenbein had ook in de halve finale tegen Polen op oneerlijke wijze een penalty versierd. Tomaszowski stopte echter de penalty van Hoeness.

Bronnen en referenties
Algemeen Dagblad, Wij waren de besten – Auke Kok, npogeschiedenis.nl, Voetbal International, Volkskrant, Trouw.